‘Ik ben voor een hard asielbeleid’

Arno Visser (VVD) wil als woordvoerder asielbeleid niet met kiezers in gesprek over individuele zaken.

Voor een zwervend meisje maakte hij een uitzondering.

Arno Visser, Tweede-Kamerlid voor de VVD, beheert drie portefeuilles die bij uitstek reacties oproepen, zegt hij. Visser voert het woord over tbs, asielbeleid en studiefinanciering. Toen hij vorig jaar een parlementaire commissie ging leiden die onderzoek deed naar het tbs-beleid, stroomden de e-mails binnen.

Maar ook nu, in een relatief rustige periode, kost het Visser een uur per dag om post te lezen en te beantwoorden – in overgrote meerderheid e-mails. Het moeilijkst te beantwoorden zijn e-mails over het asielbeleid.

„Vaak gaat het om mensen die denken dat ik iets kan doen aan individuele gevallen. Maar daar ben ik niet voor.” Meestal, zegt Visser, „laat ik ongefundeerde kritiek niet over mijn kant gaan. Ik ben voor een hard asielbeleid. Als wij als enige land in Europa soft worden, zullen mensenhandelaren daar massaal misbruik van maken. Dat schrijf ik ook terug.”

Niene Oepkes, die werkt voor Vluchtelingenwerk Utrecht, stuurde in de Kerstdagen van 2003 een e-mail aan de Kamerleden die over asielzaken gaan. Het ging om een meisje van achttien jaar uit Sierra Leone. Ze was op straat beland en als prostituee gaan werken op Hoog Catharijne.

De aanvraag voor een verblijfsvergunning was op een dood spoor beland, onder meer omdat het meisje analfabeet is en de aanvraag zoek was. Minister Verdonk stopte rond die tijd de uitbetaling van leefgeld aan 4.000 ex-ama’s, uitgeprocedeerde vluchtelingen die als minderjarige asielzoeker Nederland binnenkwamen.

Oepkes: „Dat meisje was een slachtoffer van overheidsregels die niet op elkaar aansloten. Niemand voelde zich meer verantwoordelijk voor haar, dat wilde ik de Kamer laten weten.” Ze schreef een e-mail, waarin ze de zaak uitlegde. Ze sloot een beetje plechtig af.

Alleen Arno Visser reageerde. „Normaal ga ik niet op casuïstiek in, maar deze mail was zo zakelijk dat ik dacht: hier is echt wat mis. Ik schrok enorm. Een slachtoffer van mensensmokkel, misbruikt, uitgeprocedeerd. Alles zat tegen in haar leven.” Het leerde hem, zegt hij, „dat we in een cynische wereld leven”. Hij stuurde een brief naar minister Verdonk, waarin hij aandacht vroeg voor kinderen die door de strengere leefgeldregeling van de minister geen kant meer uit konden. Ook pleitte hij voor een ruimere toepassing van de zogeheten B9-regeling, die opvang garandeert voor asielzoekers die het slachtoffer zijn van mensenhandel.

Bijna drie jaar en tientallen e-mails later is er voor het meisje uit Sierra Leone nog steeds geen oplossing. Ze zit nog steeds in een procedure voor een verblijfsvergunning, en die procedure verloopt moeizaam.

Maar Niene Oepkes is toch tevreden. Het ging haar er niet om, zegt ze, „dat een politicus een individuele zaak zou adopteren”. Een voorbeeld heeft een Kamerlid tot nadenken gestemd, dat is voldoende voor haar.

Oepkes: „Vluchtelingenwerk en de VVD zijn niet bepaald elkaars bondgenoten. Toch leren Arno en ik veel van elkaar. Ik denk dat ik hem met de mailcorrespondentie laat zien dat asielbeleid om mensen gaat. En hij leert mij ook dingen. Hij heeft me goed uitgelegd waarop het liberale asielstandpunt is gebaseerd. Dat stemt mij weer tot nadenken.”