Ruzie bij Chelsea om nummer 13

Trainer José Mourinho van de Engelse voetbalclub Chelsea heeft verdediger William Gallas „een schande voor iedereen bij de club” genoemd. De Fransman kwam niet opdagen voor het trainingskamp van de landskampioen in Amerika. Oorzaak van de rel is de strijd tussen Gallas en de Duitser Michael Ballack om rugnummer 13.

Ballack, die afgelopen zomer de overstap maakte naar de landskampioen, heeft zijn zinnen op het shirtje gezet, maar Gallas draagt nummer 13 en wil het ongeluksgetal niet afstaan. De Fransman loopt al vijf jaar met het begeerde nummer op de rug rond. Ballack hield dinsdag tijdens zijn presentatie echter een shirt met nummer 13 en zijn naam omhoog.

Zaakwaarnemer Pierre Frelot van Gallas verklaarde gisteren formeel dat de Duitser het nummer niet zo maar even kan overnemen. Dat moet eerst eens worden overlegd met zijn cliënt, aldus Frelot. De club wilde Ballack nummer 19 geven, maar de international neemt daar vooralsnog geen genoegen mee. Bij het trainingskamp in Amerika droeg Ballack nummer 13 en ook in de Duitse nationale ploeg, die bij het wereldkampioenschap voetbal in de halve finale werd uitgeschakeld door Italië, speelde de aanvoerder met het nummer.

In de Franse nationale ploeg, die in de WK-finale verloor van Italië, droeg Gallas nummer 5. Volgens Frelot is het WK-optreden de reden dat de Fransman wat langer wegbleef dan zijn teamgenoten. „Misschien was er een misverstand tussen de partijen over de dag waarop hij weer moest trainen. Dat is de reden dat wij volgende week een gesprek hebben met Chelsea. Het is geen opzet”, aldus de zaakwaarnemer, die zei niet officieel te zijn ingelicht over veranderingen van rugnummers.

Mourinho, die vaker hard optrad als spelers of hun zaakwaarnemers aanmerkingen hadden op zijn beleid bij Chelsea, wachtte de uitleg van Gallas niet af. „Ik ben niet de enige die ontstemd is”, zei de Portugese manager. „Iedereen is boos, omdat we een sterke familie waren, een sterke groep hadden. Hij heeft een gebrek aan respect getoond en daar houd ik niet van.”