‘Ik dien nu de filmbeelden’

De Amerikaanse jazz-trompettist Terence Blanchard is hoofdgast van het nieuwe Haagse festival Pure Jazzfest.

Trompettist Terence Blanchard (44) verwierf al op zijn eenentwintigste als ‘jonge jazzleeuw’ een plek in de legendarische Art Blakey Jazz Messengers. Naast zijn solocarrière, die Blanchard in de jaren negentig begon met een aantal projectmatige jazzalbums, kreeg hij steeds vaker filmopdrachten te verwerken. Filmmaker Spike Lee doet regelmatig een beroep op hem (Malcolm X, Clockers, Inside Man).

U laat komend weekend voor het eerst in Europa muziek horen uit de vier uur durende Spike Lee-documentaire ‘When the Levees Broke’, over orkaan Katrina. Hoe verbonden bent u met deze soundtrack?

„Ik ben zelf geëvacueerd uit New Orleans. Toen filmregisseur Spike Lee me vertelde wat zijn plan was voor zijn documentaire kon ik niet anders dan mijn hoofd buigen uit respect. Natuurlijk wilde ik graag meewerken. We moeten het verhaal in leven houden, want voor ons in New Orleans is het leed nog niet geleden.”

Waarin verschilt het componeren voor een documentaire van een film?

„Spike Lee laat de mensen chronologisch het verhaal van de orkaan vertellen. De kunst was die vaak ingrijpende gesprekken niet in de weg te zitten. Ik moest voorkomen dat te roerende muziek zou leiden tot een melodrama. Met scherpte en bedachtzaamheid in de muziek wilde ik de kijkers vasthouden.”

Hoe rolt een gevestigde naam in de jazz in het vak van filmcomponist?

„Heel toevallig. Spike Lee hoorde mij spelen tijdens opnames voor zijn film Mo’Better Blues. Hij vroeg me een orkestarrangement te schrijven en dat beviel hem. Later belde hij me voor de film Jungle Fever. Films geven me de mogelijkheid om creatief te zijn op een heel ander muzikaal terrein. Het schrijven voor grotere ensembles en het experimenteren met geluid, klank en kleur, spreken me erg aan. Het verschilt erg van componeren voor een kleine jazzband.”

Krijgt u ruimte om uw eigen muzikale ideeën te verwerken in een soundtrack?

„Ja, de meeste regisseurs willen juist uniek materiaal. Ik kan steeds nieuwe dingen uitproberen. In veel gevallen mag ik het zo gevarieerd maken als ik wil. Ik baseer mijn muziek op een kopie van de film wanneer die voor ongeveer negentig procent af is. Dat is essentieel. Ik moet ervaren hoe er wordt gespeeld door de acteurs en hoe de beelden zijn geschoten. De uiteindelijke montage is minstens zo belangrijk. Pas dan weet ik wat voor muziek past bij de sfeer van de film. Nee, ik heb geen voorkeur voor genres, ik kan overal muziek bij maken.”

In hoeverre is uw jazzachtergrond een voordeel voor het filmcomponeren?

„Juist door de jazz kan ik creatief en à l’improviste werken. Jazzmusici zijn flexibel. Het schrijven van filmmuziek is echter wel een specialisme, je moet weten wat je doet. De belangrijkste les is dat het bij soundtracks, anders dan de jazz, niet om jou draait. De regisseur vertelt een verhaal en jij helpt hem daarbij. De dialogen zijn belangrijker dan de muziek. Dus moet je je als musicus steeds weer bedenken: ik sta hier niet voor mezelf te spelen. Ik dien nu de beelden.”

Pure Jazz Fest, 18 t/m 20 aug op diverse locaties in Den Haag. Inl: www.purejazzfest.nl