Boze column valt slecht op Curaçao

Zakenman Jacob Gelt Dekker heeft zich de woede van politici op Curaçao op de hals gehaald. Hij schreef een column over de „incompetente kliek” die het eiland regeert.

In het Curaçaose hotel Kura Hulanda is eigenaar Jacob Gelt Dekker nooit ver weg. Een gerecht draagt zijn naam, foto’s met zijn afbeelding hangen in het aanpalende slavernijmuseum en op het plein staat een bronzen buste van de Nederlandse multimiljonair.

Dekker, het tussenvoegsel Gelt nam hij aan toen hij zich tien jaar geleden op Curaçao vestigde, investeerde 55 miljoen euro op Curaçao. De zelfverklaarde weldoener creëerde 300 arbeidsplaatsen met Kura Hulanda, het verkrotte hart van stadsdeel Otrobanda dat hij via restauratie van de sloop redde, en de aan zee gelegen Kura Hulanda Lodge. Ook probeerde hij, na het faillissement van de Antilliaanse luchtvaartmaatschappij, investeerders voor een nieuwe lokale luchtvaartmaatschappij te vinden.

Maar nu willen politici Dekker tot persona non grata verklaren. Antilliaanse regerings- en oppositiepartijen hebben opgeroepen tot een boycot van Kura Hulanda. Zo werd een voor eind deze week in het hotel geplande ontmoeting tussen minister Atzo Nicolaï (Koninkrijksrelaties, VVD) en Antilliaanse parlementariërs op verzoek van de lokale politici verplaatst naar een andere locatie.

Aanleiding is een zeer kritische column van Dekker die vorige week verscheen op de website luchtvaartnieuws.nl. „Er is weinig twijfel aan”, zo schreef hij, „dat de incompetente kliek die Curaçao vandaag in haar greep heeft en hun gevolg niet in staat zijn welvaart en welzijn van Curaçao en haar bewoners te bevorderen.” De column volgde op een serie in het Antilliaans Dagblad waarin de voormalige tandarts „corruptie, criminaliteit en domheid” binnen het bestuur en de Curaçaose samenleving aan de kaak stelde.

Niet altijd zonder gevolgen. Zes maanden geleden moest Dekker aantijgingen van corruptie aan het adres van toenmalig minister Leeflang (Verkeer) op last van de rechter rectificeren. En nu „is de maat vol”, zegt parlementariër Eunice Eisden, initiatiefneemster van de boycot. Constructieve kritiek is welkom, „maar wel op een manier dat wij kunnen blijven luisteren.”

Dekkers column heeft een hevige discussie doen losbarsten. In ingezonden brieven in lokale kranten en op verschillende webfora wordt de entrepreneur verguisd én geprezen. Piet Eddine van de Vereniging Bedrijfsleven Curaçao vindt dat Dekker de spijker op zijn kop slaat. „Er staat geen enkele onwaarheid in de column”, aldus Eddine. „We kunnen ons beter richten op de issues dan emotioneel de boodschapper aan te vallen.”

Veel Curaçaoënaars vragen zich af wat de miljonair met zijn column beoogt. „Als hij op Curaçao iets wil bereiken”, zegt gevolmachtigd minister Paul Comenencia, „dan is dit niet de manier. Met zijn opmerkingen zit hij niet helemaal verkeerd, maar hij zou inmiddels kunnen weten dat deze manier van communiceren niet effectief is hier.”

Zelf beroept Dekker zich op de vrijheid van meningsuiting. Hij vindt de reactie van de Curaçaose politici „fascistisch” en heeft advocaat Gerard Spong ingeschakeld om stappen te nemen. Het is goed dat minister Nicolaï tijdens zijn eerste officiële bezoek aan de Antillen met de huidige situatie wordt geconfronteerd, meldt de zakenman vanuit Amsterdam. „Criminaliteit leidt tot een noodsituatie op Curaçao, dit kan niet langer. De minister moet namens Nederland ingrijpen.”

Andere Nederlandse ondernemers op Curaçao volgen Dekker op afstand. „Je vraagt je af” zegt Ernst Verzijlbergen, veertien jaar entrepreneur op Curaçao, „of het om de inhoud gaat of hem als persoon. Andere ondernemers staan financieel minder sterk en kunnen ten opzichte van de politiek minder makkelijk een helder standpunt innemen. Maar juist hij struikelt erover, omdat het niet om het doel gaat maar om zijn ego.”

De gewraakte column:www.luchtvaartnieuws.nl/columns/?id=218