Speelgoed van het Jaar kapen?

Niemand doet het. Naar de gemeente bellen of de klinkers twee weken eerder kunnen komen. De gemeente kondigt renovatie aan van de straat. Er komen andere klinkers. Het materiaal zal worden aangevoerd op de dag voor het werk begint.

Klinkers op pallets, ingepakt in folie. Het kost je kind moeite om een paar stenen los te wrikken. Om mee te spelen. Als de jongens in de straat een beetje kunnen samenwerken en de ruige meiden mogen meedoen, bouwen ze zich nog deze zomeravond een huis van klinkers waar ze, mag het pap, mag het mam, in blijven slapen tot de stratenmakers ze morgenochtend weer naar huis sturen.

Voor hetzelfde geld kan de gemeente de materialen twee weken eerder brengen. Voor de kinderen in de straat die er dan twee weken lang plezier aan beleven – op het ene na dat een klinker op zijn voet kreeg en in het gips moest.

Niemand doet dat. Opbellen naar de gemeente voor klinkers voor de lol. En dan nog, de gemeente zal daar gek zijn.

Ooit in een kleine plaats in Zuid-Holland. Hoofd Gemeentewerken was ook commandant van de brandweer. De brandweerauto kon niet meer, er kwam een nieuwe. Wat te doen met de oude?

Er was een veld voor de jeugd. Kaal gras. Had je geen bal, dan kon je er niet veel. Het hoofd Gemeentewerken dacht niet lang na. Hij reed de brandweerauto het veld op. Klaar. Puur geluk voor de kinderen van het dorp.

Zoiets mag vast niet meer van het bestemmingsplan. En mocht het van de gemeente, dan kwam de Voedsel- en Waren Autoriteit de brandweerauto als speelgoed verbieden, want je kunt je er pijn aan doen.

In verschillende Europese landen, ook in Nederland, zijn organisaties die zich – soms op wetenschappelijke hoogte – bezighouden met de kwaliteit van het spelen. Speelt het moderne kind wel goed genoeg? In Groot-Brittannië is aan 543 kinderen van 7 tot 14 jaar in Noord-Ierland, Schotland en Wales gevraagd: wil je liever, buiten spelen of op de computer?

Veruit de meeste kinderen (86 procent) zeiden liever buiten te spelen en een groot deel daarvan zei dat het maar zo weinig kan.

Nog een keus. Liever in de straat of liever in een park. De meesten (82 procent) willen een park. Ja, ga maar eens kijken in de straten van steden in de Britse provincies waar de enquête werd gehouden.

Maar dat is daar. Hoe zou het hier zijn?

Wipkippen met een hek eromheen.

Sensationeel speelmateriaal is er nauwelijks. Als er een dakpan naar beneden komt zet de brandweer meteen de omgeving af – ik zag het gebeuren in Delft – en verbiedt kinderen de scherven van straat op te rapen. Voor stoepkrijt ga je maar naar Bart Smit.

De verkiezing van het Speelgoed van het Jaar zou gekaapt moeten worden. De prijs zou naar een kar met klinkers moeten. Of naar zomerverse balen stro (per stuk 1 tot 2 euro, 17 tot 20 kilo zwaar, 50×50×100 centimeter).

Maar wat moet een kind met balen stro? Stomme vraag. Trakteer de straat op stro en kijk wat er gebeurt.

Wouter Klootwijk