Ongekende Belgische weelde op EK

Dankzij sprintster Kim Gevaert en hoogspringster Tia Hellebaut heeft België plotseling twee Europees kampioenen. Waarin een klein atletiekland plotseling groot kan zijn.

Henk Stouwdam

Gotenburg, 12 aug. - Op het moment dat haar vriendin Tia Hellebaut over 2,03 meter sprong, schreeuwde Kim Gevaert het in de callroom uit van vreugde. Zozeer zelfs dat al haar concurrenten, met wie ze wachtte op de finale van de 200 meter, in lachen uitbarstten. Een kwartiertje later liep Gevaert als de nieuwe Europees kampioen Hellebaut, die kort daarvoor de titel had veroverd bij het hoogspringen, recht in de armen. Gewikkeld in een enorme Belgische vlag omarmden de twee atleten elkaar innig, in het besef dat er in een tijdsbestek van vijf minuten twee unieke prestaties waren geleverd en er voor Belgische begrippen sprake was van een historisch moment.

Twee kampioenen zo snel achter elkaar, dat komt hooguit voor bij Amerikaanse atleten, maar niet bij een land dat voor de titelstrijd in Gotenburg bij de vrouwen nog nooit een Europees kampioen had voortgebracht. Gisteravond drong zich onmiddellijk de vergelijking op tussen de Belgische tennissters Kim Clijsters en Justine Hénin- Hardenne, die dankzij hun successen een sterrenstatus hebben verworven. De prestaties van de twee atleten waren ook om andere redenen uniek. Na de 100 meter won Gevaert gisteravond haar tweede Europese titel, terwijl het kampioenschap van Hellebaut geldt als een surprise van de eerste orde, omdat de Zweedse wereldkampioen Kajsa Bergqvist en haar landgenote Emma Green, de nummer drie van de vorige WK, voor eigen publiek de torenhoge favorieten waren.

Hellebaut is een merkwaardige kampioene, die zichzelf nooit als een talent heeft beschouwd en het gisteravond sneu vond dat haar voorbeeld Bergqvist voor eigen publiek sneefde. „Ik had haar de titel gegund”, sprak de Belgische ten overstaan van een schare journalisten op de persconferentie. „Ik heb haar altijd zeer gewaardeerd. Speciaal om Bergqvist te zien springen, ben ik in 2000 tijdens de Olympische Spelen in Sydney midden in de nacht opgestaan. Ik heb een beetje met haar te doen. Wat niet wegneemt, dat ik bijzonder blij ben. Maar ook uitermate verbaasd; ik had niet verwacht Europees kampioen te zullen worden. Dit is ongelooflijk.”

Van aanmerkelijk minder ongeloof was er sprake bij Wim Vandeven, Hellebauts trainer en levenspartner. De coach heeft haar talent voor hoogspringen altijd onderkend en de atlete dat ook verteld toen zij in 1999 vroeg of hij haar wilde trainen. „Dat wilde ik graag, maar wel onder mijn voorwaarden, want een meisje dat ondanks minieme trainingsarbeid zich steeds weer plaatste voor jeugdkampioenschappen moest veel talent hebben. Maar ik wilde niet werken met de flierefluiter en de levensgenieter die ze destijds was. Ik stelde één voorwaarde: kiezen voor topsport betekent ook leven als een topsportster. En dat heeft ze onvoorwaardelijk gedaan.”

Terwijl Vandeven in Hellebaut een hoogspringster zag, verkoos de atlete zelf de meerkamp. En nog steeds laat die discipline haar niet los. Ze traint ook als een meerkampster. Omdat ze nu eenmaal veel moet trainen om op niveau te blijven en omdat de afwisseling haar goed doet. Pas nadat ze als gevolg van een blessure beperkt was op de werpnummers besloot Hellebaut zich toe te leggen op het hoogspringen. En vanaf dat moment bleek hoe goed Vandeven haar kwaliteiten had beoordeeld, want Hellebaut haalde de finale van zowel de Spelen van 2004 in Athene als de WK van 2005 in Helsinki. En belangrijker voor haar zelfvertrouwen: ze verbeterde een aantal keren het Belgische record, dat jarenlang op 1,97 meter had gestaan. Bij de Golden-Leaguewestrijd in Parijs sprong ze dit jaar voor het eerst over de magische grens van 2,00 meter om dat kunststukje kort daarop in Rome te herhalen. En gisteravond steeg Hellebaut weer boven zichzelf uit door het nationaal record zelfs twee keer te verbeteren. Eerst sprong ze over 2,01 meter en daaropvolgend over 2,03 meter, wat de ‘gouden’ sprong bleek te zijn.

De spectaculaire progressie van Hellebaut mogen dan weinigen hebben zien aankomen, maar dat gold niet voor Bergqvist, die bij alle voorbeschouwingen in de Zweedse media de Belgische voortdurend als haar belangrijkste concurrente had genoemd. En ze kreeg gelijk, hoe pijnlijk dat voor haar persoonlijk ook was. Want Bergqvist moest zich tevreden stellen met de bronzen medaille, omdat ook de Bulgaarse Venelina Vaneva over 2,03 meter sprong. Zij werd tweede op grond van een minder goede sprongserie.

Na afloop zat Hellebaut er wat beduusd bij, amper beseffend wat ze had gepresteerd. Oprecht stamelend: „Ik denk dat dit de mooiste dag van het jaar is.”