Vermindering van ambtenaren geen illusie

Als interim-manager met vele jaren praktische ervaring in ambtelijke organisaties las ik Ton Horrevorts` aanbevelingen voor een kleiner en platter ambtelijk apparaat (Opiniepagina, 1 augustus).

Ik voeg daaraan toe de noodzaak om ambtenaren strakker aan te sturen en persoonlijk te beoordelen op bedrijfseconomische parameters als arbeidsproductiviteit en persoonlijke doelstellingen. De gemiddelde productiviteit van een ambtenaar ligt tientallen procenten onder die van de commerciële dienstverlening: hij wordt exact gemeten met weldoordachte tijdschrijfsystemen, er kan tot op de komma worden verklaard dat zijn improductiviteit wordt veroorzaakt door o.a. overmatig vergaderen, dienstreizen en vele soorten verlofregelingen. Maar er wordt weinig vruchtbaars mee gedaan. Zijn 36-urige werkweek propt hij in 4 dagen à 9 uren en met de verantwoording daarvan wordt veelvuldig gesjoemeld. Het is een heksentoer om een vergadering met de voltallige staf te organiseren, omdat iedereen zijn `roostervrij` op een andere weekdag opneemt. De effectiviteit is ver te zoeken, maar er is nooit geldtekort.

Ambtenaren kunnen vrijwel nooit worden afgerekend op hun presteren. Het toewijzen van persoonlijke doelstellingen is zinloos, omdat er geen sancties kunnen worden getroffen. En een ambtenaar ontslaan is een illusie met het op hem van toepassing zijnde ontslagrecht.

De vermindering van 40.000 banen van ambtenaren is echter geen illusie: door die banen uit te faseren met gebruikmaking van het vergrijzingproces en het natuurlijk verloop gaat dat vanzelf. En de markt zal de dienstverlening aan de burger geleidelijk overnemen, met een heldere contractrelatie, productieve en snelle dienstverlening tegen lagere kosten en medewerkers die doen wat ze moeten doen. Waarop de burger kan rekenen.