‘Paus’ Bush stelt grens aan onderzoek

Het veto van Bush over stamcelonderzoek legt de Amerikaanse wetenschap aan een morele ketting.

Dé kans voor Nederland om onderzoekers te trekken.

Het wetenschappelijk onderzoek in de VS is voortaan gebonden aan een ethische loden bal, dankzij het eerste veto van president Bush. Zijn weigering betrof het door de Senaat gesteunde voorstel om wetenschappelijk onderzoek aan embryonale stamcellen door de Amerikaanse overheid financieel te ondersteunen. Het voorstel zou de mogelijkheden verruimen om onderzoek te doen aan menselijke cellen die afkomstig zijn van ongebruikte, in-vitro bevruchte cellen: cellen die normaal gesproken worden vernietigd. Het gebruik van dergelijke stamcellen is wel toegestaan in bijvoorbeeld Engeland en Zweden.

Wetenschappelijk tijdschrift Nature was ongewoon hard in zijn oordeel over het veto: het redactioneel commentaar van 27 juli sprak van een monumental error en citeerde Austin Smith, een Engelse onderzoeker: „Dit is een aanval op de gehele wetenschap”.

Het veto van president Bush lijkt gebaseerd op zijn religieuze achtergrond, en uiteraard op zijn religieuze achterban en dito lobby. Dankzij het vetorecht mag de Amerikaanse president zijn eigen ethische en morele overtuiging plaatsen boven de beslissing van een meerderheid in de Senaat. Om religieuze overwegingen een besluit over wetenschappelijk onderzoek te laten terugdraaien, waar volgens onderzoek een ruime meerderheid van de bevolking achter staat, zet religie aan de knoppen van het wetenschapsbeleid. Dat schept het beeld van een paus die grenzen mag stellen aan het wetenschappelijk onderzoek in de VS. Dat verklaart - meer dan de inhoudelijke consequenties van het veto - waarom vergelijkingen zijn getrokken met Galileo, die in 1633 pijnlijk ervoer dat de kerk de grenzen stelde aan wetenschappelijke kennis.

Het goede nieuws komt dit keer uit Europa, en dat levert grote kansen op voor ons eigen wetenschapsbeleid. Toevallig was het in dezelfde week dat de EU een geheel ander besluit nam over onderzoek aan stamcellen. Op 24 juli besloot de EU om in het Europese onderzoeksprogramma het gebruik van embryonale cellen toe te staan, maar zonder de ruimere mogelijkheden van bijvoorbeeld Engeland en Zweden over te nemen. Zo is in één week de morele klok in Europa vooruit gezet en die in de VS teruggedraaid.

En dat terwijl Europese wetenschappers al jaren jaloers naar de VS kijken. We zijn jaloers op de massa’s goed opgeleide Aziatische onderzoekers die over ons continent heen vliegen, op weg naar de laboratoria in de VS. Maar het Amerikaanse normatieve klimaat lijkt Europa nu eens ten goede te komen. Dat betekent dat er kansen ontstaan in de internationale wedloop voor kennis en kenniswerkers. Dit opent de mogelijkheid om voordelen van onderzoek in Europa te tonen en talentvolle Aziaten op Schiphol uit te laten stappen. Een mooi moment om deze normatieve wind in de rug aan te wenden voor een klinkend onderzoeksklimaat.

Nu verkiezingsprogramma’s worden geschreven, is het belangrijk om expliciet vast te stellen dat grenzen aan onderzoek niet moeten worden vastgesteld door een religieuze discussie.

Het is verbazingwekkend dat wetenschap, anders dan in bijvoorbeeld Duitsland, in ons land geen geliefd verkiezingsonderwerp is. WAO, hypotheekrenteaftrek en wat al niet meer de Nederlandse portemonnee direct raakt, staan hoog op de agenda. Tegelijk suggereert de populariteit van tweetalig middelbaar onderwijs dat de samenleving zich al opmaakt voor de mondiale slag om kennis en kenniswerkers. En het klimaat dat wij aan kenniswerkers bieden in ons land wordt meer bepaald door ons vermogen religieuze reflexen buiten de deur te houden, dan bijvoorbeeld door onze arbeidsongeschiktheidsregeling.

Dit laat zien dat wetenschapsbeleid en het debat over grensverleggend onderzoek thuis hoort in de verkiezingsstrijd. Laat de verschillende partijen duidelijk maken hoe zij onze kenniscultuur zien. Wetenschappelijk onderzoek is té belangrijk geworden om door onweerlegbare religieuze stellingen te laten bepalen. Onze collega’s in de VS merken meer en meer hoe de religieuze lobby een moreel plafond aanlegt. Van de politiek mogen we verwachten dat die een cultuur schept waarin wetenschapsbeleid tot stand komt in een debat. Maar dan wel een debat zonder onaantastbare, dogmatische standpunten.

Yigal Pinto is hoogleraar cardiologie in Maastricht, Bert-Jaap Koops is hoogleraar regulering van technologie in Tilburg. Beide zijn lid van de Jonge Akademie van de KNAW (www.knaw.nl/dja)