In Mexico pruttelt de linkse revolutie

In Mexico staan links en rechts steeds onverzoenlijker tegenover elkaar in de strijd om het presidentsschap. Er wordt zelfs gewaarschuwd voor de ‘Libanisering’ van Mexico.

Marcel Haenen

Op het overweldigende Zócalo plein in het historische hart van de Mexicaanse hoofdstad is Silvio Ehuans (45) onder een wit plastic afdak bezig zijn veldbed op te schudden voor een nieuwe regenfrisse nacht. Tegenover de timmerman uit de deelstaat Tabasco zitten zijn vijftienjarige tweelingdochters op een slaapzak te kaarten. Ze behoren tot de ongeveer twintigduizend, naar eigen zeggen „eenvoudige mensen”, die kamperend en demonstrerend bezig zijn „de Mexicaanse democratie te verdedigen”.

Vorige maand won hun linkse presidentskandidaat Andrés Manuel López Obrador (52) glorieus de presidentsverkiezingen. Maar als gevolg van een in hun ogen duivels geraffineerde fraude heeft de kiescommissie uiteindelijk de conservatief Felipe Calderón (43) uitgeroepen tot politiek leider van 106 miljoen Mexicanen. Op de 41 miljoen uitgebrachte stemmen behaalde Calderón er volgens de autoriteiten 240.000 meer.

Om aan te tonen dat er een vies spelletje wordt gespeeld, eist links een hertelling van álle uitgebrachte stemmen. De volgelingen van El Peje, zoals López Obrador naar een prehistorisch ogende vis uit zijn deelstaat Tabasco wordt genoemd, hebben in het centrum 650 kampementen opgezet. Ze blokkeren wegen, ministeries en banken. In een van de grootste steden van de wereld zitten miljoen automobilisten nu soms urenlang vloekend stil achter het stuur omdat de belangrijkste verkeersader is veranderd in een volkscamping.

Op het Zócalo zingen linkse zangers, worden allerlei revolutionaire rekwisieten en geschriften verkocht, eten de demonstranten taco’s met bonen in volksgaarkeukens en wordt vooral eindeloos gedebatteerd. Op de tenten hangen posters met de tekst: Zonder Solutie komt er Revolutie, en op posters is Calderón afgebeeld met een hakenkruis op zijn voorhoofd. El Peje houdt iedere avond om 7 uur een rede, kondigt nieuwe acties af en slaapt dan eveneens in een - goed afgeschermde - tent.

„We gaan net zo lang door met acties tot we onze zin krijgen”, zegt Ehuans. „En het is een harde strijd. We vechten tegen de corrupte instituties en machtig rijke ondernemers die nooit belasting betalen maar wel hun geld gebruiken om Calderón in het zadel te helpen. We moeten deze Mexicaanse oligarchie eens en voor altijd uitschakelen”, zegt hij.

Op last van het speciaal voor dit soort geschillen in 1996 opgerichte Electorale Tribunaal worden sinds woensdag de stemmen in negen procent van de 130.000 stembureaus opnieuw geteld. Zondag zal naar verwachting blijken of er sprake is van onregelmatigheden.

Ondertussen pruttelt in Mexico de revolutie. En niet alleen op het centrale plein. In het antieke Café La Habana – waar in de jaren vijftig Fidel Castro en ‘Che’ Guevara de omwenteling in Cuba planden – bespreken acht jonge mannen en één vrouw bij veel bier en grote sigaren nieuwe acties tegen rechts.

Felix Martínez, ambtenaar, filosofeert over de haalbaarheid van een beroep op de in 2003 van kracht geworden Mexicaanse Wet Openbaarheid Bestuur om alle stembiljetten op te eisen. „Het gaat immers om publieke documenten die geen persoonlijke data bevatten. Die moeten worden vrijgegeven zodat er een openbare volkstelling komt”, zegt Martínez. En dan zal de fraude blijken want die is er geweest, zeggen alle aanwezigen geheel overtuigd.

„Nooit eerder was de Mexicaanse samenleving zo verdeeld”, zegt de Mexicaanse feministe en schrijfster Guadalupe Loaeza. De vrouw, die vandaag haar zestigste verjaardag viert, is een van de opvallendste en luidruchtigste supporters van El Peje. Ze woont in een reuze chic appartement. Haar upper class afkomst toont ze in de manier waarop ze voortdurend met het belletje naast het ontbijtbord het dienstmeisje roept om de papaja af te ruimen of de omelet met bonen te brengen.

„Mexico was onbegrijpelijk lang te vreedzaam. Het is eigenlijk een wonder dat het met alle corruptie, drugshandel en enorme armoede zo lang heeft geduurd voordat onze eigen Mexicaanse Maximilien de Robespiere op de barricades is geklommen.”

De feministe zegt dat ze tot haar 38ste nooit heeft gestemd. „Dat had toch geen zin want tot 2000 regeerde 71 jaar lang dezelfde corrupte partij PRI”. Maar Loaeza is blij dat „er een door en door integere politicus is opgestaan die het opneemt tegen het establishment. Eindelijk is Mexico mondig, pluriform en transparant geworden.”

Door haar publieke steun aan López Obrador ontvangt ze dagelijks 350 emails waarin ze voor poep en pies wordt uitgemaakt. „Meest gestelde vraag is hoe het toch mogelijk is dat ik als blanke het eens ben met zo’n man uit Tabasco. Het Mexicaanse racisme is manifester dan ooit”. Guadalupe heeft zeven zussen en één broer en zelfs in die familiekring is de verwijdering groot geworden. „Er bestaat een onbegrijpelijk haat onder de gegoede burgerij tegen López Obrador. Zelfs over Adolf Hitler praten ze in mildere termen.”

Volgens Loaeza is „een harde confrontatie tussen links en rechts onvermijdelijk”. De topadviseur van López Obrador, Porfirio Muñoz Ledo, waarschuwt zelfs voor de ‘Libanisering’ van Mexico. Straks is zijn land verdeeld in gebieden waar drugshandelaren, de grote internationale banken of in sommige streken alleen nog maar links het voor het zeggen heeft.

In Café La Habana wordt ook druk gespeculeerd over op handen zijnde gewelddadigheden. Op 6 september zal het tribunaal de definitieve president bekendmaken. Links hoopt nu dat het tribunaal uiterlijk maandag besluit tot het organiseren van nieuwe verkiezingen. Dat gebeurde eerder na het constateren van onregelmatigheden bij regionale verkiezingen. „Als dat niet gebeurt, komt er geweld”, zegt ambtenaar Martínez. „Dan zal de overheid onder druk van het leger en het machtige bedrijfsleven en de banken hard optreden om de orde te herstellen.”