Snelste op de Afsluitdijk

Ook volgend jaar is er geen zitje vrij in de Formule 1 voor Robert Doornbos.

Maar de 24-jarige testrijder van Red Bull Racing wacht geduldig op zijn kans.

Robert Doornbos is dit seizoen de Nederlander met de meeste kilometers op de teller van een Formule 1-auto, maar een Grote Prijs heeft hij nog niet gereden. De 24-jarige Rotterdammer concentreert zich op het testrijden voor Red Bull Racing, in dienst van de Schot David Coulthard en de Oostenrijker Christian Klien. Met een F1-auto rijden vindt hij nog steeds de heerlijkste sensatie die er is. Maar het racen op zondag mist hij natuurlijk wel.

Zes jaar nadat het voormalige tennistalent de Formule 1 ontdekte tijdens een bezoek aan de Grote Prijs in Spa-Francorchamps, debuteerde hij vorig jaar voor Minardi. „Super, een droom die uitkwam. En ik stond elke zondag op de startgrid. Maar bij een klein team zoals Minardi rijd je ook een race in de race, tegen de Jordans. Ik was dus al een beetje blij als ik mijn teamgenoot en de twee Jordans kon verslaan.”

Hij kon dit seizoen net als zijn teammaat bij Minardi Christijan Albers naar Midland F1, maar vreesde daar toch weer niet te kunnen meestrijden voor de punten. Dus toen Red Bull, het team waarvoor hij ook uitkwam in de GP2-series, met het voorstel kwam om testrijder te worden, was de keuze snel gemaakt. Maar het was tot nu toch vooral in de Formule 3000, de klasse net onder de F1 in de autosport, dat Doornbos naam maakte. Een jaar na zijn bezoek aan Spa zat hij als zeventienjarige in de Formule Ford. Tijdens zijn eerste race in Zolder verbaasde hij de eerste drie rondes met snelle tijden, maar in de vierde ronde knalde hij al in de muur. „Nu kan ik er om lachen, maar toen was het balen. Het komt erop aan je limieten te leren kennen. Die kende ik toen nog niet. De praktijk is toch de beste leerschool.”

Net toen zijn carrière in het slop dreigde te raken, haalde Christian Horner, nu ook zijn baas bij Red Bull, hem in 2004 naar het Arden-team. Dat werd een succes. Doornbos won races en werd uitverkozen tot rookie of the year. In Spa, alweer, liep hij Eddie Jordan tegen het lijf. Die zei: ‘Een paar jaar geleden was hier een Spanjaard (Fernando Alonso, red.) die in de regen met 30 seconden voorsprong won, het jaar erop zat hij in de F1. Als jij ook zoiets doet, bezorg ik je eveneens een ticket.’

„Hij bedoelde het als een geintje. Maar ik won in de regen met 30 seconden voorsprong en ik ben op hem afgestapt. Het seizoen erna reed ik voor Minardi. Soms moet je geluk hebben. Maar je moet je vooral toch tonen in de races die belangrijk zijn.”

Ondanks zijn bewuste stap terug krijgt hij ook veel waardering voor zijn testwerk, zegt Doornbos. „Door mijn snelle tijden op vrijdag en het harde werk dat ik tijdens de week verzet, vertrouwt David blindelings op mijn adviezen. Hij heeft zelf aangedrongen op een testrijder met al wat ervaring in de F1, dus hij maakt er volop gebruik van. Wij kunnen op vrijdag al de bandenkeuze maken. Andere teams moeten daarmee wachten tot zaterdag. En als ik een goede tijd neerzet, geeft dat het team ook vertrouwen voor de race op zondag. De rondetijden zijn op vrijdag wel degelijk belangrijk. Negentig procent van de volgers beoordeelt de F1 door te kijken naar de tijden. En het is ook goed voor mijn imago. Ik ben iemand die er vanaf de eerste ronde 110 procent invliegt. Ik spin wel eens, maar daardoor ziet het team ook dat ik de limieten van de auto opzoek. Ook dat is belangrijk. Ik heb dit seizoen gelukkig nog geen brokken gemaakt.”

Ondanks al die waardering dook Doornbos’ naam de afgelopen weken niet op in de transfercarrousel. Ondertussen heeft Red Bull al de keuze voor volgend seizoen gemaakt: Coulthard blijft en wordt aangevuld met de ervaren Australiër Mark Webber, die overkomt van Williams. En ook bij de andere teams zijn de zitjes ondertussen ingenomen. „Red Bull heeft het afgelopen seizoen iets minder gepresteerd dan verwacht. Daarom willen ze het komend jaar punten pakken met twee ervaren mensen en geen risico nemen met een rookie. Ze willen me wel graag houden als testrijder, ook omdat ze weten dat ik er klaar voor ben als ik moet invallen. En ik kan naar een groter team, ook als testrijder. Wie het nieuws leest, denkt misschien: Doornbos doet niet mee. Maar ik doe wel mee. Als je naam voortdurend in het geruchtencircuit opduikt, is dat niet per se een voordeel.”

De overstap naar opnieuw een kleiner team was voor Doornbos geen optie. „Want dan sta je op het einde van het seizoen toch weer voor dezelfde keuze. Ik wil rijden voor een team dat punten kan pakken. Het belangrijkste is nu om in beeld te blijven, want anders krijg je nooit een kans. Je moet goed je carrière plannen.”

Zijn kans zou ook kunnen komen als een van zijn teamgenoten uitvalt, of plots veel minder gaat presteren. Het is niet iets waar Doornbos stiekem op hoopt, maar hij beseft wel dat het kan gebeuren. Misschien volgende week al, maar het kan ook nog een jaar duren. Zo kreeg de Spanjaard Pedro de la Rosa zowel vorig seizoen als nu de kans bij McLaren in te vallen voor Juan Pablo Montoya, met goede resultaten als gevolg.

„Voor de start van het seizoen heb ik nog een uur zitten praten met Pedro. Ik vroeg: ‘hoe gaat dat dan?’ Hij zei: ‘je krijgt plots een telefoontje dat je het komend weekend moet rijden’. Fysiek ben je er klaar voor. Als tester rijd je soms drie Grote Prijzen op een dag, en ben je fitter dan sommige coureurs. Vooral mentaal moet je de omslag maken. Racen, inhalen is nog iets anders dan testen. Maar Pedro heeft bewezen dat het kan, dat geeft hoop. Het team kan op hem bouwen, een strategie uitwerken. Wat hij doet, zie ik mezelf ook wel doen.”