A-tak

Oma, die bij ons logeerde, werd plotseling ernstig ziek. De huisarts werd geroepen. Mijn broertje en ik, zeven en negen jaar, keken stiekem om het hoekje van de deur hoe hij bij oma’s bed ging zitten.

Nadat we elkaar hadden gewezen op de grote, kale plek op zijn hoofd, spoedden wij ons giechelend terug naar de huiskamer. Maar mama had ons gehoord. Boos fluisterend zei ze dat we stil moesten zijn. Dat oma erg ziek was. Dat ze een A-tak had gehad.

Schuldbewust gingen we op de bank zitten. Ik vroeg me af of iemand ook een B-tak kon krijgen, en of dat erger zou zijn dan een A-tak. Ik durfte het niet te vragen.

Marlies Vaz Nunes