Ideale Tour?

Jacques Rogge, voorzitter van het Internationaal Olympisch Comité, wil sportevenementen minder zwaar maken met het oog op recente dopingschandalen. Hoe ziet de ideale Tour er dan uit?

Hein Verbruggen, oud-voorzitter van de Internationale Wielren Unie (UCI) en sinds 1996 lid van het International Olympisch Comité: „Ik vind het een begrijpelijke reactie. Aan de andere kant moet je uitkijken dat je niet de kern uit de sport haalt. Bij wielrennen zoek je de grens op tussen wat mogelijk is en wat niet. Ik heb met verbazing gekeken naar de bestuurders van de drie grote ronden (Giro, Tour, Vuelta), die zich ‘kampioenen van de anti-doping’ noemen, maar tegelijkertijd een ronde onmenselijk zwaar maken. Dat klopt niet. De Vuelta kent dit jaar een berg met stijgingspercentages van twintig procent en de Giro was dit jaar ook buitengewoon zwaar. Dan moeten we corrigerend optreden. Drie weken Tour lijkt me doenbaar. We moeten kijken of we de Giro en Vuelta in moeten korten. Renners kunnen niet twee grote ronden van drie weken per seizoen fietsen. Bij een grote ronde fiets je vier weekenden. Als je er een weekend vanaf haalt, is het commercieel minder aantrekkelijk voor bijvoorbeeld de tv. Dat brengt allerlei consequenties met zich mee. Als fysiologisch onderzoek uitwijst dat een ronde te lang is of dat er niet direct een bergetappe moet komen na een rustdag, moeten we een ronde direct aanpassen.”

Servais Knaven, wielrenner bij de Belgische formatie Quickstep: „Ik denk niet dat het lichter maken van sportwedstrijden de oplossing is voor het probleem. Veel belangrijker is dat sporters beseffen dat ze zichzelf kapotmaken en de sport in een kwaad daglicht stellen als ze dope gebruiken. Bij de meeste renners is dat besef er nu wel, maar bij veel andere sporters nog niet. De Tour hoeft van mij niet drastisch te veranderen. Misschien is het verstandig tijdslimieten te verruimen bij bergetappes voor renners als ik. Extra rustdagen hoeft voor mij niet zo. Je lichaam is op een gegeven moment ingesteld op elke dag koersen. Niet iedereen ervaart de rustdag ook echt als rustdag.”

Geert Leinders, oudploegarts bij Rabobank: „Ik vind het een positief signaal als een voorzitter van de grootste sportbond dit zegt. Hij voelt zich verantwoordelijk dit probleem op te lossen. Dit moet je in een breder kader zien. Wat eerlijker is, is dat alle ploegen dezelfde competitie rijden. Nu is het zo dat er ploegen met een wildcard in de Tour komen. De renners van die ploegen hebben een andere belasting dan renners van ProTourteams. Dat is oneerlijk. De belasting voor en na de Tour zou gelijk moeten zijn. Meer rustdagen in een grote ronde heeft geen zin.”

Adrie van Diemen, inspanningsfysioloog: „Tot voor kort werd er alleen maar gedacht in termen als ‘harder straffen’ en ‘vaker controleren’. Nu wordt er ook naar de oorzaakkant gekeken. Dat is goed, maar deze maatregel lost niets op. In het geniep zal er toch altijd doping gebruikt worden. Kijk, we betalen met z’n allen belasting in dit land en als je buurman een trucje vindt om geen belasting te hoeven betalen, dan moet je wel erg sterk in je schoenen staan om te zeggen: ‘Nee, we hebben met z’n allen afgesproken dat we belasting betalen in dit land. Dat doe ik niet’. Door een wedstrijd lichter te maken, zou je denken dat het nu veel te zwaar is, en dat dát de reden is dat renners doping gebruiken.

Michael Boogerd, veertiende in de afgelopen Tour:„Ik hoor net van de kapster dat Tom Boonen ook heeft gezegd dat de Tour te zwaar is. Onzin! Dat heeft niets te maken met het dopingprobleem. Of je een dag rijdt of 28 weken, dat maakt niet uit. De renners bepalen hoe zwaar de wedstrijd is. Wordt er in zware sporten meer gebruikt? En de 100 meter atletiek dan? De Tour is zwaar, maar een Tourrenner weet vantevoren waar hij voor kiest. Dat is niet voor iedereen weggelegd. Ik vind het geen oplossing om de Tour geschikt te maken voor klassieker-renners door de wedstrijd in te korten. De Tour duurt drie weken, al 103 jaar lang. Dat is een mooie traditie.”