Diplomatieke vooruitgang bij VN

Terwijl de oorlog in Israël en Libanon voortduurt, onderhandelen diplomaten in New York over een oplossing. Maar onzeker is of de strijdende partijen een akkoord zullen respecteren.

De diplomatieke pogingen om een eind te maken aan de oorlog in Libanon en Israël hebben de afgelopen dagen enige vooruitgang geboekt. Na intensief overleg bij de Verenigde Naties in New York zijn Frankrijk en de Verenigde Staten, die over de aanpak van de crisis van het begin af aan al van mening verschillen, nader tot elkaar gekomen.

Maar onduidelijk is nog wanneer ze in de VN-Veiligheidsraad een resolutie in stemming kunnen brengen die oproept tot beëindiging van het geweld. En evenmin is duidelijk of de betrokken partijen in het Midden-Oosten bereid zullen zijn gehoor te geven aan zo’n resolutie.

De Verenigde Straten brengen in het overleg de positie van Israël naar voren, waarmee minister Rice van Buitenlandse Zaken intensief overlegd heeft. De Franse minister van Buitenlandse Zaken staat in contact met de Libanese regering, waar Hezbollah zitting in heeft, en heeft ook gesproken met Iran, een belangrijke steunpilaar van Hezbollah.

Sinds de terugkeer van Rice uit het Midden-Oosten, begin deze week, zijn de Amerikanen en de Fransen in onderhandeling over een oplossing waarbij een staakt-het-vuren wordt verbonden aan een oplossing voor de lange termijn, waar Washington steeds op aangedrongen heeft. Onderdelen daarvan zijn ontwapening van Hezbollah, instelling van een bufferzone in het zuiden van Libanon en een stevige internationale vredesmacht.

De diplomaten in New York sturen nu aan op twee verschillende resoluties. De eerste zou begin volgende week in stemming worden gebracht en oproepen tot beëindiging van de vijandelijkheden en alvast de grote lijnen aangeven van een oplossing voor de lange termijn. In een tweede resolutie, die uiterlijk twee weken na de eerste moet komen, worden de bijzonderheden uitgewerkt en de voorwaarden voor een duurzaam staakt-het-vuren. Secretaris--generaal van de VN Kofi Annan zou binnen dertig dagen met een plan moeten komen waarin de precieze grenzen van Libanon worden vastgesteld, ook bij de omstreden Shebaa-boerderijen die Israël bezet houdt.

De Israëlische premier Olmert zei gisteren dat hij pas bereid is een staakt-het-vuren te accepteren, als een vredesmacht al ter plekke is. Maar Frankrijk, dat zich bereid heeft verklaard aan zo’n troepenmacht deel te nemen, voelt er niets voor zich aan deelname te verbinden zolang er geen staakt-het-vuren is.

Nog geen overeenstemming is er over de vraag wat de taak van de stabilisatiemacht eigenlijk zou moeten zijn: ontwapening van Hezbollah, of het toezien op naleving van een politiek akkoord waarbij Hezbollah zich al vrijwillig heeft ontwapend. Washington gelooft dat Hezbollah alleen onder militaire dreiging zijn wapens zal opgeven. Maar voor de landen die overwegen troepen te leveren, is een breed politiek akkoord van essentieel belang.

Een van de mogelijkheden die in New York worden besproken is dat na aanname van de eerste resolutie de huidige vredesmacht Unifil versterking krijgt. Pas na aanname van de tweede resolutie zouden dan de robuustere nieuwe vredestroepen aantreden.

Voor de tweede keer werd gisteren een bijeenkomst afgeblazen van landen die overwegen om troepen voor de vredesmacht te leveren, omdat Frankrijk weigert aan dat overleg deel te nemen zolang het politieke raamwerk van een akkoord nog ontbreekt.