Nieuwe grondwet splijt Bolivia in tweeën

Bolivia vergadert vanaf morgen over aanpassing van de grondwet. De verwachtingen zijn hoog, de standpunten extreem, de gedelegeerden onervaren. ‘Het wordt een carnaval.’

Bolivia heeft een in meerderheid inheemse, indiaanse bevolking en verdient daarom ook een indiaanse grondwet. Dat is de overtuiging van de Boliviaanse president Evo Morales. Morgen begint de Grondwetgevende Vergadering, in Sucre, de constitutionele hoofdstad van het Zuid-Amerikaanse land.

De aymara-indiaan Morales wil dat deze Asamblea Constituyente het land ‘heropricht’ op basis van de waarden en tradities van de indígenas (indianen). Daarmee probeert hij tegemoet te komen aan de verwachtingen van zijn ongeduldige achterban. Die eist resultaten: ‘hun’ eerste indiaanse president uit de Boliviaanse geschiedenis is al sinds januari in ambt.

Zijn aanhang wil dat Morales meer zeggenschap krijgt binnen een sterke, centrale staat. Een staat die bovendien de eigenaar is van „de rijkdom die Pachamama (Moeder Aarde) ons geeft”. Landbouwgrond, bossen, mineralen, aardgas, andere bodemschatten.

Al weken circuleren er allerlei conceptconstituties van Morales’ partij MAS. In een ervan staat dat de partij streeft naar een „participerende, communautaire en vertegenwoordigende democratie, die gebaseerd is op de menselijke diversiteit en die alle vormen van kolonialisme, segregatie en discriminatie moet uitroeien”.

Leden van Morales’ kabinet deden al verschillende voorstellen. De minister van Buitenlandse Zaken pleitte voor de verstrekking van cocabladeren op scholen, in plaats van schoolmelk en fruit. De geruite regenboogvlag huipala zou naast de nationale bandera moeten wapperen. En de indianentalen Quechua en Aymara zouden officiële overheidstalen moeten worden.

Voor Morales is het welslagen van de assemblee van groot belang. Zijn populariteit schommelt sterk. Hij werd gekozen met 52 procent, bij zijn ambtsaanvaarding was dit 74 procent. Na het naasten van de gasindustrie, op 1 mei, steeg hij door naar 82 procent. Nu die ‘nationalisering’ toch minder resoluut blijkt dan in eerste instantie leek, is hij teruggezakt naar 40 tot 50 procent.

Bij de verkiezingen voor de assemblee, op 2 juli, haalde de MAS evenwel een ruime meerderheid: 137 van de 255 zetels. Maar omdat elk amendement met tweederde van de stemmen aangenomen moet worden, zullen de MAS-afgevaardigden compromissen moeten sluiten. Hiervoor is minstens zes maanden en maximaal een jaar de tijd. Vervolgens zal de bevolking zich per referendum over de eindtekst uitspreken. Dan volstaat een eenvoudige meerderheid.

Morales’ belangrijkste tegenstanders in de assemblee zijn de vertegenwoordigers van de blanke, rijke elite en de middenklasse. Zij staan slechts ‘hervormingen’ van de grondwet voor. Hun grote vrees is dat Morales, na eeuwen van discriminatie en uitbuiting, in een keer alle macht aan de indígenas wil geven.

De oppositiepartijen in de assemblee eisen juist meer autonomie voor de welvarende departementen, de zakenstad Santa Cruz voorop. Op 2 juli vond al een referendum (zie kader) plaats over regionale zelfstandigheid. Door de vage vraagstelling konden beide partijen zich tot winnaar uitroepen. De assemblee zal de autonomiekwestie moeten oplossen.

Andere delicate onderwerpen zijn de herverkiezing van presidenten, verdeling van land, religieus onderwijs, het kiesstelsel en hervorming van leger en politie.

Volgens Sergio Antelo staat Morales een indígenismo radical voor. De oud-burgemeester van Santa Cruz en voorman van de invloedrijke oppositiegroep Nación Camba, e-mailt: „Morales rechtvaardigt zijn standpunt altijd met een volkstelling uit 2001, waarin 62 procent van de bevolking indígena is. Maar er is ook een enquête waarin slechts 26 procent zegt zich indígena te voelen.”

Volgens Antelo speelt Morales de etnische kaart om een stille revolutie te bewerkstelligen. „Traditioneel links [communisten, castristen, redd.] is er hier nooit in geslaagd de revolutie te ontketenen. Er bestaat geen krachtig proletariaat. Trotskisten uit de entourage van Morales hebben vervolgens een indiaans populisme ontwikkeld waarmee de massa’s wel te mobiliseren zijn.”

Volgens Carlos Toranzo van onderzoeksinstituut Ildis in La Paz zal „de regering proberen om de eis om autonomie af te zwakken met toezeggingen, maar dat levert akkoorden op waarin niemand wint. Mensen zullen gefrustreerd raken”. Antelo: „Maar wanneer de MAS vasthoudt aan haar eis van suprematie, is het mogelijk dat geen enkel thema behandeld wordt en de assemblee helemaal een fiasco wordt.”

De afgevaardigden wacht dus een loodzware taak, ook omdat hun de juridische en politiek bagage vaak ontbreekt. Toranzo: „Velen zullen niet deelnemen aan het debat en alleen stemmen over de voorstellen die de partijen inbrengen”. Ook Antelo is pessimistisch over hun wetgevende capaciteiten. „Het wordt een carnaval.”

Door alle onzekerheden is het lastig te voorspellen hoe de assemblee afloopt. Volgens de invloedrijke denktank International Crisis Group „kan de assemblee, wegens de diepe en veelzijdige verdeeldheid in het land, ook een slagveld worden waarop de beslissing valt over de stabiliteit en territoriale eenheid van Bolivia”.