Suikerbieten halen groeiachterstand in

Na de hitte kwam de regen. De extreme neerslag van de laatste dagen heeft nog onbekende gevolgen. Boeren staan nog niet meteen te juichen, biologen zijn bezorgd over insecten.

Hengelo, 4 aug. - Hevige buien en wolkbreuken die volgen op een langdurige periode van droogte en hitte. Wordt de schade die eerder is toegebracht aan de natuur en landbouw in rap tempo hersteld, of laat de droogte blijvende sporen na? Het is te vroeg om conclusies te trekken, zeggen betrokkenen. Pas volgend jaar zal blijken wat het effect is van de extreme hitte en langdurige droogte in de maand juli, verklaart bioloog Arnold van Vliet van de Wageningen Universiteit, tevens werkzaam voor de Natuurkalender, die klimaateffecten voor de natuur registreert. „Planten en dieren zijn blootgesteld aan temperaturen die ze nog niet kenden. We weten nog niet hoe dat doorwerkt.”

Het is ook onduidelijk hoe gewassen reageren op de combinatie van extreme, langdurige droogte met korte, hevige regenval zegt voorzitter A. Maarsingh van de vakgroep akkerbouw van de land- en tuinbouworganisatie LTO. „We hebben het nog nooit meegemaakt dat het zo vroeg in het jaar zo heet en droog was en dat er begin augustus zo veel regen viel.”

Juli 2006 was volgens het KNMI de warmste maand sinds 1706, toen in Nederland de metingen begonnen. Het etmaalgemiddelde van de temperatuur bereikte met 22,3 graden een nieuw record en gemiddeld viel er 25 mm neerslag, tegen 70 mm normaal. De afgelopen dagen waren over het algemeen juist opvallend nat, al zijn de regionale verschillen groot. In Twente viel afgelopen woensdag meer regen dan in de maanden juni en juli samen. Zeeuws-Vlaanderen is koploper op neerslaggebied. In het zuiden van Zeeland is in de eerste vier van augustus op enkele plekken 150 mm regen gevallen.

Als de regen in dit tempo blijft vallen, verandert het droogteprobleem voor veel Zeeuwse boeren in een mum van tijd in een waterprobleem, meldt een woordvoerder van de zuidelijke afdeling van LTO. „Het is hier zo verschrikkelijk nat.” De aardappelen en suikerbieten kunnen dankzij de regen hun groeiachterstand gedeeltelijk inlopen. Het rampscenario kan daardoor volgens LTO in de kast, maar de land- en tuinbouwers houden nog altijd rekening met 20 procent minder opbrengst, vooral omdat granen al voor de helft gerooid zijn.

Hoewel boeren en tuinders er niet meer snel toe overgaan hun land te sproeien blijven de beregeningsverboden die tien waterschappen in het zuiden en het oosten van het land hebben ingesteld, grotendeels van kracht. Het waterpeil van het oppervlakte- en het grondwater is nog onvoldoende hersteld, zegt een woordvoerder van de Unie van Waterschappen. „Er kan op een dag wel 30 mm vallen, maar als je bedenkt dat in sommige sloten het waterpeil met 20 centimeter is gezakt, zal het nog wel even duren.”

Door de droogte en de hoge temperaturen zijn bodems verdord en is het waterpeil in watergangen verlaagd, met schadelijke gevolgen voor flora en fauna. De acute noodsituatie voor vissen, die last hadden van zuurstofgebrek, is door de regenval voorbij. Door de regen wordt het water gekoeld maar in grotere watergangen nog niet dusdanig dat het gevaar voor botulisme is verdwenen.

Op het land hebben bomen, planten en vele soorten vogels, insecten en zoogdieren het zwaar te verduren gehad. „De regen compenseert wel wat, met name voor de planten”, zegt bioloog Van Vliet, „maar ik maak me toch zorgen over bijvoorbeeld insectensoorten.” Als voorbeeld noemt hij de larven die leven in poelen. „Veel poelen staan droog en volgend jaar zal blijken of er vanuit andere poelen gekoloniseerd wordt.”