Drama op zee

Het nieuws over hen haalt de kranten nauwelijks nog, behalve als het uitzonderlijk dramatisch is, of op een andere manier bijzonder. Zoals zondag, toen een boot met 88 vluchtelingen aanspoelde op het strand van het Canarische eiland Tenerife. Toeristen hielpen de verzwakte opvarenden aan eten en drinken, voordat de politie hen opbracht. Elders op Tenerife klaagden toeristen over het besmettingsgevaar dat de bootjes van de vluchtelingen opleverden.

En altijd zijn er minder fortuinlijke immigranten die verdrinken. ,,Als dode vissen uit vergiftigd water’’, zoals de Maltese minister van Binnenlandse Zaken Tonio Borg vorige week zei, toen hij het menselijke drama beschreef datzich nu al tijden afspeelt aan de zuidkant van Europa.

Dat was in Brussel tijdens een bijeenkomst van de Europese ministers van Binnenlandse Zaken, die een deel van hun reguliere vergadering besteedden aan het probleem van de aanhoudende stroom, veelal illegale, migranten die Europa over zee proberen te bereiken. De cijfers zijn om moedeloos van te worden. Malta kreeg dit jaar reeds 1.200 migranten te verwerken. Op zichzelf nog een bescheiden aantal vergeleken bij de tienduizend uit Afrika afkomstige mensen die Spanje bereikten via de Canarische eilanden, maar weer niet zo bescheiden als het wordt afgezet tegen de 400.000 inwoners die Malta telt. Bij het Italiaanse Lampedusa stond de teller volgens minister van Binnenlandse Zaken Amato voor dit jaar op 9.500, terwijl zijn Griekse collega Polydoras het had over gemiddeld 500 illegale migranten per week.

Gemakkelijke oplossingen voor dit immense probleem bestaan niet, snelle evenmin. Wel zal er aan gezamenlijke oplossingen gewerkt moeten worden; het gaat om een verantwoordelijkheid van heel Europa. Veel te lang hebben de verder van de Middellandse Zee gelegen lidstaten van de Europese Unie de andere kant opgekeken. Sinds kort is er een Europees agentschap voor het beheer van de buitengrenzen, maar nog altijd wachten de lidstaten in het Middellandse-Zeegebied op adequate hulp bij het bewaken van hun kustwateren. Hulp aan de Canarische Eilanden, in de vorm van patrouillevaartuigen, werd nu al twee maanden geleden toegezegd. Volgende maand op zijn vroegst zullen de eerste niet-Spaanse schepen operationeel kunnen worden.

Er zou al heel wat gewonnen zijn als Europa meer gevoel van urgentie zou uitstralen. Daar hebben de landen die nu alle migranten als eerste krijgen te verwerken recht op. Vervolgens is het dringend noodzakelijk dat Europa een eerlijk debat gaat voeren over legale migratie. Maar ook dan moet niemand de illusie hebben dat het probleem van de illegalenstroom daarmee zal kunnen worden uitgebannen. Daaraan ligt immers een structurele oorzaak ten grondslag die de Nederlandse econoom Jan Tinbergen reeds in de jaren zestig glashelder tegenover zijn studenten uiteen wist te zetten als het in zijn colleges ging over de noodzaak van ontwikkelingshulp en het bestrijden van armoede. ,,Want’’, zei hij, ,,als wij het niet brengen, komen zij het wel halen’’. Dat is precies wat er nu gebeurt.