Vin de l’Europe

Uit Wageningen komt tegenwoordig een uitstekende (biologische) wijn. Tot voor kort werd dat voor onmogelijk gehouden, maar vroegrijpe meeldauwresistente druivenrassen hebben hierin verandering gebracht. Wageningse wijngaarden leveren nu ook hun gewaardeerde bijdrage aan de Nederlandse wijnproductie van jaarlijks circa 480.000 liter. Dat is een druppel vergeleken met de totale productie van de Europese Unie, die ruim 17 miljard liter bedraagt – een onvoorstelbare hoeveelheid die met dank aan EU-subsidieregelingen en tegen beter weten in op peil wordt gehouden.

De vraag naar wijn uit de grote Europese wijnproducerende landen als Frankrijk, Spanje en Italië daalt. De concurrentie uit wijnlanden als Zuid-Afrika, Chili, Argentinië en Amerika is de laatste tien jaar sterk toegenomen. Minder vraag en meer aanbod van buitenaf: onder normale omstandigheden zou de markt zijn heilzame werk doen. De prijs van een goede Bordeaux zou moeten dalen, een wijngaard in de Rioja zou moeten sluiten en een Siciliaanse wijnboer zou zich gedwongen kunnen zien zijn productie te halveren. Anders gezegd: bij een normaal functionerende markt is er concurrentie op prijs, kwaliteit en productiemethoden. Dat is goed voor de consument en ook voor de meeste producenten. Marktwerking dwingt wijnboeren tot saneringen en bedrijfsvernieuwingen; een zegen voor iedere onderneming.

In Europa is hier helaas te beperkt sprake van. De noodzaak ertoe ontbreekt, omdat de afzet van de wijnboeren door de EU deels is gegarandeerd met subsidies ter waarde van 1,3 miljard euro. De wijn is onderdeel van het Europese landbouwbeleid dat met een steun van in totaal 42 miljard euro niet alleen overproductie in stand houdt, maar ook de concurrentie vervalst en boeren corrumpeert. Dit kan leiden tot kostbare ingrepen. Vorige maand kondigde het Europees wijncomité aan honderdduizenden hectoliters overtollige Spaanse en Griekse wijn uit de markt te zullen halen, die tot alcohol voor biobrandstof moet worden verstookt. Alles meegerekend zijn dat dure liters.

De EU produceert zoveel onverkoopbare wijn dat de Europese Commissie bij monde van landbouwcommissaris Fischer Boel onlangs met een plan voor een ingreep kwam. Ze wil 400.000 hectare wijnbouwgrond opdoeken en de etikettering van Europese wijnen vereenvoudigen, waardoor kwaliteitstoevoegingen als appellation contrôlée geschrapt zouden worden. De wijnbranche en haar politieke vertegenwoordigers stonden op hun achterste benen.

Voor de Europese wijnbouw en de consument is het het beste als het hele stelsel van wijnsubsidies wordt afgeschaft als onderdeel van een (geleidelijk) te schrappen landbouwsteun. Maar om politieke redenen is dat voorlopig onhaalbaar. Het opdoeken van wijngaarden is een goed maar kostbaar alternatief. De boeren zullen moeten worden uitgekocht, ook weer met gemeenschapsgeld. Vereenvoudigde etikettering is een slecht idee omdat veel Europese wijnboeren het juist van de kwaliteit moeten hebben – en niet van de bulk. En kwaliteit vereist controle plus een waarmerk.

Europese wijnbouwers moeten wijn gaan produceren waar vraag naar is. Dat vergt inventiviteit en de uit noodzaak geboren wil om nieuwe markten aan te boren. Dat lukt beter naarmate de EU zich financieel minder met de bedrijfstak bemoeit.