Parijs kent het wespennest Libanon

Frankrijk speelt een hoofdrol in de organisatie van UNIFIL-troepen die moeten toezien op het bestand in Zuid-Libanon. Voor Parijs is Libanon een vertrouwd wespennest.

De Franse minister van Buitenlandse Zaken Douste-Blazy is vanmorgen in Beiroet aangekomen met een onderwerpenlijstje waar op het oog vooral hulpvaardigheid uit blijkt.

Frankrijk wil overleggen over het heropenen van vliegvelden, over de organisatie van humanitaire hulp en over de condities waaronder de versterkte UNIFIL-macht in Zuid-Libanon gaat opereren. Frankrijk – is de internationale verwachting – zal immers de leiding houden in het versterkte UNIFIL, de VN-missie die van de huidige 2.000 man moet worden uitgebreid naar 15.000. Het is een logisch gevolg van de hoofdrol die de Franse diplomatie speelde in het bereiken van de VN-resolutie die tot de wapenstilstand leidde.

Maar zo makkelijk gaat dat niet. De omstandigheden waaronder UNIFIL in Libanon gaat werken, zijn in werkelijkheid een beladen onderwerp. En Franse hulpvaardigheid voert daarbij niet de boventoon. Douste-Blazy zei vanmiddag dat alleen het Libanese leger in Zuid-Libanon wapens mag dragen. Frankrijk eist garanties over de ontwapening van Hezbollah.

Voorzover de indruk bestaat dat Frankrijk soepel en zorgeloos een rol van vredestichter en weldoener speelt, berust dat op gezichtsbedrog. Libanon geldt voor de Fransen niet alleen als het meest vertrouwde gebied in het Midden-Oosten, maar ook als een wespennest waar Parijs zich alleen met de grootste omzichtigheid in wil steken. Herinneringen aan eerdere Franse episodes in Libanon spelen op. Aan oktober 1983 vooral, toen bij een zelfmoordaanslag in Beiroet 58 Franse parachutisten werden gedood.

Een nieuwe grootschalige Franse aanwezigheid is sindsdien alleen maar meer beladen geworden – al was het maar door de slechte verhoudingen tussen Frankrijk en Syrië, waarmee Chirac de banden heeft doorgesneden sinds hij het regime verdenkt van de moord op zijn persoonlijke vriend, de Libanese premier Hariri.

De wijze waarop de VN-resolutie tot stand is gekomen, heeft de Franse vrees doelwit te worden niet weggenomen. Wekenlang sloot Chirac uit in te stemmen met een vredesmacht zonder politiek akkoord vooraf tussen de strijdende partijen. Nu moet Parijs zich behelpen met de constatering dat zo’n akkoord er, door de instemming van die partijen met de VN-resolutie, „lijkt te zijn”. Zondag overlegde Douste-Blazy nog met zijn collega’s van Israël en Iran over de juiste interpretatie.

Deze week blijkt hoe wankel de afspraken zijn. Volgens VN-bestandsresolutie 1701 moet UNIFIL het Libanese regeringsleger helpen het gebied ten zuiden van de rivier de Litani te ontdoen van elke gewapende Hezbollah-aanwezigheid – de ontwapening van de fundamentalistisch-shi’itische, door Iran en Syrië gesteunde organisatie in het algemeen komt pas later aan de orde. Maar de verdeelde Libanese regering heeft nog niet veel zin haar handen te branden aan ontwapening van Hezbollah. Minister van Defensie Elias Murr, een pro-Syrische christen, zei gisteren op de televisiezender LBC dat het Libanese regeringsleger niet Hezbollah zal ontwapenen, „iets waar Israël zelf niet toe in staat was”. De rol van het leger, zei hij, is „de veiligheid van het verzet [Hezbollah] te waarborgen, de overwinning van het verzet te beschermen.” Maar Hezbollah zal „maximaal meewerken” en er zouden geen wapens in het zuiden te zien zijn.

Anti-Syrische ministers willen wel degelijk Hezbollah ontwapenen, maar in Beiroet wordt gevreesd dat het regeringsleger uit elkaar valt als het opdracht zou krijgen Hezbollah aan te pakken, en dat een nieuwe ronde burgeroorlog kan ontstaan. Hezbollah zelf heeft zich niet uitgesproken over het zuiden, maar leider Hassan Nasrallah zei maandag dat ontwapening te zijner tijd in een „serieuze discussie van de wijze mannen die we in dit land hebben” moet worden geregeld.

Een Israëlische regeringsfunctionaris waarschuwde gisteren volgens de Jerusalem Post dat het leger zijn operaties in Zuid-Libanon zal hervatten als Hezbollah niet uit het zuiden wordt verwijderd. „De resolutie is duidelijk”, zei hij.

Frankrijk wil er volgens een Parijse diplomaat wel begrip voor hebben dat de ontwapening van Hezbollah niet binnen enkele weken geregeld is. Maar Parijs stelt wel eisen. Al meteen nadat de VN-resolutie, mede opgesteld door Frankrijk, was aangenomen, verklaarde Chirac dat zijn land „zijn verantwoordelijkheid zou nemen”, maar afhankelijk van de condities waaronder UNIFIL zou werken en van voldoende deelname van andere landen.

Dat laatste lijkt niet het grootste probleem. Weliswaar heeft alleen Italië concreet gezegd troepen te kunnen leveren – tot 3.000 – maar naar verwachting zullen ook andere landen zich aansluiten. Het gaat nu vooral om de voorwaarden waaronder UNIFIL zal opereren. Terwijl de onderhandelingen daarover gaande zijn, gaat Parijs niet verder dan officieus het bericht te laten circuleren dat er 2.000 tot 4.000 militairen beschikbaar zullen zijn. Laatste kans om van tevoren zo veel mogelijk – betrekkelijke – zekerheden af te dwingen.

unifil: pagina 5

hoofdartikel: pagina 7