Bij Vendex bleef niets hetzelfde

Steeds meer bedrijven komen in handen van investeringsmaatschappijen.

Bij Maxeda, voorheen Vendex KBB, valt te zien wat dat in de praktijk betekent.

Daar ging het dan, het sociaal plan, rechtstreeks naar de prullenmand. Een meute managers verliest zijn baan, de topman wordt vervangen, leveranciers sturen boze brieven en een CAO-onderhandeling bij de HEMA eindigt bij de rechter.

Er zijn veel partijen met klachten over Maxeda, het voormalige Vendex KBB dat nu twee jaar in handen is van een groep voornamelijk buitenlandse investeringsmaatschappijen. Die hebben zelf geen reden tot klagen, hun rendement is veelbelovend.

Toch is het moederbedrijf van Hema, V&D en Praxis niet alleen maar een verhaal van jachtige en ongevoelige investeerders die op een gewetenloze manier geld proberen te verdienen. Er wordt ook gebouwd aan de winkelketens, geëxperimenteerd met nieuwe verkoopformules en geïnvesteerd in een beter productaanbod.

Buitenlandse investeringsmaatschappijen kopen steeds meer Nederlandse bedrijven, met als doel om deze binnen enkele jaren – al dan niet in stukjes – met veel winst weer te verkopen. De uitgevers VNU en PCM (uitgever van nrc.next), zakenbank NIBC, kabelbedrijven Casema, Essent en Multikabel. Vorige week verkocht Philips zijn chipdivisie aan investeerders. Het voormalige Vendex KBB is, slechts twee jaar na de overname, uitgegroeid tot hét praktijkvoorbeeld van wat een overname door investeerders allemaal kan betekenen.

In de wereld van investeringsmaatschappijen betaalt het bedrijf zijn eigen overname. Vendex KBB dus ook. Investeerders gebruiken relatief grote leningen bij hun overnames. Alleen nemen zij zelf niet het risico, de leningen hangen om de nek van het doelwit – ook bij Vendex.

Investeerders willen zo snel mogelijk hun geld terug, dat geeft ze meer zekerheid. Disciplinering van het doelwit is het motto. Hiertoe gebruiken de bedrijfshandelaren vaak een speciale lening die zij zelf aan het bedrijf verstrekken. Ook Vendex kreeg zulke kredieten, tegen relatief hoge tarieven. Om zo’n lening af te lossen, moet het bedrijf zelf snel geld gaan verdienen, bijvoorbeeld door verkoop van tafelzilver. Het vastgoed van Maxeda bleek een fantastische quick buck. Het concern kreeg vorig jaar naar schatting 1,4 miljard euro voor 73 panden. Een deel daarvan vloeide, via de aflossing van de speciale lening, rechtstreeks naar de portemonnee van de investeerders. Een superdividend volgde eveneens.

Dat waren de grote stappen bij Maxeda.

Dan de iets kleinere: andere kostenbesparingen. Maxeda zette een afdeling op die zich concentreert op besparingen bij de inkoop. Leveranciers merkten het meteen. Van de ene op de andere dag verdubbelde het concern zijn betalingstermijn: leveranciers kregen niet meer na uiterlijk 30 dagen, maar na 60 dagen betaald. Wie daar problemen mee had, kon afscheid nemen. Het leverde Vendex KBB een eenmalige besparing op van circa 100 miljoen euro. Daarnaast kondigde het bedrijf een apart fonds aan, waarbij leveranciers 5 procent van een order zouden moeten afdragen ten bate van Vendex. Het zorgde voor grote ergernis bij Modint, de brancheorganisatie voor mode, interieur, tapijt en textiel. Directeur Han Bekke: „Dat fonds ging na veel aandringen van tafel. Maar het is in de praktijk vervangen door een structureel opgelegde prijsverlaging voor leveranciers van 0 tot 5 procent.”

De aandacht van investeerders is niet per definitie destructief. Bij Maxeda is een apart orgaan opgezet om de beloning van managers te regelen. Uitgangspunt: meer prestatieafhankelijke beloning. Daarnaast wordt sinds de overname intensief geëxperimenteerd met producten en nieuwe doelgroepen. De Hema stapte in mobiele telefonie, in verzekeringen en biedt pinmachines aan. Bij V&D worden hoekjes ingeruimd voor andere winkelformules. De succesvolle eetformule La Place spreidt zijn vleugels uit in de bedrijfscatering, terwijl Hema met minivestigingen experimenteert.

Bij de Hema was de komst van een nieuwe eigenaar ook op andere terreinen merkbaar. De eerste CAO werd voor de rechtbank uitgevochten. Geert Rijzinga van CNV Dienstenbond verwacht ook veel discussie over de CAO’s van V&D, Bijenkorf en Praxis. „De directie wil prestatiebeloning bij verkopers invoeren. Daar zijn wij altijd tegenstander van geweest.” De overname was in vele opzichten een cultuurschok voor het personeel. „Een van de eerste dingen die gebeurden, was dat het sociaal plan werd opgezegd”, zegt Rijzinga. Volgens hem is er in de omgang met het personeel een enorme ommezwaai gemaakt. „De Bijenkorf stond bijvoorbeeld bekend als een werkgever met een heel sociaal gezicht. Dat is helemaal verdwenen. Er bestaat nog maar één belang en dat is het belang van de aandeelhouder.”