Het speciaalbiertje van het zuivelschap

Wat eten we? Na jaren van minder vet, waarin alles light en halfvol was, zijn er nu wetenschappers die verzadigd vet niet zo slecht noemen. Romig en vol is terug van weggeweest. Zo ook de melk van de Jersey-koe.

Jersey-koeien zijn intelligent, nieuwsgierig en een tikkeltje eigenwijs, staat er op een pak Holland Jersey-melk. Dat ze nieuwsgierig en eigenwijs zijn, geloven we wel. Ga maar eens in een wei vol koeien staan, wat voor koeien dan ook. Intelligent? Vooral de makers van deze melk hebben het slim bekeken. Een liter volle melk voor 1,99, terwijl een pak Zaanse Hoeve 89 cent kost. Met zo’n prijsverschil kom je alleen weg als je iets bijzonders te verkopen hebt. Een goed verhaal is de halve prijs.

Holland Jersey heeft in elk geval een verhaal. Een deel van dat verhaal zit in de melk: er zit 20 procent meer proteïne en vet, vitaminen en mineralen in dan in gewone volle melk. Het moet kloppen, anders mag je het niet op het pak zetten, en het kan ook makkelijk, zegt Kasper Hettinga, melkonderzoeker aan de Wageningen Universiteit. „Ik had zelfs een groter verschil verwacht. Een derde meer proteïne en vet is gebruikelijk. Daarom wordt er ook vaak kaas gemaakt van Jersey-melk, die wordt er lekker smeuïg van.”

Robuust

Hettinga vindt de bruine koe, die oorspronkelijk van het gelijknamige Britse eilandje komt, een prachtige robuuste koe. „Je ziet ze over de hele wereld, maar hier zijn ze niet zo populair, want ze produceren veel minder melk dan onze zwart-witte Holstein-Friesian-koeien. Die worden al jaren gefokt om steeds meer liters te geven.” Een Jersey haalt amper driekwart van de melkgift van een Holstein. „Daardoor is die melk geconcentreerder, in minder volume zit relatief meer eiwit en vet.” In gewone volle melk zit ongeveer 3,5 procent vet en evenveel eiwit, in Jersey-melk is dat 6 en 4,2 procent. Hij wordt ook niet afgeroomd, in tegenstelling tot gewone melk.

De Jersey-koe met z’n neus in de boter. Er waren jaren dat we massaal minder vet wilden, alles moest light en halfvol. Maar nu er wetenschappers zijn die zeggen dat verzadigd vet misschien niet zo slecht is als we dachten, is romig en vol terug van weggeweest. De Jersey-melk profiteert nog eens extra van deze trend. „10 procent van de melk die in Nederland verkocht wordt is volle melk. Bij ons is het meer dan de helft”, zegt Toon Branbergen, die de marketing van Holland Jersey doet.

De marketingman vertelt graag ook de rest van het verhaal. Het gaat niet alleen om de koe met z’n bijzondere melk, het gaat ook om de boer, die voor deze melk een betere prijs krijgt, zegt hij. Branbergen wil niet oordelen, maar hoe kan het dat een liter melk goedkoper is dan cola? Jersey-melk is duurder dan cola. Dat moet ook wel. Niet alleen produceert de koe minder, en krijgt de boer meer, maar ook de weg naar het pak is duurder. Om Jersey-melk als Jersey-melk te mogen verkopen moet de melk van aparte tanks met aparte melkwagens naar aparte silo’s en fabriekslijnen gebracht worden. Alleen met een aparte keten mag hij verkocht worden als Jersey-melk, in plaats van anonieme melk uit de grote melkplas.

Sojamelk mag geen melk meer heten, maar zo wordt het niet makkelijker voor de consument.

Daarom ook die aparte pakken. Zwart, met een grote bruine knuffelkoe voluit op het pak. Geheel in strijd met de zuivelkleurcodes: wit-donkerblauw voor vol, wit-lichtblauw voor halfvol. „Zo zie je meteen dat het iets bijzonders is.” Zo vermoed je ook meteen: hier moet ik voor betalen. En dat is precies de bedoeling. De marketingman: „Jersey-melk is het speciaalbiertje van het zuivelschap.”