Kardinaal Willebrands (96) overleden

In zijn woonplaats Denekamp is gisteren kardinaal Johannes Willebrands overleden. Hij was van 1975 tot 1983 aartsbisschop van Utrecht, de hoogste functie van de rooms-katholieke kerk in Nederland. Hij is 96 jaar geworden.

Willebrands, die de laatste jaren in het klooster van de Zusters Franciscanessen verbleef, was sinds 3 februari 2005 de oudste kardinaal. „De bisschoppen van Nederland hebben met droefheid kennis genomen van het overlijden van kardinaal Willebrands”, zo reageerde de bisschoppenconferentie vandaag in een verklaring. „Naast droefheid past grote dankbaarheid voor zijn inzet voor de oecumene, de betrekkingen met het jodendom en de eenheid binnen de katholieke kerk.”

Volgens de bisschoppen was Willebrands ervan overtuigd dat de verdeeldheid onder de christenen een ernstige bedreiging vormt van de geloofwaardigheid van het evangelie. „Vele niet-katholieke kerkelijke leiders zullen een oecumenisch gesprekspartner en een persoonlijke vriend gedenken.”

De bisschoppen prijzen de kardinaal om zijn inzet en engagement ten dienste van de wereldkerk. „Met dankbaarheid willen wij een bruggenbouwer van wereldformaat gedenken.”

Paus Paulus VI benoemde Willebrands, die op 4 september 1909 in Bovenkarspel werd geboren, in 1975 tot aartsbisschop van Utrecht om rust te brengen in de Nederlandse kerkprovincie, waar de bisschoppen in onderlinge problemen waren verwikkeld. De gelovigen ontvingen hem met gemengde gevoelens, omdat hij nau-welijks ervaring had met de parochie-zielszorg.

In feite was het werk van aartsbisschop een ‘bijbaan’ voor Willebrands. Hij combineerde de functie met zijn voorzitterschap van het Secretariaat voor de Eenheid van de Christenen, dat in het Vaticaan zetelt. De dubbelfunctie had tot gevolg dat Willebrands, die in 1934 tot priester werd gewijd, ging pendelen tussen Nederland, het Vaticaan en de rest van de wereld.

Zijn loopbaan in dienst van de christelijke eenheid wordt door ingewijden „zeer opzienbarend” genoemd. Willebrands was „een kardinaal van de wereldkerk”.

willebrands:pagina 2