Met nieuw schooljaar beginnen de zorgen

Gratis onderwijs kan in Indonesië nog steeds onbetaalbaar zijn. USAID heeft onderwijs tot een van haar speerpunten gemaakt, om religieuze intolerantie te voorkomen.

Het klaslokaal lijkt uit de jaren vijftig van de vorige eeuw te stammen. Dertig donkere schoolbanken, allemaal voorzien van een schuin, bekrast tafelblad en een voetsteuntje, staan strak in rijen van vijf. Alleen ontbreekt de ingebouwde inktpot rechts bovenin en hangt er een portret van de huidige Indonesische president. Het schooljaar is net begonnen, voor routine is het nog iets te vroeg in het seizoen, de kinderen zijn opgewonden.

Voor veel ouders van de kinderen op staatsschool Bangka 06, nabij Jakarta, is het begin van het schooljaar een maand van zorgen. Want een school kost geld, ook al is een school gratis. Voor de onderwijzers begint weer de last van de twee banen, want van lesgeven alleen kun je niet leven.

Tussen de werkelijkheid van het klaslokaal en de discussies op seminars over onderwijs in de hoofdstad bestaat een schril contrast. Instellingen als de Wereldbank, de Asian Development Bank of het Ministerie van Onderwijs praten in Jakarta over modern onderwijs, interactieve technieken en de sociaal-economische vooruitgang die ervan kan worden verwacht. Onderwijs moet in de grootste moslimdemocratie ter wereld ook de sleutel tot een tolerant klimaat zijn. Het Amerikaanse agentschap voor internationale ontwikkeling, USAID, heeft onderwijs in islamitische landen een van haar speerpunten gemaakt.

Maar voor hoofdonderwijzeres Haly Manisah van staatsschool Bangka 06 draait de dagelijkse praktijk om versleten leerboeken en een toelage voor invalkrachten. Gekleed in een groen trainingspak en met hoofddoek laat ze enthousiast haar school zien. Klagen doet ze niet, maar aan alles is te merken dat het behelpen is.

De school telt 252 leerlingen, onder wie 250 moslims. Zij krijgen godsdienstles op school, de twee katholieke kinderen gaan één keer per week naar de pastoor. Per leerling krijgt de school van de overheid ongeveer vier euro voor boeken en ander lesmateriaal per jaar. „Te weinig”, zegt Haly Manisah.

Een heel klein deel van Indonesische kinderen gaat naar dure particuliere scholen of naar zogeheten plusscholen. Hier wordt met een stevige ouderbijdrage geïnvesteerd in vakbekwame docenten en enkele uren behoorlijke Engelse les per week.

Maar voor het overgrote deel van de 36 miljoen lagere schoolkinderen zijn het de poorten van de openbare staatschool of de islamitische staatsschool die weer zijn opengegaan.Voor ouders en onderwijzers begint elk jaar opnieuw weer een ingewikkeld spel om de eindjes aan elkaar te knopen. Onderwijs is gratis, maar er zijn bijdragen voor het uniform, voor schoolboeken, voor het bouwfonds, voor afscheidscadeautjes van onderwijzers, en wat al niet. Dat kan oplopen tot 65 euro per jaar, berekende de Indonesische organisatie voor straatkinderen Isco. En dat, zegt activiste Ramida Siringoringo, „is een onmogelijk bedrag voor een arm gezin”. Bijna eenvijfde van de Indonesische gezinnen heeft minder dan twee euro per dag te besteden.

Een deel van dat schoolgeld verdwijnt in de zakken van de onderwijzers. Zeker nu ze ook als tussenpersoon mogen optreden bij de verkoop van schoolboeken. Maar ook de onderwijzers moeten wat; zij verdienen vijftig tot 65 euro per maand. Dus hebben ze er allemaal een baan bij, als taxichauffeur, brommertaxichauffeur of tuinman. En rommelen ze, als ze de kans krijgen, een beetje met ouderbijdragen.

De organisatie voor de straatkinderen helpt arme ouders en staat geregeld bij schoolhoofden voor de deur om inzage in de boeken te eisen. Ramida: „Ik zie ook wel dat onderwijzers vaak niet anders kunnen, maar een fatsoenlijk salaris moeten ze niet ritselen over de ruggen van arme ouders.”

Hoewel USAID geen toegang heeft gekregen tot de particuliere islamscholen (20 procent van alle lagere scholen), zijn de Amerikanen inmiddels wel actief op duizend islamitische staatsscholen. Volgend jaar worden dat er 2.500. Onderwijzend personeel krijgt bijscholing in moderne lesmethoden en een extra toelage. Schoolhoofden leren een inzichtelijke boekhouding te voeren. Het onderwijsniveau op deze scholen is het laatste jaar opzienbarend verbeterd.

De Amerikanen moesten weliswaar beloven dat ze zich niet met het curriculum zouden bemoeien, maar de praktijk doet zijn werk: bij onderwijs waar het initiatief meer bij de leerlingen ligt, komen vanzelf onderwerpen en invalshoeken aan de orde die in het voorgeschreven curriculum niet zijn voorzien. Bovendien introduceert USAID binnenkort een Indonesische versie van Sesamstraat en ook dat betekent een afwijking van het lesprogramma.

Of schoolhoofd Manisah van Bangka 06 van het Amerikaanse initiatief heeft gehoord? „Jazeker, de Amerikanen en de dollars zijn hier meer dan welkom”.