Feestpil tegen depressie

Een party drug wijst via een wonderbaarlijke genezing de weg naar nieuwe antidepressiva.

Het was een wonderbaarlijke genezing. Zwaar depressieve patiënten die op geen enkele therapie meer reageerden, kregen een injectie en voelden zich een uur later al een stuk beter. Hun geluk duurde een week.

Nou ja, het lukte bij 12 van de 17 patiënten. En 9 van die 12 bleven langer dan een week uit hun depressie. Dat het geen echt wonder is, blijkt trouwens uit publicatie in het augustusnummer van het Amerikaanse Archives of General Psychiatry.

De depressieverdrijver heet ketamine. Het is een narcosemiddel uit de jaren zestig dat dierenartsen nog wel toepassen. Het is aanvankelijk ook bij mensen gebruikt, maar omdat nog al wat patiënten vervelende bijna-dood-ervaringen kregen, stopten de anesthesisten ermee.

Nu is het een party drug, in de VS is het populair in combinatie met XTC. In lage dosering veroorzaakt het een als prettig omschreven euforie, maar bij hoge dosering word je slap en verlies je de spiercontrole.

En ketamine werkt dus ook tegen depressie. Niet vanwege de euforie die na een uurtje wel voorbij is, maar door een ander werkingsmechanisme.

Wat is hier aan de hand? De bestaande medicijnen tegen depressie hebben pas effect één of twee weken nadat de patiënt ze is gaan slikken. De Prozac-achtige serotonineheropnameremmers (de SSRI’s) zijn tegenwoordig overbekend. Van die Prozac-middelen is altijd gezegd dat de depressie verdwijnt doordat er meer van de signaalstof serotonine in de hersenen beschikbaar komt. Dat is ook wel zo, maar die toename van serotonine heeft zeker geen direct effect op de stemming. Hoe het wel zit is nog steeds onbekend. Deskundigen houden het er op de serotonineverhoging met vertraging een signaalsysteem elders in de hersenen beïnvloedt. De dagenlange vertraging ontstaat doordat de hoeveelheid receptoren (eiwitten die signaalmoleculen binden) in het systeem wordt aangepast.

Er zijn de laatste jaren sterke aanwijzingen dat een signaalsysteem rond het boodschappermolecuul glutamine een grote rol speelt. Ketamine blokkeert toevallig een receptor in dat systeem en was dus uitstekend geschikt als experimenteel middel. Na experimenten bij proefdieren en bij gezonde vrijwilligers volgde dit onderzoek waarbij ook patiënten een nepmiddel kregen.

Waarschijnlijk zoeken heel wat farmaceutische industrieën inmiddels naar moleculen die wel de antidepressieve werking hebben, maar niet na iedere pil een trip van een uur opleveren.

Wim Köhler