Peuterlingerie

Afgelopen weekend zag ik in het plaatselijke pierebad een peuter in een string. Ouder dan drie kan ze niet geweest zijn. Bovenaan haar bilspleet (bilspleetje, om precies te zijn) waren drie diamantjes op het minuscule vetertje stof geborduurd.

Ooit kreeg ik van een van mijn eerste liefdes, een Engelse jongen die graag Monthy Python-grappen navertelde, een lp van Michael Franks en een lingerieset in m’n kerstkous. De vreemde liedteksten van Franks (‘Meet me in the deerpark, baby won’t you please, we can do the deerdance underneath the gingko trees’) kon ik wel waarderen, maar lingerie associeerde ik op zestienjarige leeftijd zuiver en alleen met hoeren, dus dat cadeautje viel niet helemaal goed. Daar kwam nog bij dat het geheel – bestaande uit een string, kousen met plastic voering die om je dijen horen te blijven plakken en een corsetje – gemaakt was van stugge, nylon kant, die acuut rode, nare plekken vormde op plekken waar een mens helemaal geen rode plekken wenst. Het alleronaangenaamst vond ik dat het pakje te klein was. Nu was ik als zestienjarige niet groot en broodmager, dus voor wie was deze set in godsnaam bedoeld? Voor kinderen van 11?

Met mij en de string is het ook daarna nooit meer wat geworden. Heb er weleens een gekocht, omdat een gewone onderbroek volgens deskundigen onder een bepaalde broek ‘écht niet kon’. Zelden iets aangehad wat gruwelijker zat.

Het kerstpakje heeft nog jaren in mijn kast gelegen. Verstopt achter de wintertruien, zodat m’n moeder het niet zou vinden. Af en toe haalde ik het tevoorschijn. Een enkele keer trok ik het heel even aan. Altijd met hetzelfde treurige gevoel.

Eenzelfde somberte overviel me bij het zien van de glinsterende steentjes op het broekje van de peuter, en haar moeder (zwartomrande ogen, strak naar achteren gekamd haar) die iets riep over een ijsje.

Later op de middag kwam een badmeester me erop attenderen dat mijn dochter van twee naakt was, en dat dat in dit zwembad niet was toegestaan.