Diepgevroren muizen worden na 15 jaar vader

Twee muizen die vijftien jaar dood en stijfbevroren in de vriezer lagen hebben alsnog gezond nageslacht gekregen. Dat is de bizarre uitkomst van een onderzoek waarin Japanse en Britse wetenschappers een handiger manier voor het bewaren van sperma probeerden te vinden. Ze beschrijven hun resultaten deze week in het Amerikaanse wetenschappelijke tijdschrift Proceedings of the National Academy of Sciences.

De wetenschappers ontdooiden de muizen in een bak lauw water en haalden wat spermacellen uit de lichamen. De spermacellen waren kapot: hun celmembraan was door het invriezen lek geraakt. Maar hun DNA was nog intact. De onderzoekers injecteerden de beschadigde spermacellen in muizeneicellen, wat in 80 procent van de gevallen resulteerde in een succesvolle bevruchting. De onderzoekers plaatsen de delende embryo’s in draagmoeders, wat bij 21 procent gezonde, vruchtbare nakomelingen opleverde.

Misschien is deze techniek zelfs bruikbaar voor het weer tot leven wekken van de uitgestorven wolharige mammoet. Mammoetsperma uit de permafrost zou dan moeten worden ingespoten in eicellen van een olifant. Het is zeer de vraag of dat een reëel scenario is, want tienduizend jaar permafrost is onvergelijkbaar met tientallen jaren diepvries. Gestorven mammoeten met hun grote, goed geïsoleerde lichaam bevriezen bovendien niet snel tot in de kern, waardoor spermacellen mogelijk al zijn aangetast door rotting.

De onderzoekers vermelden ook realistischer toepassingen. Bij een van de belangrijkste muizenstammen die gebruikt worden in het laboratorium blijkt het lastig sperma in te vriezen voor later gebruik. Daartoe moeten spermacellen, of voorlopercellen daarvan, gewonnen worden uit de bijbal en bij -196 °C bewaard worden in vloeibaar stikstof. De nieuwe methode is simpeler, terwijl de kans op succesvolle bevruchtingen groter is. Bij normale diepvriestemperaturen kunnen eenvoudig de zaadballen of het hele dier worden bewaard om er later sperma uit te winnen.