Drie dagen lang in je eigen wereld

Op het Lowlands Festival treden volgend weekeind meer dan honderd bands en tientallen andere kunstenaars op. Daardoor wordt het ook wel het ideale festival voor de zap-generatie genoemd. Het is inmiddels een voorbeeld voor het buitenland. „Je moet de aandacht van het publiek pakken.”

‘Lowlands? Dat is een drukke stad, met volle straten, waar de bewoners constant heen en weer lopen, en ondertussen gluren ze bij ons, de muzikanten, naar binnen.”

Drummer Jeroen Kleijn kan het weten. Vier keer trad hij op het popfestival in Biddinghuizen op, met de band Daryll Ann, aankomend weekend speelt hij er drie keer, met Spinvis en de groep Johan. En in de tussenliggende jaren bezocht hij Lowlands ook.

„Op Lowlands komen de mensen die van alternatieve muziek houden samen”, zegt Kleijn. In deze stad, die naast poppodia ook een camping, een mini-supermarkt en diverse restaurants telt, zijn de bewoners onder elkaar, drie dagen lang. De bezoeker waant zich er in zijn eigen wereld.

Maar hoewel Kleijn de grote muzikale variëteit op het festival prijst, draait Lowlands niet alleen om muziek. „Het is de sfeer.” Net als anderen roemt de drummer de vormgeving; immens hoge decorstukken en kunstwerken bepalen het aanzien van het evenement. Ook worden de consumpties geprezen; Lowlands was het eerste popfestival met een Italiaans restaurant. En buitenlandse gasten verbazen zich vooral over de schone toiletten en de warme douches.

Lowlands heeft goed naar het Deense festival Roskilde gekeken, zegt Willem van Zeeland van het Nederlandse Pop Instituut (NPI). „Roskilde is een breed opgezet muziekfestival. Zoiets bestond begin jaren negentig nog niet in Nederland.”

Lowlands, dat begon in 1993, had als een van de eerste in de gaten dat het fenomeen popfestival veranderde; in tegenstelling tot concurrent Pinkpop bijvoorbeeld, dat rock bleef programmeren, eerst op één podium, later op enkele podia. „Rock is een ijzersterke formule”, zegt Pinkpop-organisator Jan Smeets desgevraagd.

Lowlands had daarentegen door dat rock en dance elkaar uitstekend verdroegen – al wordt betwist of Lowlands daadwerkelijk de eerste was die de trend oppikte. Huidig festivaldirecteur Erik van Eerdenburg zegt daarover: „Het verschijnsel crossover hing in de lucht, en wij hebben het, samen met enkele andere poppodia en clubs, daar uit geplukt.” Op de eerste editie van Lowlands trad de houseband Quazar op. Veel succes verwachtte organisator Mojo, die zich tot dan toe had toegelegd op rockgroepen, niet. „Tot onze verbazing ging Quazar erin als koek”, aldus Van Eerdenburg.

En zo kon het gebeuren dat de middag en de avond aan de muzikanten toe vielen, terwijl de nacht aan de discjockeys behoorde. Een concept overigens, dat in de jaren negentig ook ingang vond bij veel (vaak in financiële nood verkerende) popzalen elders in het land; door eerst een band te laten optreden en later een discjockey te laten draaien, genereerden deze zalen twee ‘shifts’, twee stromen betalende bezoekers op één avond.

Lowlands ontwikkelde zich snel tot een cultuurfestival, met aandacht voor cabaret, dans, politiek, (straat)theater, vormgeving. Wie de muziek even zat is, hoeft zijn heil dus niet op de festivalmarkt tussen de onvermijdelijke teenringen en de gebatikte rokjes te zoeken, maar kan naar de voordracht van een schrijver, met een politicus discussiëren of naar een film kijken, in de openluchtbioscoop op het festivalterrein.

Al vindt Pinkpop-organisator Jan Smeets dat deze activiteiten te veel aandacht opeisen. „Je zou bijna vergeten dat The Arctic Monkeys er óók optreden.”

Lowlands geeft minder om bekende bands en grote namen dan Pinkpop, zegt Van Eerdenburg. „Pinkpop heeft één hoofdpodium met één hoofdact. Daar hangt alles vanaf.” Het grootste podium op Lowlands, waar de meeste optredens zich in tenten afspelen, kan slechts de helft van het publiek herbergen. De andere helft moet zich elders op het terrein vermaken. Toch kan Lowlands niet zonder grote namen. Toen bekende bands in 2003 naar de financieel aantrekkelijker festivals in Groot-Brittannië trokken, kampte het evement in Biddinghuizen met een dalend bezoekersaantal.

Het is de reden waarom het festival, dat jarenlang in het laatste weekend van augustus plaatsvond, een week naar voren is gehaald; het festival past nu beter in de toerschema’s en bovendien hoeft Mojo de (dure) concurrentie met de Britse festivals niet aan.

De bezoeker van Lowlands

is nieuwsgierig en kieskeurig, weet organisator Mojo. En dat vergt een precieze keuze uit het huidige muziekaanbod. Van Eerdenburg: „De bezoeker wil groepen die nog spanning met zich meedragen. Bands waarvan nog niet duidelijk is waar ze naar toe gaan. In Live en Coldplay heeft hij geen zin, die heeft hij wel gezien, in The Raconteurs en The Arctic Monkeys wel.” Tegelijk wil hij in de uithoeken van het terrein ook kleine juweeltjes aantreffen. En soms vindt hij die; ik herinner me optredens van de Nederlandse zangeres Solex en de Noorse dj Bugge Wesseltoft.

Door de opzet van het festival (meer dan honderd bands en tientallen andere kunstenaars in drie dagen) wordt Lowlands ook wel het ‘ideale festival voor de zap-generatie’ genoemd. Maar door diezelfde opzet hebben artiesten moeite de aandacht van het publiek vast te houden. „Bij een optreden in een zaal kun je risico’s nemen, op een festival niet. Een groot deel van het publiek kent de band niet, ze zien je voor het eerst. Je moet hun aandacht pakken, anders lopen ze door naar de volgende act. Dat betekent niet dat je alleen makkelijk in het gehoor liggende muziek moet spelen, maar je moet ook niet willen experimenteren in de uitvoering”, meent drummer Kleijn.

Ook Van Zeeland van het popinstituut constateert dat „als een optreden niet bevalt, het publiek binnen vijf minuten weg loopt”. Zelf verzorgt Van Zeeland dit jaar mede het schrijversprogramma. En ook daar gaat het om korte optredens en snelle wisselingen. „We kunnen ons niet permitteren dat het een paar minuten inzakt.”

Immers, er is nog zoveel meer te doen. Zodoende staat de massa (het festival trekt jaarlijks ruim 50.000 bezoekers) nooit stil. Iedere minuut van de dag sloffen duizenden mensen door stofwolken of modderplassen – al naar gelang het weer.

Een stadje, waar iedereen voortdurend heen en weer loopt.

Misschien meer nog dan de muzikale hoogtepunten blijven de bezoekers de niet-muzikale uitspattingen bij. Honderden mensen die onder leiding van een heuse aerobic lerares simultaan op het nummer I Will Survive in de uitvoering van de Amerikaanse popgroep Cake dansten – nooit zouden ze dat nummer meer kunnen horen zonder aan het bijbehorende dansje te denken. Tientallen jongeren die elkaar met schillen en vruchtvlees uit de container van de jus d’orange-verkoper bekogelden. Mensen die applaudisseerden voor een man die door middel van enorme scheten grote wolken talkpoeder uit zijn broek wist te blazen.

Natuurlijk bloeit de liefde ook. Veelal gaat het om one night stands, maar soms vloeit er echte liefde uit voort; in 2001 werden vijf stellen in de echt verbonden die elkaar tijdens voorgaande jaren op het festival hadden ontmoet.

Keek Lowlands de kunst

af van het Deense Roskilde, inmiddels kijken buitenlandse festival naar Lowlands, aldus Van Zeeland. Van Zeeland, die bij het NPI verantwoordelijk is voor de promotie van Nederlandse bands in het buitenland, bezoekt die festivals regelmatig. „Coachella in Californië, dat zich een European style festival noemt, is op Lowlands geënt.”

Ook leidde hij een aantal buitenlandse festivalorganisatoren, onder meer uit Australië en Japan, rond op Lowlands. En die verwonderen zich niet zozeer over de programmering als wel over de voorzieningen. „Over de toiletten en douches, over het eigen rioleringssysteem, over de crowd control.” Zo ontwikkelde Mojo speciale dranghekken om te voorkomen dat mensen voor aan het podium worden platgedrukt.

Lowlands? Dat is een plek waar de liefhebbers van alternatieve muziek onder elkaar zijn. „Lowlands is voor ons soort mensen”, lacht drummer Kleijn. De enkele festivalgangers die gebruik maken van de kortingsbon voor pretpark Six Flags dat tegen Lowlands aan ligt, begrijpen dan ook niet waar het om draait; ze begrijpen niet dat als ze in bakjes langs de hoge toren omhoog worden getakeld om vervolgens gillend naar beneden te suizen, ze ‘onze’ wereld verlaten.

Als je dan toch de lucht in wilt, waarom maak je dan niet een ritje in het mini-reuzenrad op het terrein van Lowlands? Het ding is amper drie meter hoog, maar na het derde kopje paddestoelen-thee waan je je in de Millenium Dome in Londen.

Lowlands, vrij 18, za 19 en zo 20 augustus op het festivalterrein van Walibi World in Biddinghuizen. Info: www.lowlands.nl