Dit wordt de eeuw van honderd jaar

Geert Mak schrijft niet alleen verkoopsuccessen. De titels van zijn boeken lenen zich bij uitstek voor goedbedoelde plagiaat. Hoeveel varianten in kranten, tijdschriften en congressen heeft u al gezien van Hoe God verdween uit Jorwerd?

Maks bestseller De eeuw van mijn vader inspireerde minister-president Jan Peter Balkende (CDA) vorig jaar tot een toespraak voor jonge ambtenaren over De eeuw van mijn dochter.

De titel mag je letterlijk opnemen. Afgelopen week meldde het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) dat een kwart van de vrouwen die nu veertig jaar oud zijn de negentig zullen halen. Dan is het 2056. Als de verhoging van de levensverwachting in dit tempo doorgaat heeft de dochter van Balkenende een realistische kans om honderd te worden. Net als die van PvdA-leider Wouter Bos, overigens. Honderd-plussers zijn al de snelst groeiende bevolkingsgroep.

De trend van de verlengde levens is tamelijk constant en de implicaties zijn nauwelijks te overzien. De vergrijzing wordt door beleidsmakers graag in economische termen gegoten, in vragen over de houdbaarheid van de overheidsbegroting en de kosten van de AOW. Maar dat is meer de cijfermatige uitkomst van het proces, niet de verandering zelf.

De leeftijdsopbouw van de samenleving krijgt er een generatie bij met zoveel negentigjarigen. Vrouwen krijgen hun eerste kind, statistisch gezien, rond hun dertigste. Wie nu veertig is heeft wellicht een dochter van tien, die op haar beurt over een jaar of twintig zelf moeder kan zijn, en háár dochter kan nog decennia leven met haar grootmoeder. Vier generaties worden gewoner. Minder kinderen, meer grootouders. Leuk voor speelgoedmakers en game-industrie.

Wel zullen de familierelaties ingewikkelder worden, met een grotere diversiteit aan leefvormen, als de trends van echtscheiding en relatievorming gelijke tred houden.

En inderdaad, mannen blijven achteropkomen. Hun levensverwachting groeit ook, maar een veertigjarige man heeft half zoveel kans om negentig te worden als een vrouw. De sluipende feminisering van de samenleving is kennelijk onstuitbaar.

Tegen de achtergrond van de stijgende levensverwachtingen ligt het verhogen van de AOW-leeftijd voor de hand. Daar staat tegenover dat ouderen door bijvoorbeeld (gratis) kinderopvang voor een waarde van miljarden euro’s het betaalde werk van hun kinderen ondersteunen. Om nog maar niet te spreken van de financiële bijstand. Cijfers van het Sociaal en Cultureel Planbureau (SCP) indiceren dat een kwart van de ouders zijn kinderen steunt, en minder dan 5 procent van de kinderen hun ouders.

Menno TammingaMenno Tamminga