Het lot wordt niet meer aanvaard

Wie is de schuldige? Die vraag werd zondagavond vlak na het ongeval met de trap in Utrecht meteen gesteld. „Dingen overkómen ons niet meer”, zegt sociaal-psycholoog Boutellier. Is het nieuws eigenlijk niet dat er zoveel goed gaat?

Burgemeester Annie Brouwer van Utrecht hield zich in, maar ze kon niet helemaal verbergen dat ze geïrriteerd raakte toen haar gistermiddag bij de persconferentie voor de zoveelste keer werd gevraagd wie de eigenaar is van de trap die zondagavond tijdens een festival instortte en wie nu dus de schuld moet krijgen. En zondagavond, nog geen uur na het ongeluk, begonnen de mensen die op de bruggen bij het stadhuis in Utrecht naar de gewonden stonden te kijken zich dat ook al af te vragen.

Acht zwaar gewonden, een jonge man die met een ingedeukt gezicht naar het UMC Utrecht werd gebracht en daar nog steeds in ‘kritieke toestand’ op de intensive care ligt. Wie is de zondebok?

Het gebeurde na de vuurwerkramp in Enschede in 2000 en na de cafébrand in Volendam in 2001. Snel werd naar een schuldige gezocht. Het gebeurde ook na de twee doden bij de Nijmeegse wandelvierdaagse, een paar weken geleden. Het was bloedheet, ieder zinnig mens kon bedenken dat een hele dag lopen wel eens problemen zouden kunnen opleveren. Toch wordt daarna meteen met de vinger gewezen: de organisatie, de gemeente of, bij de trap in Utrecht, de eigenaar hadden dit kunnen/moeten weten. Als zij beter hadden opgelet, hadden ze dit kunnen voorkomen. Zij hebben het gedaan.

Martin de Witte, letselschadeadvocaat, bekend van onder meer de Schipholbrand in oktober 2005 (ook zo’n voorbeeld), zei het gisteren tegen het ANP: de gemeente Utrecht is de eigenaar van de trap, want hij zat vast aan de kademuur en die kademuur is van de gemeente Utrecht. Door de telefoon, vanochtend, zegt hij dat hij nu ook weet dat de welstandscommissie van de gemeente 25 jaar geleden een ontwerp voor een trap met een steunbalk eronder heeft afgekeurd omdat het te lelijk was. Het werd een trap zonder steunbalk – en die kwam zondagavond dus in zijn geheel los van de muur en viel bovenop de mensen die eronder stonden. „Interessant gegeven”, zegt advocaat De Witte . „Dat kan nog belangrijk worden.”

Wat hij ook interessant vindt: dat er in de vergunning die aan de organisatie van het festival werd verstrekt wel staat dat moest worden voorkomen dat er te veel mensen op de werf kwamen, maar níet dat er ook te veel mensen op de trap zelf zouden kunnen gaan staan. „Blijkbaar heeft niemand daaraan gedacht. Maar als de gemeente in de dossiers had gekeken, had iemand op het idee kunnen komen.” Vindt Martin de Witte dat mensen zelf hadden kunnen bedenken dat het misschien te vol werd op de trap? „Nee”, zegt hij. „Als ik er was geweest, was ik er ook op gaan staan. Je moet in zo’n situatie niet bang hoeven te zijn voor je eigen veiligheid.”

Voor Martin de Witte is het een abc’tje. De gemeente Utrecht is aansprakelijk.

Hans Boutellier, sociaal-psycholoog en auteur van het boek De Risicomaatschappij, zegt dat het hem tot nu toe meevalt, de ‘roep om beantwoording van de schuldvraag’.

Maar Boutellier verwacht dat die nog wel sterker zal worden, als de onderzoeken vorderen. Hij verontschuldigt zich voor het ‘abstracte verhaal’ dat hij nu gaat vertellen bij dit ‘concrete ongeluk’. „Het gaat er natuurlijk in de eerste plaats om dat er mensen gewond zijn geraakt en dat dat gewoon heel naar is”, zegt hij. Maar dan plaatst hij de ‘maatschappelijke reactie’ op dit soort ongelukken in een patroon dat volgens hem voor deze tijd kenmerkend is. „We aanvaarden het lot niet, dingen overkómen ons niet meer. We willen wat ons overkomt aan iemand kunnen toeschrijven. Er móet een schuldige zijn.”

Risicobeheersing, daderschap, slachtofferschap, de illusie dat alles in de hand kan worden gehouden – het past volgens Hans Boutellier allemaal bij elkaar. En daarbij nog de ‘feestcultuur’ waarin we leven en waardoor alle steden ’s zomers veranderen in ‘festivalsteden’. „En dat brengt weer risico’s met zich mee”, zegt hij. „Mensenmassa’s zijn altijd riskant. Het echte nieuws is misschien wel dat het zo vaak goed gaat, dat er zo wéinig ongelukken gebeuren.”

Verwacht Boutellier dat gemeenten en andere organisaties door ongelukken zoals dat van zondag terughoudender zullen worden? „Nee”, zegt hij. „Daar is het idee dat we het wel kunnen beheersen, te sterk voor. En meestal lukt dat ook. Het vitalisme in onze cultuur is er ook te sterk voor. We leven in een permanent feest. En dat willen we graag zo houden.”

Wat hij wel ziet gebeuren: nog meer regels, nog meer pogingen om elk risico uit te sluiten en onder controle te krijgen. En overal bordjes met ‘waarschuwing’ en ‘gevaar’ erop, net als in de Verenigde Staten, waar bij elk traptreetje staat dat je erover vallen kunt.

Helpt dat?

„Het geeft schijnzekerheid. Met het risico dat mensen zelf geen eigen verantwoordelijkheid meer voelen. De vraag is hoe ver de overheid moet gaan in haar pogingen om alle risico’s weg te nemen.”

Hans Boutellier vertelt over de ‘oude, mopperige man’ die hij op de televisie hoorde zeggen dat de mensen op de trap zelf hadden moeten nadenken. „Iedereen meteen boos. Maar eerlijk gezegd vind ik dat die man wel een beetje gelijk heeft. Alleen is het niet zo’n sympathieke boodschap, om te zeggen tegen iemand die net zoiets heeft meegemaakt: eigen schuld.”

De sociaal-psycholoog wil nog iets relativerends zeggen: „Het publiek was zeer hulpvaardig, zondagavond. Het zag er voorbeeldig uit.” Dat stemt hem optimistisch. Martin de Witte, de letseladvocaat, relativeert ook. Hij vindt dan wel dat de gemeente aansprakelijk is, maar niet schuldig. „Dat is me te sterk, te moralistisch.”

Rectificatie / Gerectificeerd

Het boek dat de sociaal-psycholoog Hans Boutellier over de risicomaatschappij schreef, heet De Veiligheidsutopie, en niet De Risicomaatschappij zoals deze krant schreef (8 augustus, pagina 3). Ulrich Beck is de auteur van De wereld als risicomaatschappij .