Het probleem met cavia’s die in bananendozen hebben gezeten

Een vrouw ging even een plasje doen in de natuur bij Almere en zag tijdens het plassen wat bananendozen staan. Daar bleken negenenveertig cavia’s in te zitten. „Ik denk dat het zeven dozen waren, met elk zeven cavia’s”, zei mijn vader, die nogal door wiskunde geobsedeerd is, toen ik hem dit verhaal vertelde.

Hoe de precieze verdeling cavia-bananendoos was, vond ik niet zo essentieel. Wel wilde ik de negenenveertig cavia’s graag zien. Dus ging ik naar het asiel van Almere. Daar werd ik ontvangen door Margret Janssen, de beheerder.

Je hebt twee soorten asielmedewerkers. 1. Kordaat, niet bang om een poepje op te ruimen, goed hart voor dieren. 2. Teleurgesteld in de mens, daardoor iets te diep in de dierenliefde geraakt, wil met pitbulls onder een dekentje liggen. Gelukkig was Margret Janssen een type 1.

Het probleem met cavia’s die enige tijd in bananendozen hebben gezeten, is dat hun aantal wild fluctueert. In de deprimerende omgeving van de bananendozen hadden de cavia’s namelijk nog genoeg levenslust gevonden om met elkaar naar bed te gaan. Dus nu werden er elke dag een paar geboren. Elke dag werden er ook een paar opgehaald, door goeiige mensen. „Er waren ook vier dode cavia’s bij”, wist Margret Janssen. „Maar die heb ik niet in het echt gezien, alleen op Omroep Flevoland.” Ze dacht dat de negenenveertig cavia’s vast gedumpt waren door iemand „met een uit de hand gelopen liefhebberij die door de bomen het bos niet meer zag”. Misschien een amateurfokker. „Want het zijn wel rasjes.”

Margret keek, qua dieren, nergens meer van op. Zo kreeg het asiel vorig jaar nog dertig ratten „waar ook nog jongen uitkwamen”. En er werd in Almere een woonhuis ontruimd waar vijfenzeventig honden in bleken te wonen. Vijfenzeventig.

Voor de cavia’s was inmiddels veel animo, en daarom wil ik even de aandacht vestigen op enkele andere dieren. Zo zijn er drie hanen en een kip die ook wel eens een huisje willen. „De hanen kunnen niet samen op ons veld, want dan wordt het knok”, zei Margret. Om knok te voorkomen mag er maar één haan met de kip op het veld. Er is ook een alleraardigst konijn dat Dick Bos heet, en een ander konijn dat Sletje heet. Een zeer adequate naam voor een konijn.