Lily van der Stokker: 'Eigenlijk wilde ze one of the boys zijn'

In deel 14 van een serie over kunstenaars en hun inspiratiebronnen vertelt Lily van der Stokker over haar fascinatie voor de Amerikaanse kunstenaar Lee Lozano (1930-1999).

‘Een tijdje geleden vroeg Charles Esche, de directeur van het Van Abbemuseum in Eindhoven, mijn advies over kunstenaars die hij zou kunnen uitnodigen voor tentoonstellingen. Ik weet nog dat ik direct de naam van Lee Lozano riep. Ik had haar werk een paar jaar eerder gezien in het New Yorkse kunstcentrum PS1. Ze was toen net overleden. Later ben ik op zoek gegaan naar een boek over haar werk. Maar zo’n boek bestond nog niet. Daarom is het fijn dat de tentoonstelling van Lozano in het Van Abbemuseum er echt komt, en dat er onlangs een monografie over haar werk is verschenen. ‘Lee Lozano was actief in de jaren zestig en zeventig, de tijd van het minimalisme, performancekunst en de conceptuele kunst. Door die stromingen is ze ook sterk beïnvloed. In het begin maakte ze vooral schilderijen, maar in de loop der tijd is haar werk steeds conceptueler geworden. Haar kunst bestond op het laatst voornamelijk uit notities, van plannen die ze vervolgens ook ging uitvoeren. Een van die plannen was om niet meer met vrouwen te praten. Zelf beschouwde ze dat voornemen als een kunstwerk. Ze schijnt zelfs zo ver gegaan te zijn dat ze zich in winkels niet door vrouwelijk personeel wilde laten bedienen. ‘Het was de tijd dat alle kunstwerken opeens een piece heetten. Zo had Lozano een werk dat The Dialogue Piece heette. Hiervoor ging ze eindeloos in discussie met anderen – gesprekken die ze vervolgens allemaal uitwerkte. Een ander voorbeeld is The Money Piece. Dit werk bestond uit een blik met geld, waaruit Lozano’s gasten een greep moesten doen. Wie weigerde, werd door de kunstenaar gedwongen om het alsnog aan te nemen. Lozano was een vrij agressieve vrouw, die voortdurend met iedereen mot had. ‘Wat me zo fascineert in Lozano is dat ze het onderwerp gender op een heel verwarrende manier aankaart. Ze doet eigenlijk iets heel onverwachts: ze is een feministische kunstenaar die tegen vrouwen is en ook nog eens werk maakte dat ontzettend macho is. Eigenlijk wilde ze one of the boys zijn. Toen ik haar werk voor het eerst zag, deed het me een beetje denken aan Russische schilderijen van hamers, sikkels en treinen – uit de tijd dat het communisme nog verheerlijkt werd. In PS1 hingen hele grote schilderijen, vaak donkerbruin, van hamers, schroeven en andere ijzerwaren. En alles was overladen met seks. Overal zag je penissen, ballen die borsten werden, en ogen die eruit zagen als vagina’s. Ik dacht: dit is een dyke over the top, een lesbienne die te ver is gegaan in haar verlangen om mannelijk te zijn.

Agressief

‘Bij Lozano kan je goed zien wat de potentie is van wat er in het hoofd van een vrouw kan spelen. Haar werk is lekker stevig en agressief. Toen ik zelf begon, eind jaren tachtig, besloot ik juist om extreem optimistisch en lief werk te gaan maken. Terwijl om mij heen andere emanciperende kunstenaars als Tracy Emin, Sarah Lucas en Sue Williams met veel herrie onderwerpen als seks en misbruik aan de kaak stelden, speelde ik met de clichés van het vrouw-zijn. Vooral in het begin leverde mijn werk ongemeen felle reacties op. Ik begreep niet wat er aan de hand was. Ik was toch louter bezig als kunstenaar een nieuwe beeldtaal te onderzoeken? Toen ontdekte ik dat we eigenlijk allemaal vastzitten in een keurslijf van beoordelingsmechanismen. Er bestaan vooropgezette ideeën over wat goed is en wat slecht. Daarom ben ik in mijn eigen werk overal het woord good bij gaan schrijven. Ik dacht: ik moet alles goed doen. Goede kunst maken, goed leven, een goed mens zijn. Dat verlangen om een goed mens te zijn, werd mijn onderwerp. ‘Nu zijn het soort decoraties dat ik maak, en vooral dit soort bloempatronen, in de mode. Je ziet ook opeens overal kunstenaars die iets met bloemen doen. Mijn stijl is onlangs in zijn geheel aangekocht door een Frans reclamebureau. De muurschilderingen bleken zich uitstekend te lenen voor slogans. ‘Vaak denken mensen dat mijn werk simpel is, en daar speel ik ook mee. Men kan gaan denken: het zal ook wel niet zoveel te betekenen hebben. Of ze denken dat ik het in een handomdraai maak, want zo ziet het er ook uit. In werkelijkheid is mijn stijl uiterst langzaam ontwikkeld. Een van de dingen die me zo aantrekken bij Lozano, is dat haar beelden eenvoudig zijn, en direct. Ik hou ervan als kunst recht naar het hart gaat. Een andere overeenkomst is dat mijn werk totaal on-commercieel is. Mijn muurschilderingen zijn moeilijk te verkopen, het zijn een soort anti-objecten. ‘Lozano was hard op weg om een goede carrière op te bouwen. Ze werd uitgenodigd in musea als het MoMA en het Whitney, en haar werk werd besproken in tijdschriften als Art News en Artforum. Maar uiteindelijk heeft ze besloten dat ze niets meer met de kunstwereld te maken wilde hebben. Ze was fel tegen het kapitalisme. Door steeds meer van die conceptuele kunstwerken te maken zette ze zich af tegen de kunstmarkt. Ze maakte geen producten meer, maar processen, en werd daardoor steeds onzichtbaarder. Ze heeft zichzelf als het ware uit de kunstwereld weggeconceptualiseerd. Uiteindelijk is ze in 1972 van New York verhuisd naar Dallas, Texas. Vanaf dat moment hebben we niets meer van haar vernomen. Ze wilde ook niet dat er nog iets met haar oeuvre gedaan zou worden. Pas na haar dood, in 1999, hebben Lozano’s erfgenamen toestemming gegeven om haar werk te tonen. Daardoor wordt haar werk pas nu echt ontdekt. ‘Het feit dat Lozano zo’n pain in the ass was, maakt haar wat mij betreft juist aantrekkelijk. Zij en ik zijn allebei herrieschoppers. Maar met integriteit als inzet. Alles wat wij willen is de discussie op gang brengen en de gender-politics wat laten schudden.’

Van 7 oktober t/m 21 januari organiseert het Van Abbemuseum in Eindhoven een overzichtstentoonstelling van Lee Lozano. Werk van Lily van der Stokker is momenteel te zien op de tentoonstellingen ‘Plug In’ en ‘De Zeurclub’ (t/m april 2007) in het Van Abbemuseum.