Er is leven zonder chippen

19 miljoen bankpassen in Nederland hebben een oplaadbare chip.

Maar de chipknip wordt alleen gebruikt bij parkeer- en sigarettenautomaten.

„Mag ik even chippen?” Het te betalen bedrag van 1,99 euro lijkt wat klein om met pin te betalen. Maar op het apparaatje op de toonbank van het benzinestation is de chipopening dichtgemaakt met plakband. „Dat kan hier niet, u mag wel pinnen.” Op de vraag waarom de chipknip het niet doet, antwoordt de caissière dat ze het constant afwisselen tussen die betalingssystemen te omslachtig vindt. „Het kost ons meer moeite dan het aan gemak oplevert. Je kunt toch ook gewoon pinnen?”

Zo denken meer ondernemers en consumenten over de elektronische portemonnee, die dit najaar de tiende verjaardag viert. Nederland telt volgens de organisatie Currence, die regels en toezicht over de chipknip organiseert, nu meer dan 200.000 plekken die een betaling met chipknip zouden kunnen faciliteren. Maar in dat getal is geen rekening gehouden met afgeplakte automaten.

Hoewel bijna 19 miljoen bankpassen zijn uitgerust met een chipknip, hebben maandelijks 2 miljoen oplaadtransacties plaats. Volgens een onderzoek van Currence is 68 procent van de Nederlanders ervan op de hoogte dat hun betaalpas is uitgerust met een chipknip. Het aantal daadwerkelijke gebruikers is niet onderzocht, maar volgens Currence wordt pinnen van kleine bedragen steeds populairder door afgenomen transactiekosten. Dus, is het meest gehoorde argument van consumenten, waarom zou je chippen in winkels waar je ook gewoon met pin kunt betalen?

„Het scheelt toch een handeling”, zegt Marco Demmink van Currence. „Chippen wordt vooral in automaten gebruikt: in eenderde van de sigarettenautomaten, parkeersystemen en cafetaria’s kun je met chip betalen.” Pin is daarin niet mogelijk, omdat voor dat systeem een meer gecompliceerde en extra beveiligde techniek moet worden geïnstalleerd. Bij sommige automaten is chippen zelfs de enige mogelijkheid om af te rekenen.

Zo wordt de klant haast gedwongen tot gebruik van de chipknip. Maar wie niet rookt, geen auto bezit of nooit luncht in bedrijfskantines, mist het koperen chipje totaal niet. Terwijl het toch handig kan zijn: stel, je zit op een terras en wilt twee koffie afrekenen. Een serveerster komt naar je toe met een mobiel chipapparaat, ze tikt het bedrag in, je steekt de bankpas in het apparaat en klikt op ‘ja’. Zonder te wachten tot de pintransactie tot stand gekomen is, zonder heen en weer bellen naar de bank.

De techniek is er, zegt ook Demmink van Currence, maar het aantal cafés met dit systeem is nihil. „In de horeca is men nu eenmaal traditioneel meer gesteld op contante betalingen”, zegt Wendy Schellens van Koninklijke Horeca Nederland. „Bij een drukke bar is het sneller om een rondje cash af te rekenen. Elektronisch betalen kost toch meer tijd.”

Ook in winkels wordt chipknip nauwelijks toegepast. Ilja Bruggeman van het Platform Detailhandel Nederland vindt dat zelfstandigen daarvoor geen blaam treft: „Juist ondernemers vinden chippen prima: het is efficiënt, veilig en goedkoop. Maar de consument wil er niet aan.” De horecaorganisatie beaamt dat: „Als klanten het willen, dan installeren uitbaters heus een chipsysteem. Maar er is gewoon geen animo onder consumenten.”

Wat het niet gebruiksvriendelijker maakt, is een schisma tussen de banken. Terwijl de meeste bankpassen standaard zijn uitgerust met chipknip, heeft de Postbank een ander systeem: zij verkozen om de chipknip op een aparte pas te scheiden van de pinpas: „Maar je kunt er eenvoudig één bestellen, via de website”, zegt een woordvoerder. Werpt dat geen extra drempel op? „Nee, juist niet”, betoogt de bank. „Zo kun je de pas met enkel de chipknip even aan iemand meegeven om de parkeerautomaat bij te vullen. Met een pinpas zijn mensen toch voorzichtiger.”

Currence is niet van plan het gebruik van de elektronische portemonnee extra te stimuleren. „We richten ons op betalingen via pin”, aldus Marco Demmink, „daarmee kunnen ook steeds kleinere bedragen worden afgerekend.”