Pannekoek mag weer, pannenkoek ook

Het Witte Boekje spelt 596 woorden anders dan het Groene Boekje.

Maar of mensen de tussen-n gebruiken, mogen ze van het Witte Boekje zelf weten.

In totaal wijkt het Witte Boekje, dat is samengesteld door het Genootschap Onze Taal, op acht punten af van het Groene Boekje, dat is samengesteld door de Taalunie. Zo adviseert het Witte Boekje om in samenstellingen met een letter, cijfer of afkorting, wél een streepje te gebruiken. Dus 1-aprilgrap en havo-4-leerling, in plaats van 1 aprilgrap en havo 4-leerling, schrijfwijzen die sinds 1 augustus officieel verplicht zijn voor overheid en onderwijs.

Ook kiest het Witte Boekje bij het meervoud van Franse woorden (Groen: bals masqués; Wit: óók bal masqués) en bij de vervoeging van Engelse werkwoorden (Groen: gestrest; Wit: óók gestresst) soms voor een andere schrijfwijze.

Bij namen van tijdperken en feestdagen schrijft het Witte Boekje een hoofdletter voor: dus Oudheid, Middeleeuwen, Reformatie, plus Passiezondag, Oudjaar en Vlaggetjesdag. In de Groene Spelling worden deze woorden zonder hoofdletter geschreven, zelfs verlichting als bedoeld als de naam van een tijdperk.

De belangrijkste wijziging is echter dat het Witte Boekje de schrijfwijze van woorden met een tussen-n vrijlaat. Tot nu toe was dit al het geval voor de tussen-s: ook in de Groene Spelling is voorbehoedmiddel even goed als voorbehoedsmiddel. Hetzelfde geldt voor talloze andere samenstellingen.

Het Genootschap Onze Taal heeft nu, na een pittige interne discussie, gekozen om de tussen-n vrij te laten, een letter die in tienduizenden samenstellingen voorkomt. „De tussen-n-regeling die in het Groene Boekje van 1995 werd gepresenteerd”, aldus taaladviseur Wouter van Wingerden van het Genootschap Onze Taal, „was krakkemikkig. De hoofdregel leverde woorden op die tegen het taalgevoel indruisten (smartengeld, secondelang) en had ook nog eens subregels en uitzonderingsregels, waardoor veel mensen door de bomen het bos niet meer zagen.”

Via enkele enquêtes heeft het genootschap zo’n duizend taalgebruikers een aantal woorden voorgelegd. Daaruit bleek dat veel mensen in de praktijk dezelfde keuze maken als ze hun taalgevoel volgen.

Van Wingerden: „Zo zijn de meeste mensen geneigd om de tussen-n weg te laten als een samenstelling geen letterlijke, maar een figuurlijke betekenis heeft (hanepoten voor ‘slordig handschrift’ bijvoorbeeld). Mensen schrijven wel een tussen-n als het eerste deel van een samenstelling direct doet denken aan een meervoud, zoals in kippenhok. Die uitgangspunten hebben wij nu vastgelegd in een regel, maar die is niet dwingend: in principe kan wat ons betreft iedereen dus kiezen of hij een tussen-n schrijft of niet.”

Bij een aantal ‘symboolwoorden’ heeft Onze Taal gekozen om opzettelijk af te wijken van de Groene Spelling. Het afgelopen jaar is er veel protest geweest tegen woorden als ideeëloos (in de Witte Spelling wordt dit ideeënloos), appel (Wit: appèl), kerkenraad (Wit: kerkeraad) en zielenrust (Wit: zielerust).

Zelfs pannekoek, dat in navolging van de officiële regels sinds 1995 op vrijwel alle gevels van pannenkoekenhuizen is gewijzigd in pannenkoek, mag volgens de Witte Spelling weer pannekoek worden, een Hollandse lekkernij, in één pan gebakken.

Opmerkelijk is dat het Witte Boekje zich ook uitlaat over de spelling van veel scheldwoorden. In het Witte Boekje staan bijvoorbeeld: rattekop, kuttekop, schubbekut, uilebal, gratekut en hondelul. In het Groene Boekje hebben deze woorden allemaal een tussen-n (ambtenaren zijn dus officieel verplicht om, in voorkomende gevallen, hondenlul te schrijven).

Tot slot zijn er nog een aantal wijzigingen met betrekking tot het los of aan elkaar schrijven van woorden (Groen: top tien; Wit: toptien), het gebruik van het koppelteken (Groen: centrumrechts; Wit: centrum-rechts) en het gebruik van accenten, trema’s en overige tekens.

Overigens telt het Witte Boekje veel minder trefwoorden dan het Groene Boekje. Bevat deze laatste spellinggids zo’n 110.000 ingangen, het Witte Boekje heeft er ruim 55.000. Dit verschil is te verklaren doordat in het Witte Boekje veel minder samenstellingen zijn opgenomen, woorden waarvan je de spelling zelf wel kunt bedenken als je een paar voorbeelden hebt gezien.

Anders dan het Groene Boekje bevat het Witte Boekje persoonsnamen (zo’n 750, waaronder Cruijff en Albert Cuyp), meer geografische namen (zo’n 2.500, waaronder Culemborg en Curaçao) en een kleine duizend namen van bedrijven en instellingen.

Het was de bedoeling dat de digitale versie van het Witte Boekje, inclusief spellingchecker, tegelijk met de spellinggids zou worden gepresenteerd, maar dat is niet gelukt. Die digitale versie wordt nu eind september of begin oktober verwacht.