Libanese ziekenhuizen in problemen

De Libanese ziekenhuizen komen in grote problemen. Het ernstigste probleem is het opraken van de stookolie, waarop de noodgeneratoren draaien.

Door de Israëlische bombardementen komt de zorg in de Libanese ziekenhuizen nu ernstig in het gedrang, met name doordat de stookolie opraakt. Door de blokkade van Libanon en de enorme schade aan de infrastructuur – gebombardeerde bruggen, elektriciteitscentrales en olieopslagplaatsen – wordt het in het hele land steeds moeilijker om aan brandstof te komen. Ook de ziekenhuizen komen daardoor in grote problemen: als de stookolievoorraden opraken komen de stroomgeneratoren tot stilstand. Die zijn van vitaal belang voor de operatiezalen, de beademingstoestellen en alle medische apparatuur die afhankelijk is van een UPS-systeem (uninterrupted power supply). Bij iedere stroomonderbreking op het net vormt de reservevoorraad olie de enige levensdraad voor alle in kritieke toestand verkerende patiënten en gewonden die binnengebracht worden na een aanval. De dagelijkse stroomonderbrekingen in Beiroet duren vaak meer dan twaalf uur en in het zwaarder getroffen zuiden is de toestand erger.

Het Najemziekenhuis even buiten Tyrus is nu volledig aangewezen op de stroom van het net waar het op geïmproviseerde wijze door de ingenieurs van het Libanese leger na ieder Israëlisch bombardement weer op wordt aangesloten, vertelt Ali Najem. Hij is de zoon van de eigenaar van dit particuliere ziekenhuis. Ali is student geneeskunde en hij heeft nu zijn intrek genomen in het ziekenhuis als vrijwilliger. Ook in de overige grote ziekenhuizen in het zwaar getroffen gebied rond Tyrus is de toestand nu kritiek. „We hebben hier in Tyrus geen druppel stookolie meer in voorraad. Als straks de lichten uitgaan door een stroomonderbreking, zullen we hier gewoon moeten toekijken hoe onze patiënten doodgaan omdat de beademing in de operatiezaal stilvalt”, zegt Ali. „We hebben het ministerie van Gezondheid om 7.000 liter stookolie gevraagd, maar we zien niet hoe die hier kan komen nu de brug over de rivier de Litani is gebombardeerd.”

„We zijn ook al bijna door onze zuurstofvoorraad heen en het ontbreekt ons aan de meest essentiële medicijnen. Het Internationale Rode Kruis en Artsen Zonder Grenzen hebben hulp beloofd maar ze hebben nog helemaal niets hier gekregen. In de overige ziekenhuizen is het even erg gesteld. De toestand is hier echt kritiek”, verzekert Ali.

Volgens de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) geldt dat voor 60 procent van de ziekenhuizen in het zuiden van Libanon. Maar ook in Beiroet is de toestand zeer problematisch. Het Al-Hayat ziekenhuis is het belangrijkste noodgevallencentrum bij de Dahieh, de zuidelijke buitenwijken waar het Hezbollah-hoofdkwartier zich bevindt. Van het Hezbollah-ziekenhuis in de buurt is alleen de operatiezaal nog in gebruik. „De bewoners van de door Israël dagelijks bestookte zuidelijke buitenwijken hangen dus in grote mate af van het Al-Hayat”, zegt neuroloog dr. Mohammed Kasem. „En wij beschikken nog maar over een stookoliereserve voor tien dagen.”

Volgens directeur dr. Milhem al-Saber heeft het ziekenhuis 3.000 liter per week nodig om operationeel te blijven. Eerder deze week was de reserve tot 1.000 liter geslonken maar gisteren hebben de autoriteiten 3.000 liter geleverd. „Maar het ministerie van Gezondheid heeft gezegd dat het wel eens de laatste levering zou kunnen zijn als het geweld voortduurt.”