Per ongeluk burgers gedood door bommen

Wat is er de afgelopen week gebeurd in en rondom de Nederlandse missie in Afghanistan? Een zelfmoordaanslag in Tarin Kowt en escalatie van geweld in heel Afghanistan.

De zelfmoordaanslag in Tarin Kowt was donderdag niet tegen de Nederlandse militairen gericht, die in deze provinciehoofdstad van Uruzgan hun voornaamste basis hebben, maar tegen de Afghaanse politiepost ter plaatse. De Nederlandse militairen kwamen wel in actie: de ‘Quick Reaction Force’ van het Nederlandse detachement zette de plaats des onheils – waar één politieman de dood vond en drie zwaar gewond raakten – af en de Nederlandse Explosieven Opruimingsdienst maakte nog een onontplofte granaat onschadelijk.

Aanslagen als deze behoorden, net als bermbommen, tot de risico’s waarmee de Nederlandse politiek en legerleiding terdege rekening hielden toen begin dit jaar de beslissing viel mee te doen aan de operatie ISAF in het Zuiden van Afghanistan. Anders ligt dat voor de veldslagen die ook dit weekeinde weer op verschillende plaatsen in het Zuiden van Afghanistan plaatsvonden – die vormen een nieuwe ontwikkeling.

Ergens in Uruzgan sneuvelden zaterdag een Amerikaanse instructeur en een Afghaanse militair, drie andere Amerikanen werden zwaar gewond. Gedurende vier uur slaagden de Afghanen, met hun Amerikaanse instructeurs, erin zich een groep van 100 à 150 Talibaan van het lijf te houden. Waar een en ander precies plaatsvond, onthult het communiqué van de NAVO niet – van Nederlandse kant zijn er geen mededelingen over verstrekt, dus misschien was het in het noordelijke deel van de provincie, waar de Nederlanders voorshands niet komen. De gesneuvelde Amerikaan maakte wel deel uit van de ISAF-operatie, niet van Operation Enduring Freedom.

De andere veldslag woedde bij het plaatsje Panjwai in de provincie Kandahar, waar eerder deze maand al een zelfmoordaanslag op Canadese ISAF-militairen had plaatsgevonden. In de nacht van zaterdag op zondag leverden ISAF-militairen urenlang slag met honderden Talibaan, van wie er volgens de plaatselijke politiechef meer dan 70 dood achterbleven. Vijf Afghaanse regeringssoldaten sneuvelden eveneens. Aan de kant van ISAF zouden geen slachtoffers zijn gevallen. Een Talibaan-woordvoerder had tegenover een persbureau in Pakistan een andere balans: 12 dode Talibaan en meer dan 30 gedode ISAF- en Afghaanse militairen.

Het lijkt een relatief rustige week te zijn geweest in de provincie Helmand, waar Britse ISAF-soldaten de afgelopen weken bijna dagelijks in gevechten waren verwikkeld. Wel viel daar zaterdag een Britse dode, nabij het plaatsje Sangin, en kwamen elders drie Afghaanse politieagenten om door een bermbom.

En dan hebben we het alleen nog maar over de opvallendste voorvallen in wat door de meeste waarnemers als een escalatie wordt gezien – heel Afghanistan beleeft de heftigste periode van geweld sinds buitenlandse troepen er eind 2001 onder Amerikaanse leiding een einde maakten aan het bewind van de Talibaan. Uit de westelijke provincie Farah kwamen zaterdag zes Afghaanse politieagenten om. In de oostelijke provincie Kunar – nog geen ISAF-gebied – sneuvelden drie Amerikanen. Nabij Zhari werden zestien Canadezen gewond bij een mortieraanval. Bij de stad Kandahar werden vijftien leden van een Afghaanse medische ploeg ontvoerd.

Een bombardement uit de lucht leidde deze week tot hernieuwde spanningen tussen de Afghaanse overheid en de buitenlandse militairen. In de oostelijke provincie Paktika zouden abusievelijk donderdag tien Afghaanse militairen zijn gedood. President Karzai gelastte een onderzoek. Al eerder heeft hij zich zeer kritisch uitgelaten wanneer bij een bombardement Afghaanse burgers of regeringsaanhangers omkwamen. Zaterdag deed hij dat bij een militaire parade in Kabul ter gelegenheid van de 87ste herdenking van het eind van de Britse overheersing van Afghanistan: „Zulke vergissingen leiden tot verliezen bij ons volk en maken hen kwaad. De campagne tegen het terrorisme zou moeten worden geregeld in coördinatie met onze eigen veiligheids- en defensieautoriteiten”.