Op de bres voor kauw en kraai

Boeren schieten al jaren lastige vogels af.

De Europese Commissie wil dat verbieden, maar de regering werkt niet mee.

Gespannen staat Jaap van Vossen tussen het struikgewas onderaan de dijk bij het Zeeuwse Sint-Annaland. De loop van zijn jachtgeweer wijst omhoog, klaar om te vuren. Als schuin vanachter hem een houtduif aan komt vliegen, legt hij aan. Dan valt het schot. De onfortuinlijke duif raakt van koers, maar weet toch verder te vliegen.

De Nederlandse houtduif is vogelvrij sinds hij enige jaren geleden op de ‘landelijke vrijstellingslijst’ is geplaatst. Net als de kraai, de kauw en de Canadese gans mag de houtduif het hele jaar door worden beschoten. Volgens statistieken van de jagers zelf schieten ze jaarlijks een half miljoen houtduiven dood ongeveer 250.000 kraaien en kauwen.

Maar de vogels worden gesteund door de dierenliefhebbers van De Faunabescherming. Via de Europese Unie proberen zij rust in het leven van de kraai en houtduif te brengen. Daarbij stuiten ze echter op verzet van boeren, jagers én de Nederlandse regering. Die verdedigen zich met het argument dat de populatie van bijvoorbeeld kraaien en kauwen alleen maar groter lijkt te worden.

Toch heeft De Faunabescherming met de Europese Vogelrichtlijn een belangrijke troef in handen. Deze verbiedt het lidstaten om vogels op de landelijke vrijstellingslijst te plaatsen, althans zo interpreteert de faunabescherming het. Zij dringt er bij minister Veerman (Landbouw, CDA) dan ook al jaren op aan om slechts plaatselijke ontheffingen te verlenen voor het afschieten van vogels die overlast veroorzaken.

In het voorjaar boekten de dierenbeschermers succes. Ze hadden een klacht gestuurd naar de Europese Commissie, het dagelijks EU-bestuur. Deze besloot tot een zogenoemde inbreukprocedure tegen Nederland. De Commissie deelt voorlopig de mening van De Faunabescherming dat Nederland de vogels niet landelijk vogelvrij mag verklaren.

In een vertrouwelijke reactie die de Nederlandse regering vorige week naar Brussel stuurde, weigert zij evenwel ‘schuld’ te bekennen. Daardoor bestaat er nu een kans dat de zaak voor het Europese Hof van Justitie komt, wat mogelijk tot een veroordeling van Den Haag leidt. Nederland blijft erbij dat er in het hele land sprake is van grote schade aan landbouwgewassen en dat er geen „andere bevredigende oplossing” bestaat dan het massaal afschieten.

„Bedrog”, noemt een woordvoerster van De Faunabescherming dit. Volgens haar veroorzaken de vogels inderdaad schade aan fruit, tarwe, broccoli en andere gewassen, maar altijd plaatselijk en op beperkte schaal. Ook nemen boeren volgens haar lang niet altijd andere maatregelen, zoals het plaatsen van knalapparaten.

Aan tafel in het boerenbedrijf van Han van Vossen wordt onbegrijpend geknikt in reactie op de „goede kennissen” van De Faunabescherming. Jaarlijks schieten hij en zijn broer Jaap honderden kraaien, kauwen, houtduiven en Canadese ganzen af. „Vooral kraaien en kauwen zijn erg slim. Ze zijn snel gewend aan een knalapparaat. Afschieten werkt gewoon het beste. Als ze zien dat een van hun vriendjes het loodje legt, duurt het even voor ze terug komen.”

Ook collega-boeren Leen van Doorn en Tonny Pot hopen dat de vogels op de vrijstellingslijst blijven, hoewel dit betekent dat ze bij schade geen vergoeding van het Faunafonds krijgen. „Daarom zet de minister ook graag vogels op die lijst. Dat scheelt een hoop aan uitbetaling van schadevergoedingen”, aldus Van Vossen.

Leen Van Doorn roept regelmatig zijn hulp in. „Ik kan zo’n knalapparaat niet plaatsen, want mijn boomgaard ligt vlak naast het dorp. Dan worden de mensen helemaal gek.”

Pot meent ook dat boeren de vrijheid moeten hebben om te schieten. Al zegt hij even later dat het allemaal maar weinig helpt. „Ze komen toch weer terug en het lijken er altijd weer even veel te zijn”, zegt hij.

Dat is ook een argument van De Faunabescherming tégen het schieten. „Onder natuurlijke omstandigheden komen in een populatie lang niet alle vogels tot succesvolle voortplanting. Er zijn er veel zonder nestplaats die gedode exemplaren direct vervangen. Het afschieten is daarom zinloos”, zegt de woordvoerster.

„Schieten op houtduiven doe je niet voor de lol”, zegt Han van Vossen. „Dat is puur schadebestrijding. Al wil het wel eens een uitdaging zijn om een kraai te raken. Die heeft op iedere veer een oog, zeggen wij wel.”

Plotseling klinkt er een verschrikkelijk gekrijs. Het blijkt een geluidsinstallatie die angstkreten van kraaien in nood verspreidt. Even later is het weer schrikken als een knalapparaat een enorme klap laat horen. Toch hebben ze bij Van Vossen al een schutterstentje opgezet. „Voor over een paar weken, als de kauwtjes gewend zijn aan het lawaai.”