Heimwee naar Cuba voor de revolutie

The Lost City. Regie: Andy Garcia. Met: Andy Garcia, Inés Sastre, Tomás Milian. In: 12 bioscopen.

The Lost City, regiedebuut van acteur Andy Garcia, bezingt de schoonheid van prerevolutionair Cuba. Net als in Cuba (1979) en Havana (1990) is de omwenteling van 1959 een kleurrijke achtergrond voor een verhaal vol romantiek, muziek en Amerikaanse sleeën.

De drie broers Fellove die in het caleidoscopische scenario gevolgd worden, symboliseren de verschillende houdingen jegens de ‘bevrijding’ van Cuba door Fidel Castro. De jongste broer sluit zich bij El Lider en de zijnen aan, de andere broer is tegen Castro, maar ook tegen dictator Batista. Garcia (in Havana geboren maar als vijfjarige geëmigreerd) speelt zelf nachtclubeigenaar Fico Fellove, even apolitiek als als Rick in Casablanca – een film waar The Lost City veel naar verwijst met zijn nachtclubsetting en liefde tussen Fico en een vrouw die een ander toebehoort.

Door een welgestelde familie in het middelpunt te plaatsen, kiest Garcia voor de antirevolutionaire kant van het verhaal. Dat het merendeel van het Cubaanse volk de omverwerping van Batista en revolutie van Castro en Ché Guevara in 1959 steunde wordt buiten beschouwing gelaten.

Garcia doorsnijdt in 2,5 uur film elke scène met een andere die zich afspeelt op een andere plek of in een andere tijd. Soms is het nut ervan onduidelijk, soms bedt het de persoonlijke familiegeschiedenis in de politiekhistorische context, maar meestal fragmenteert dit onnodig de spanningsboog.