Bestand Sri Lanka is zo goed als dood

De uitgedunde missie die toeziet op het bestand in Sri Lanka is somber na de ruim 130 doden deze week. Officieel steunen regering en Tamil Tijgers het bestand nog, maar er wordt fel gevochten.

Sri Lanka’s vier jaar oude wapenstilstand tussen regering en de separatistische beweging Liberation Tigers of Tamil Eelam (LTTE) staat op springen. Na voortdurende gevechten de afgelopen weken tussen het leger en de Tamil Tijgers is de kans op burgeroorlog op het eiland alleen maar toegenomen. Gisteren is de Noorse diplomaat Jon Hanssen-Bauer aangekomen in Colombo, om dit weekeinde opnieuw te proberen de strijdende partijen met elkaar aan tafel te krijgen.

„Ik heb geen idee waar Hanssen Bauer in godsnaam over komt praten”, zei de Sri Lankese politicoloog Paikiasothy Saravanamuttu gisteren tegen persbureau Reuters. Thorfinnur Omarsson, woordvoerder van de Sri Lanka Monitoring Mission (SLMM), drukt zich iets voorzichtiger uit. „Als deze gesprekken tot niets leiden, dan is er weinig hoop voor een oplossing”, zegt hij. De SLMM houdt toezicht op het bestand dat in 2002 tussen de Sri Lankese overheid en de LTTE is gesloten. Hoewel geen van de partijen zich officieel heeft teruggetrokken uit het akkoord, met inachtneming van de opzegtermijn van twee weken, bestaat de overeenkomst feitelijk alleen nog op papier.

Deze week zijn er tientallen doden gevallen bij gevechten tussen het leger en de Tamil Tijgers in de noordoostelijke stad Mutur, nabij de havenstad Trincomalee. Het conflict was anderhalve week geleden opnieuw opgelaaid, nadat de rebellen een irrigatiekanaal in de buurt van Trincomalee hadden geblokkeerd, waardoor zo’n 15.0000 Singalese families zonder water kwamen te zitten. Het leger stuurde grondtroepen en gevechtsvliegtuigen, in de gevechten vielen tientallen doden.

De Tamil Tijgers voeren sinds 1983 een gewapende strijd voor een thuisland in het noorden en oosten van het eiland, bestemd voor de hindoeïstische Tamils, een minderheid die gediscrimineerd zou worden door de boeddhistische Sinhalezen. De SLMM, van oorsprong een Noorse missie, wil dezer dagen nog niet van een burgeroorlog spreken. „Niemand heeft officieel de oorlog verklaard. Wij hebben geen naam voor de huidige situatie”, zegt woordvoerder Omarsson. Eerder deze week sprak de Zweedse voorzitter van SLMM, Ulf Henricsson, van „een oorlog van lage intensiteit”.

Na vier jaar toezicht houden is nu ook de toekomst van SLMM ongewis. Eind mei heeft de Europese Unie de Tamil Tijgers officieel als terroristische organisatie bestempeld. Als antwoord hierop eisten de rebellen dat uit EU-lidstaten afkomstige waarnemers zouden vertrekken. Zweden, Finland en Denemarken hebben daar de afgelopen week uit veiligheidsoverwegingen gehoor aan gegeven. Begrijpelijk. In juli 2002 hielden de Tijgers tijdelijk twee waarnemers vast, een actie die de missie de nodige schrik aanjoeg.

Na het vertrek van de Denen, Finnen en Zweden zal de oorspronkelijk 57-koppige missie nog maar uit twintig Noren en IJslanders bestaan. „Voorlopig zullen de lege plekken niet worden opgevuld. We hebben geen idee hoe we straks verder gaan. Als de situatie verslechtert wordt het sowieso steeds lastiger om ons werk te doen”, zegt Omarsson. Op dit moment zijn de waarnemers als gevolg van de vuurgevechten en bombardementen niet in staat hun werk te doen in Mutur en Trincomalee.

Buiten een hoofdkantoor in Colombo heeft SLMM zes districtskantoren, gelegen in potentiële conflictgebieden als Batticaloa, Jaffna en Trincomalee. Als er schermutselingen zijn geweest tussen leger en Tamil Tijgers, gevechten op zee of bomaanslagen, dan gaan de waarnemers in de regio er op uit om de toedracht vast te stellen. Wie was de agressor, hoeveel slachtoffers zijn er gevallen, wat was de aanleiding; dat soort vragen komen aan bod in de rapportages. Ook gaat SLMM op onderzoek uit als een van de ondertekenaars van de wapenstilstand de ander beschuldigt van schending van het akkoord.

Maar het vaakst reageert de monitoringmissie op klachten van gewone burgers – die de helft uitmaken van de meer ruim 800 doden sinds begin dit jaar, als gevolg van aanslagen, bommen en vuurgevechten. Het geweld is sinds eind vorig jaar opgelaaid. Meestal blijven de daders onbestraft.

Als waakhond van het staakt-het-vuren blijft het voor de SLMM vooral bij blaffen. Toen de missie in april een verklaring uitgaf waarin zij suggereerde dat ook het leger betrokken was bij moord, moest het hoofd van de missie zich meteen melden bij de regering. Een paar dagen later volgde een nieuwe, afgezwakte verklaring van de SLMM met betrekking tot het voorval.

Ondanks dit soort aanvaringen heeft de Sri Lankese regering aangegeven dat ze graag wil dat de missie blijft. De regering toonde zich dan ook teleurgesteld dat de Zweden, Finnen en Denen zonder overleg hun vertrek hadden aangekondigd. Zolang de missie aanwezig blijft hoeft Sri Lanka bovendien weinig andere buitenlandse inmenging te vrezen. SLMM-woordvoerder Omarsson: „Maar op het moment dat een van de partijen zich terugtrekt uit het akkoord, dan zijn wij hier weg.”