Christendemocraten met bekende namen de verkiezingen in

Als eerste politieke partij presenteerde het CDA deze week haar kandidatenlijst.

Uit de lijst spreekt zelfvertrouwen: de partij gaat uit van doorregeren.

Herkenbaarheid en continuïteit. Dat waren kennelijk de kernwoorden voor het partijbestuur van het CDA bij het opstellen van de advieslijst voor de Kamerverkiezingen van 22 november. Maandagavond maakte de partij de top-11 bekend, en daarbij zat maar één nieuweling: directeur communicatie Jan Schinkelshoek van de Rabobank.

De komende verkiezingen zullen naar verwachting gaan tussen het CDA van Jan Peter Balkenende en de PvdA van Wouter Bos. Beide partijen staan hoog in de peilingen, het CDA op iets meer dan 40 zetels, de PvdA op iets minder dan 50. De verwachting is dat het een nek-aan-nekrace zal worden. Dat maakt de kandidatenlijst tot een lastige opgave voor de huidige grootste regeringspartij.

De grote vraag na de verkiezingen is natuurlijk: wordt het regeren of de oppositie in? Het CDA straalt wat dat betreft zelfvertrouwen uit en heeft een lijst opgesteld die gericht is op doorregeren. Hoewel Balkenende inmiddels al aan zijn derde kabinet toe is, is hij pas ruim vier jaar premier. En dat is te weinig om het CDA-beleid volledig tot zijn recht te laten komen, is de redenering.

Doorregeren is dus het devies. Direct achter lijsttrekker Balkenende staat fractievoorzitter Maxime Verhagen, gevolgd door twee vrouwen, Maria van der Hoeven (minister van Onderwijs) en Gerda Verburg (vice-fractievoorzitter). Op de vijfde plaats staat Piet Hein Donner (nu Justitie). Daarmee doorbreekt het CDA de ontstane traditie dat er na de eerste man automatisch een vrouw op de lijst moet staan. In 2002 en 2003 stond Maria van der Hoeven nog op twee, in 1998 Ank Bijleveld.

Het CDA houdt ook binnen de optie ‘doorregeren’ met verschillende scenario’s rekening. Wordt de partij net als de afgelopen twee keer de grootste, dan is Balkenende automatisch premier en kan ook iemand als Donner gewoon doorschuiven richting kabinet. Verhagen kan dan wederom fractievoorzitter worden. Voor de bewindslieden in zo’n vierde kabinet-Balkenende kan het CDA dan deels putten uit de huidige lijst (met ondermeer de staatssecretarissen Van Gennip, Van der Knaap en Van Geel en minister Wijn) alsmede (oude of nieuwe) mensen van buiten halen.

Mocht de partij op 22 november niet de grootste worden, dan is het zeer waarschijnlijk dat Balkenende de politiek zal verlaten. Hij wil naar verwachting niet onder Bos meeregeren, als PvdA en CDA een coalitie weten te sluiten. Mocht een dergelijke coalitie er komen, dan is Verhagen de nieuwe eerste man van het CDA en kandidaat voor een ministerspost en wellicht het vice-premierschap. Donner kan dan de Kamerfractie leiden, zo melden ingewijden.

Ingewikkelder wordt het als de partij in de oppositie terechtkomt. Aan alle kandidaten is gevraagd hoe dan ook bereid te zijn vier jaar lang in de Kamer te dienen. Massaal opstappen, zoals in 1994 gebeurde na een verkiezingsnederlaag, is slecht voor het vertrouwen dat mensen hebben in de politiek, stelt het partijbestuur. Toch voelt niet iedereen voor de Kamer, blijkt uit de de afwezigheid op de lijst van bewindslieden als Bot, De Geus en Van Ardenne. Voor Van der Hoeven zal het een bittere pil zijn om na elf jaar Kamer en vier jaar regeren terug te keren in de blauwe bankjes.

De snelheid waarmee de partij klaar is met de lijst én het programma (dat morgen in Amsterdam gepresenteerd wordt) doet vermoeden dat het CDA beter was voorbereid op vervroegde verkiezingen dan de PvdA (die op 23 september met de kandidatenlijst komt). De CDA-afdelingen mogen zich op het congres op 29 en 30 september in de Amsterdamse RAI uitspreken over lijst en programma.