De zes beste boeken voor binnen

Toef Jaeger kiest de beste Engelstalige boeken. Waar kun je op vakantie beter over lezen dan andermans ellende?

1 Wie het zich kan veroorloven kan maar beter in een hotel kruipen en niet in een motel. Maar wat is de romantiek van een hotel eigenlijk helemaal, laat staan van een camping. De kans is groot dat je het voorbijrazende autoverkeer, de opflikkerende neonlichten, zoemende ijskasten en luidruchtige buren moet missen. Motels zijn een stuk geschikter voor een road novel dan welke Ibis of Novotel ook. Vieze badkamers en doorgelegen bedden: ze staan symbool voor wie aan de onderkant van de samenleving woont.

De road novel is misschien het beste te typeren als een uiterst Amerikaanse versie van de Odyssee, vaak met vergelijkbare beproevingen en initiatieriten (zij het hedendaagse varianten), maar dan wat minder in een klassieke traditie geworteld. Bovendien is het een procédé waar de Amerikanen wel pap van lusten, niet alleen in de literatuur, maar ook in de film. Behalve de afwezigheid van traditie is het bovendien typisch Amerikaans omdat het woord niet te vertalen is. Wegnovelle of ANWB-film: dat bekt allemaal niet.

Hoe Amerikaans en veelvuldig beproefd het genre ook is, de singer-songwriter Willy Vlautin weet te boeien met zijn debuut The Motel Life. Toen hij zijn bandleden van Richmond Fontaine vertelde dat hij een boek had geschreven barstten ze in lachen uit. Maar eigenlijk is het helemaal niet zo verrassend dat Vlautin naast zijn liedjes ook aan de slag zou gaan met prozatekst. In zijn liedjes laat hij al zijn betrokkenheid bij de samenleving horen (tussen de liedjes leest hij ansichtkaarten voor met allerlei persoonlijke drama’s, op cd’s prijken teksten als ‘This Is The Land Of Broken Dreams’).

Zo ook in deze novelle. Wanneer op een nacht Jerry Lee met zijn dronken kop een kind op een fiets doodrijdt, is dat het begin van het einde. Hoewel, eigenlijk had het verval zich al eerder ingezet. De moeder van Jerry Lee en van Frank (het hoofdpersonage) was al op jonge leeftijd overleden, Franks grote liefde is er vandoor en beide broers zijn zonder diploma van school af.

Maar wanneer het leed behalve henzelf ook een ander betreft, zet de neergang erg snel in. In plaats van hun verantwoordelijkheid te nemen, pikken ze het dode kind op en kwakken het op het grasveld voor het ziekenhuis. Ze vluchten en drinken zich lam (de whiskyflessen en six-packs vliegen de lezer om de oren). Schuldgevoel, geldgebrek, kansloosheid en volwassenwording: het zit er allemaal in. En dat niet naar dramatisch, maar mooi en klein.

Hopelijk wordt deze novelle in het geheel geen succes en zal Richmond Fontaine ook weinig cd’s blijven verkopen, want dan zal Vlautin tenminste voorlopig nog in motels moeten verblijven.

Willy Vlautin: The Motel Life. Faber & Faber, € 19,95

2 Over het plot van Never Let Me Go, de recentste roman van Kazuo Ishiguro, moet je eigenlijk vooraf niet teveel weten. Het bekende thema van liefde en dood, dat zich deze keer afspeelt rondom een soort kostschool voor bijzondere kinderen.

Maar waarom zijn ze bijzonder en wat voor school is het eigenlijk? De hoofdpersoon doet niet veel meer dan over haar jeugd vertellen en het gruwelijke geheim wordt indirect, en langzaam prijsgegeven: dít is pas een spannend boek! (Mijd overigens de Nederlandse editie: die verraadt het geheim reeds op de achterflap.)

Kazuo Ishiguro, Never Let Me Go. Faber & Faber, 276 blz. €11,95

3 Veel minder geheimzinnig is Lunar Park, de nieuwste roman van Bret Easton Ellis. Het boek begint met een karikaturale schets van Ellis’ carrière (vooral drugsgebruik en verkoopcijfers worden schromelijk overdreven) waarna het boek zich ontpopt tot een exuberante thriller. Patrick Bateman, de hoofdpersoon uit American Psycho, duikt op om zijn schepper te terroriseren. Ellis speelt behendig met zijn reputatie als stem van zijn generatie en Lunar Park houdt het midden tussen een studie over fictie en werkelijkheid, een afrekening met de vader, en ordinaire horror – en dat alles met een flinke laag zelfspot.

Bret Easton Ellis, Lunar Park. Vintage, 400 blz., €10,99

4 Waar kun je op vakantie nu beter over lezen dan de ellende van anderen?

In A Long Way Down vertelt Nick Hornby over vier mensen die op nieuwjaarsdag hetzelfde plan hebben: zelfmoord plegen. Ze besluiten het einde zes weken uit te stellen, en in die periode trekken ze met elkaar op en leren ze elkaar kennen. Ze kunnen niet erg met elkaar opschieten maar in die periode vinden ze toch genoeg reden om te blijven leven. Dat klinkt klef, en dat is het ook wel, maar Hornby behoudt gelukkig zijn gevoel voor humor.

Nick Hornby, A Long Way Down. Penguin, 255 blz. €11,98

5 Norwegian Wood is een van de ‘gewonere’ boeken van Murakami, een liefdesverhaal dat zich afspeelt tussen studenten in de jaren zestig en dat in een terugblik wordt verteld.

Maar zelfs in een gewone Murakami ben je als lezer nooit op je gemak – je krijgt geen vat op de aard van de liefdesrelatie, maar dat krijgen de geliefden ook niet: ‘I once had a girl / Or should I say / She once had me’ – gaat het Beatles-liedje waarnaar de roman is vernoemd. Deze onzekerheid maakt dat de personages al even verloren en zoekend rondlopen als in Murakami’s andere werk.

Haruki Murakami, Norwegian Wood, Vintage, 400 blz., €8,95

6 Daniel Fletcher heeft een overdosis pijnstillers genomen – omdat hij hoofdpijn had of zelfmoord wilde plegen, dat wordt niet duidelijk. Het is aan de arts van de inrichting om daarachter te komen. Maar Fletcher heet eigenlijk John Vincent, en heeft dit al vaker meegemaakt. Om uit de klauwen van de instanties te blijven, meet hij zich steeds nieuwe identiteiten aan. Hij vindt zichzelf geen bedrieger (con man) maar eerder een contortionist: iemand met extreem flexibele gewrichten, een soort menselijke Barbapapa. Een verhaal over schijn, wezen, en vooral veel bedrog.

Craig Clevenger, The Contortionist’s Handbook. HarperCollins, 215 blz., €13,99