Dankzij Van Haersma Buma hebben benzinedieven geen vrij spel meer

Benzinediefstal heeft geen prioriteit voor Justitie, vond minister Donner. Zijn partijgenoot Van Haersma Buma vond van wel.

In de politiek, zegt Tweede-Kamerlid Sybrand van Haersma Buma (CDA), maakt „de korte klap” de meeste indruk: een schandaal, Kamervragen, een scherp debat. Maar is er eer te behalen aan een jaar werk waardoor er één regel verandert in het ‘privacyreglement kentekenregister’?

Al lang voordat Van Haersma Buma Kamerlid werd (in 2002), maakte hij zich kwaad over benzinediefstal: pomphouders zagen op hun videocamera’s hoe mensen met een volle tank wegreden zonder te betalen. Ze gaven de beelden, met kentekens erop, aan de politie. Die zei: u kunt aangifte doen, maar we hebben geen tijd om onderzoek te doen.

Van Haersma Buma snapte wel dat de duizenden pomphouders in Nederland het vertrouwen in de overheid kwijtraakten. Per jaar verloor de branche tien tot twaalf miljoen euro aan inkomsten door diefstal. Dat de politie niets wilde doen, was erg. Nóg erger was het, vond Van Haersma Buma, dat pomphouders niet eens in het kentekenregister mochten nagaan wie de dieven waren – om er een deurwaarder naar toe te kunnen sturen.

In het voorjaar van 2003 praatte hij erover met pomphouders. Hij had een aanleiding nodig om Kamervragen te stellen, bijvoorbeeld een krantenbericht, maar de pomphouders waren bang voor publiciteit: als bekend werd dat de politie niks deed, werd het probleem alleen maar groter.

In juli 2003 stond in de Gelderlander dat een benzinedief was vrijgesproken. Op de vragen die Van Haersma Buma daarover stelde, antwoordde minister Donner (Justitie, CDA) dat benzinediefstal geen hoge prioriteit had in de opsporing en dat pomphouders zelf maar moesten proberen om er iets tegen te doen. In kranten stond ‘Benzinedief heeft vrij spel’ en ‘Donner verbijstert Kamer’. Een week later vond Donner toch dat er een oplossing moest komen voor het probleem.

Ewout Klok, pomphouder in Hoogeveen en bestuurslid van brancheorganisatie BeTa, had al in de zomer van dat jaar e-mails gestuurd aan Van Haersma Buma. Hij verwachtte er niet veel van, zegt hij nu, omdat Van Haersma Buma van dezelfde partij was als Donner.

Maar Van Haersma Buma hielp de pomphouders. De andere Kamerleden naar wie Klok e-mails had gestuurd, Joost Eerdmans van de LPF en Laetitia Griffith van de VVD, reageerden vriendelijk, zegt Klok, maar ze deden niets. „Griffith was druk met een zaak van een asielzoeker. Eerdmans reageerde eerst wel. Hij is een LPF’er, dus hij zag dat er gescoord kon worden. Maar daarna werd het mediatechnisch minder interessant.”

Na de toezegging van Donner, in het najaar van 2003, gebeurde er niets. In januari en april 2004 stelde Van Haersma Buma er opnieuw Kamervragen over. Door de e-mails van Ewout Klok wist hij hoe de onderhandelingen verliepen met bijvoorbeeld de Rijksdienst voor het Wegverkeer (RDW), die 7,50 euro wilde hebben voor elke kentekenaanvraag. Op 16 september 2004 schreef Klok: „Weer blinkt de RDW uit in tegenwerking i.p.v. medewerking!” Van Haersma Buma, vijf dagen later: „Is er alweer iets gebeurd of zit het overleg vast?” „We hadden een tweepact”, zegt Klok nu. „Ik was de straatvechter en zei dingen die Sybrand als Kamerlid en jurist niet kon zeggen. Ik zette de boel op scherp en daar kon Sybrand zich achter verschuilen met zijn vragen.”

Van Haersma Buma gaf ook tips. „Dan mailde ik: ‘Sybrand, ik heb dit en dit aan de kop’ en dan schreef hij: ‘Dat moet je even aan die en die vragen’.”

Het privacyreglement kentekenregister veranderde en in het najaar van 2004 kwam bij duizenden benzinedieven een deurwaarder langs. Het verlies van de branche door diefstal is nu minder dan vijf miljoen euro per jaar. „De basis voor dat succes”, zegt Klok, „ligt in de e-mails met Sybrand.”

Civielrechtelijk was het toen in orde, zegt het Kamerlid, strafrechtelijk nog niet. Vervolging bleef liggen. Pas vorige maand maakte Bureau Verkeershandhaving van het openbaar ministerie bekend dat benzinedieven „hard” zullen worden „aangepakt”.

Van Haersma Buma zegt dat hij niet tien van dit soort ‘projecten’ zou kunnen doen. Dat kost te veel tijd. „Je moet als Kamerlid nu eenmaal ook kunnen laten zien wat je doet.”

Dit is het vijfde deel van een serie. Eerdere afleveringen zijn te lezen op www.nrc.nl.