Tanden in fossiel van baleinwalvis

rotterdam, 17 aug. `Waarlijk vreemd`. Zo betitelen biologen een 25 miljoen jaar oud fossiel van een baleinwalvis met tanden. Een team van paleontologen onder leiding van Erich Fitzgerald van Monash University in het Australische Clayton publiceert deze week in Proceedings of the Royal Society B over de ontdekking van het fossiel (Janjucetus hunderi) in het zuidoosten van Australië. Hoe kan een baleinwalvis tanden hebben? Volgens de auteurs is de anatomie van Janjucetus kenmerkend voor een baleinwalvis. Uit de schedelopbouw maakte Fitzgerald onder meer op dat het dier voor het opsporen van zijn prooi geen gebruik maakte van echolocatie. Alle moderne tandwalvissen (potvissen, dolfijnen, orka`s) doen dat wel. Baleinwalvissen, die kril en plankton filteren uit grote hoeveelheden zeewater, zijn in de evolutie grofweg 30 miljoen jaar geleden ontstaan uit tandwalvissen. Een belangrijke aanwijzing daarvoor is dat baleinwalvissen als embryo kortstondig tanden hebben. Het fossiel toont aan dat niet alle baleinwalvissen hun tanden tegelijkertijd verloren. Janjucetus was circa 3,5 meter lang en leek volgens de onderzoekers uiterlijk nog het meest op zeeluipaard.