ik@nrc.nl

Jaren geleden liep ik stage als co-assistent in Rotterdam. Elke drie weken kwam er een nieuwe lichting onervaren ‘co’s’, en het was aan de oudste ‘co’s’ om hen wegwijs te maken.

Ik had me ontfermd over een jongen die in zijn doen en laten nogal stijf was, en vooral erg bang om tegen de medische codes in te gaan. Tot mijn verbazing zag ik op een middag dat hij een krant naar een patiënt, meneer Wilkes, bracht. „Wat deed je daar nou?” vroeg ik. „Dat moet je niet doen, joh. Je bent geen loopjongen voor de patiënten.”

„Ik vind het een hele eer om de krant te halen voor een van de beste voetballers van Nederland ooit”, antwoordde hij zonder enige aarzeling.