Congo is na verkiezingen onzeker en rumoerig

Slechte verliezers bedreigen de stabiliteit van Congo. De relatieve rust van vóór de eerste verkiezingen in meer dan veertig jaar, maakt plaats voor onvrede en rumoer.

Nieuwsflits uit het Congo van ná de verkiezingen voor parlement en president die daar vorig weekeinde voor het eerst in meer dan veertig jaar werden gehouden. In de hoofdstad Kinshasa zijn talloze stembiljetten, gebruikt en ongebruikt, in vlammen opgegaan. Op een verzamelpunt waar bijna een kwart van de zondag uitgebrachte stemmen in Kinhasa werd geteld, zetten schoonmakers stembussen in brand „om de rotzooi op te ruimen”.

Hoeveel gebruikte stembiljetten bij de schoonmaakactie verloren zijn gegaan is niet bekend. Het doet er ook niet toe. De incidenten rondom de veelgeprezen verkiezingen van zondag zijn inmiddels talrijk genoeg voor Congolese politici die op zoek zijn naar munitie om de verkiezingen als ‘oneerlijk’ te bestempelen.

De eerste spelbreker meldde zich opvallend vroeg. Azarias Ruberwa, vice-president in de overgangsregering die sinds 2003 Congo bestuurt, diende twee dagen na de verkiezingen zijn beklag al in bij de Onafhankelijke Kiescommissie (IEC). Hij sprak van ‘massale fraude’. Stembussen zouden zijn volgestouwd met stemmen voor zijn politieke rivalen. Talloze kiezers zouden meerdere malen hebben gestemd. Kiesofficials zouden bevooroordeeld zijn.

Ruberwa eist dat de verkiezingen in sommige districten worden overgedaan, ook al komt hij niet met harde bewijzen om zijn aantijging te onderbouwen. Zijn verklaring is een ferme waarschuwing voor de internationale waarnemers die de afgelopen dagen vrijwel unaniem hun stempel van goedkeuring op deze verkiezingen zetten. Het Congo van ná de verkiezingen zal veel verliezers kennen, en een aantal slechte verliezers.

Ruberwa is potentieel een zeer gevaarlijke verliezer. Zijn partij, de Rally voor Congolese Democratie (RCD), had voor deze verkiezingen meer dan een derde van Congo in handen. Met steun van buurland Rwanda veroverde de RCD gewapenderhand het oosten van het land, zwanger van ’s werelds meest gewilde grondstoffen. Vóór de verkiezingen was al duidelijk dat Ruberwa zijn machtspositie zou verliezen, nu de bewoners van zijn imperium zelf om hun mening zou worden gevraagd. Volgens voorlopige uitslagen heeft zittend president Joseph Kabila, die campagne voerde als „l’artisan du paix” in het oosten met grote meerderheid gewonnen.

Ruberwa beloofde voor de verkiezingen dat hij zijn gelijk via de rechter zal proberen te halen, en niet met een hernieuwde militaire campagne. Voorlopig houdt hij zich aan die belofte. Onduidelijk is of Ruberwa nog in staat is om een van de meest gevreesde krijgsheren in het oosten voor zijn kar te spannen. De dissidente RCD-generaal Laurent Nkunda liet twee dagen na de verkiezingen weten „klaar te zijn voor oorlog”. Nkunda eist dat Kabila ruim 50.000 Tutsi-vluchtelingen die momenteel in Rwanda verblijven, terug laat keren naar Congolees grondgebied. „Kabila maakt een fout als hij ‘nee’ zegt tegen ons verzoek”, zei Nkunda tegenover journalisten. „Wij zijn soldaten. Wij zijn bereid te vechten.”

Nkunda heeft waarschijnlijk 2.000 soldaten onder zijn commando staan en wordt gezocht wegens oorlogsmisdaden. Afgelopen januari veroverde hij zes dorpen in Noord-Kivu, totdat de troepenmacht van de Verenigde Naties (MONUC) hem terug de bush in dreef. In 2004 overrompelde hij MONUC met een verrassingsaanval op Bukavu, de hoofdstad van de provincie Zuid-Kivu.

Volgens de voorlopige uitslagen is Congo-Kinshasa na de verkiezingen van 30 juli opgedeeld in twee gewesten. Het oosten is voor Kabila. Het westen, inclusief de hoofdstad Kinshasa, gaat naar Jean-Pierre Bemba, vice-president in de overgangsregering en voormalig rebellenleider.

Tot ergernis van de Onafhankelijke Kiescommissie schroomde Bemba de afgelopen dagen niet zijn overwinning in het westen wereldkundig te maken. Radiostations en kranten die aan zijn partij verbonden zijn, meldden de voorlopige uitslagen alsof Bemba de aanstaande president van Congo is. De staatsradio deed overigens hetzelfde voor Joseph Kabila. „Niet iedereen moet nu opspringen om victorie te kunnen kraaien of beschuldigingen van fraude te uiten”, zei Kemal Saki, de woordvoerder van de Verenigde Naties in Congo. „Er zijn mechanismen voor dit soort zaken. Laat ze hun werk doen.”

De definitieve uitslagen worden pas op 31 augustus verwacht. Mogelijk volgt daarna een tweede ronde, als de winnaar van de presidentsverkiezingen niet meer dan 50 procent van de stemmen krijgt.

Terwijl de stemmen in de grote steden al zijn geteld, en de uitslagen inmiddels op de muren zijn geplakt, blijft het wachten op de resultaten uit de binnenlanden die moeilijk te bereiken zijn. De uitdaging voor de Kiescommissie is om alle Congolezen te overtuigen van het belang van wachten. Hoe meer tijd er nu verstrijkt, hoe harder de verliezers kunnen klagen over gesjoemel achter gesloten deuren. Congo na de verkiezingen is niet per se het verenigde land waar de organisatoren op hadden gehoopt. Met de aanzwellende beschuldigingen over fraude en een duidelijke scheuring tussen oost (Kabila) en west (Bemba) lijkt dit land opvallend veel op het land van een week geleden. Verontwaardigd, versplinterd, en vreselijk dichtbij nieuw gewapend conflict.