Gore’s baardverschuiving

Vorige week staarde hij mij onverwacht aan toen ik de boekhandel inwandelde. Op de cover van Entertaiment Weekly stond een levensgroot portret van de voormalige vice-president Al Gore, gelijkend op Batman, maar dan zonder hoofdkapje met oortjes. „Mr. Gore Goes to Hollywood” stond er in koeienletters boven zijn hoofd.

In Amerika kan alles. Een filmster kan politicus worden. Denk aan Ronald Reagan, die president werd, en Arnold Schwarzenegger die het heeft geschopt tot gouverneur van Californië.

De laatste jaren raken ook steeds meer acteurs en filmmakers betrokken bij politieke protesten of zetten zich, door middel van geëngageerde films, af tegen het beleid van president George W. Bush. Een bekend voorbeeld is Fahrenheit 9/11, de documentaire tegen de oorlog in Irak van heethoofd Michael Moore.

Recentelijk verschenen er films als Enron; the smartest guys in the Room (over fraude bij energiebedrijf Enron), Syriana (tegen het kapitalisme) en Good Night, and Good Luck. (voor onafhankelijke journalistiek). De laatste twee zijn van acteur en regisseur George Clooney die zich ook uitspreekt tegen de kwalijke gevolgen van het broeikaseffect en demonstratief in een elektrische auto rondrijdt.

En nu bewandelt Gore de weg in de andere richting, van Washington naar Hollywood. Ik wist dat Gore, die al twintig jaar lang lezingen geeft over het broeikaseffect, recentelijk de documentaire An Inconvenient Truth heeft gemaakt. Maar was dit echt de houterige presidentskandidaat die het zes jaar geleden opnam tegen George W. Bush? Keek ik werkelijk naar dezelfde persoon die er tijdenlang, na zijn verlies tegen Bush, met zijn nonchalante stoppelbaartje uitzag als een mislukte variant van de schrijver Ernest Hemingway?

Nadat Gore destijds de verkiezingen had verloren werd er in de Amerikaanse media gesuggereerd dat we van hem op het politieke vlak niet veel meer konden verwachten. De reden? Zijn gezichtshaar. Iemand met politieke aspiraties laat nu eenmaal zijn baard niet staan, stelde USA Today in 2001 stellig vast. „De laatste president met een flinke baard was Rutherford B. Hayes (1877-1881).” Maar inmiddels is die baard er dus af en heeft Gore een nieuw uiterlijk: die van Hollywoodster.

Dat bracht me op de volgende vraag: kan een politicus filmster worden? De afgelopen maanden is An Inconvenient Truth, waarin Gore ook fikse kritiek levert op de regering-Bush, in de VS een enorme hit geworden.

Op het filmfestival in Cannes werd de voormalige vicepresident als een ster binnengehaald. Entertainment Weekly concludeert dat de documentaire het onmogelijke mogelijk heeft gemaakt: eindelijk is Al Gore cool. ,,Als je werkelijk serieus genomen wilt worden door het (Amerikaanse) publiek (...) doe je niet mee aan de presidentsverkiezingen maar word je filmster”, schrijft het blad. Dat is fijn, althans voor Gore, want die kan nu in Vanity Fair poseren naast Julia Roberts (zie de ‘Green Cover’ van mei) in plaats van een kopje thee drinken met zijn christelijke vrouw Tipper.

Het probleem is dat de voormalige presidentskandidaat zichzelf ondertussen heeft klem gedraaid: hoe meer hij verwijderd raakt van de politiek, hoe representatiever hij wordt. In Entertainment Weekly laat Gore doorschemeren dat hij niet geheel uitsluit dat hij aan de komende presidentsverkiezingen wil deelnemen. Maar hoe dan? Als geëngageerde filmster? Voor een serieuze kandidaat zijn zijn opvattingen nu te radicaal. Artiesten hoeven hun opvattingen niet te nuanceren. Politici wel. Daarom kan Gore maar beter gehoor geven aan de oude raad van USA Today: word geen president en laat die baard maar weer staan. Jammer dat die nooit zo vol zal worden als die van George Clooney in Syriana.

Rosan Hollak

woensdag@nrc.nl