‘Ik wil dit niet! Niets is zo erg als mensen te zien sterven’

De film ‘World Trade Center’ van Oliver Stone over de 9/11-aanslagen ging gisteren in première in New York. Maar de zaal zat lang lang niet vol. „De New Yorkers willen overleven, niet stil staan.”

„Ik ga normaal geproken nooit alleen naar de bioscoop”, zegt Devin Ratray na afloop van de film World Trade Center van regisseur Oliver Stone. „Maar niemand van mijn vrienden wilde mee en ik moest en zou deze film zien.”

Ratray is opgegroeid in Downtown Manhattan en zag de twee torens destijds bij wijze van spreken voor zijn neus instorten. „Ik heb me meteen als vrijwilliger bij de eerste hulp aangemeld en zo in ieder geval nog iets kunnen doen. Ik heb me altijd voorgesteld hoe het er binnenin de torens aan toe is gegaan. Daarom wilde ik zien hoe een belangrijke regisseur als Stone dit zou verbeelden.” Hij heeft er overigens alle begrip voor dat niemand met hem mee wilde. „De New Yorkers die ik spreek, vinden dat ze al genoeg herinnerd worden aan die traumatische dag. Die willen juist verder leven, niet stilstaan.”

Daarnaast had Ratray zelf nog een extra reden om de film te gaan zien: hij is acteur – hij speelde onder andere de rol van Buzz in Home Alone 1 en 2 – en had auditie gedaan voor de rol van agent Polluzo in World Trade Center. Omdat hij ‘niet Italiaans genoeg’ werd bevonden, kreeg hij de rol niet en was daarom extra benieuwd naar het eindresultaat.

De film viel hem niet tegen. „Het is misschien niet Stone’s beste film, maar hij was ontroerend genoeg. Ik heb in ieder geval de nodige tranen gelaten. Wat dat betreft ben ik eigenlijk wel blij dat mijn vrienden er niet bij waren.”

Ratray’s vrienden zijn niet de enige New Yorkers die het vanavond hebben laten afweten. De zaal in de bioscoop Clearview’s Chelsea is nauwelijks voor een derde gevuld – niet best voor de eerste vertoning van een film met een budget van 60 miljoen dollar. Op hetzelfde tijdstip is de belendende zaal wel uitverkocht. Daar draait The Devil Wears Prada: ook een film die zich afspeelt in New York, maar dan in de modewereld.

De New Yorkers die wel voor World Trade Center zijn gekomen, geven bijna allemaal dezelfde redenen op: om 9/11 ‘niet te vergeten’ of uit nieuwsgierigheid naar ‘wat Hollywood ervan gemaakt heeft’.

Bij het begin van de film is de zaal dan ook muisstil, zelfs het in Amerikaanse bioscopen gebruikelijke geluid van naar popcorn graaiende handen blijft achterwege. De stilte wordt pas onderbroken als president George W. Bush heel even in beeld komt. „You fucking asshole”, roept een vrouw uit het publiek. Niemand reageert.

Daarvoor is dit deel van de film ook te intens. Zonder daadwerkelijk te tonen hoe de vliegtuigen zich in de Twin Towers boren, laat Stone horen, zien en voelen hoe verwoestend de aanslagen van 9/11 voor de betrokkenen moeten zijn geweest.

Het wordt Bernard Arason, verpleger in het New York Presbyterian Hospital, op een zeker moment te veel. „Ik wil dit niet meer”, roept hij en stormt de zaal uit. Het ziekenhuis waar Arason werkt, is gespecialiseerd in brandwonden, vertelt hij na de film. „Dus veel zwaargewonden kwamen bij ons terecht. Opeens zag ik het allemaal weer voor me. Niets is zo erg als mensen te zien sterven.”

Arason komt even later terug en zal de rit uitzitten, zoals iedereen. Dat was niet altijd even makkelijk, vertelt Eliana Space. „Ongelooflijk wat een film met je kan doen. Ik was weer net zo bang als toen. Op een gegeven moment kon ik ook die afschuwelijke brandgeur weer oproepen.” De studente criminologie woonde tijdens 9/11 vlak bij het World Trade Center.

Het verhaal zelf – de film gaat over twee agenten die na 22 uur vanonder de puinhopen van de Twin Towers werden gehaald – kon Space verder niet bekoren. „Dat was zo cliché. Of dat nou waar gebeurd is of niet, een film over 9/11 hoort geen gelukkig einde te hebben.”

De film ‘World Trade Center’ draait vanaf 21 september in de Nederlandse bioscopen.