Studeer toch in het buitenland

Toen ik twee jaar geleden besloot mijn volledige bacheloropleiding aan een universiteit in Londen te volgen, vroegen veel mensen in mijn omgeving om een uitgebreide verklaring. „Waarom blijf je niet in Nederland?” vroegen mijn vrienden achterdochtig.

Hoewel de beperkte zienswijze van deze mensen misschien begrijpelijk is – er zijn in Nederland voldoende universiteiten van hoog niveau – is dat niet meer van deze tijd. De global village van de 21ste eeuw is juist een wereldwijde markt voor universitaire opleidingen. Sinds de Bologna-verklaring van 1999 kunnen Europese studenten overal op het continent een bachelor- of masteropleiding volgen. Toch maken maar bar weinig schoolverlaters hier gebruik van. Volgens het rapport Education at a Glance van het ministerie van Onderwijs stond slechts 2,3 procent van de gehele Nederlandse studentenpopulatie in 2005 ingeschreven aan een buitenlandse instelling. Dat is ruim onder het EU- en het OESO-gemiddelde.

Over de grens ben je als Nederlandse student dan ook vrij uniek: op mijn campus in Londen zijn speciale studentenverenigingen voor Luxemburgers, Catalanen en Singaporezen, maar een Hollands dispuut is er al jaren niet meer. Er zijn zelfs meer Nederlandse docenten dan studerende landgenoten die colleges volgen.

Volgens de organisatie voor internationale samenwerking in het hoger onderwijs, Nuffic, zijn studenten in Nederland ontzettend ‘honkvast’. We dromen graag over een overzeese studieplek, maar hakken nooit de knoop door.

Dat dit een gemiste kans is, blijkt uit recente rapporten. Zo toont onderzoek van het Centraal Planbureau dat alumni uit het buitenland gemiddeld meer verdienen dan degenen die liever dicht bij moeders pappot bleven. Daarnaast zijn zij vaker in dienst bij werkgevers die internationaal actief zijn, zoals multinationals.

Maar een buitenlands verblijf is niet alleen voor je toekomst interessant. Je wordt geconfronteerd met een andere cultuur en denkwijze, waardoor je je eigen horizon verbreedt en de problematiek van je eigen land beter leert relativeren. Een stekkie ver weg van huis dwingt je ook om écht op eigen benen te staan, zonder dat het thuisfront even kan inspringen om de was te doen, bijvoorbeeld. Ook handig: een tweede taal leer je vloeiend spreken. Kortom, je doet een heel scala aan waardevolle ervaringen op.

De overheid werkte ook niet mee om buitenlandervaring te stimuleren: studenten die een plek over de grens hadden bemachtigd, verloren meteen hun recht op studiefinanciering, behalve studenten die een studierichting gingen volgen waar binnen Nederland een numerus fixus voor geldt. Inmiddels lijkt het tij gekeerd: vanaf 1 september 2007 kunnen alle Nederlandse studenten binnen Europa aanspraak maken op studiefinanciering.

Nuffic hoopt dat het nu storm zal lopen bij buitenlandse universiteiten en wil binnen een paar jaar teninste 10 procent van de Nederlandse studenten over de grens krijgen.

Maar hiervoor zal eerst een cultuuromslag nodig zijn. De veelheid aan beurzen, uitwisselingsprogramma’s en sponsorships – die al jaren beschikbaar zijn – moet krachtiger aan de man gebracht worden. Uiteindelijk komt het natuurlijk aan op studenten zelf. Laat die zich eens goed internationaal oriënteren. De start hiervoor kan simpel gemaakt worden door veilig achter de eigen computer eens te toeren over de digitale snelweg. Kortom schoolverlaters: bezoek zeker de ‘Last Minute Leiden’, maar sluit dan niet meteen een ‘Last Minute Londen’ uit.

Arthur Krebbers is student Filosofie en Economie aan de London School of Economics and Political Science (LSE).