Het is alsof gokken niet mag

De staat richtte Holland Casino op om uitwassen van het gokken te beteugelen.

Maar het casino heeft ambities en moet winst maken. „Je stuurt klanten niet te snel naar huis.”

Vraag directeur Henk Kivits van Holland Casino naar de toekomst van zijn bedrijf en zijn ogen gaan stralen. Hij praat over theaters, bioscoopzalen en winkels. Allemaal onder één dak, geëxploiteerd door Holland Casino. Geen „louche speelhol”, maar een „resort” waar je met een voldaan gevoel weer vertrekt. Mijmert hij nog verder, dan is Nederland te klein. „Casino’s in het buitenland exploiteren. Dat willen wij wel.”

Al moet eerst de Nederlandse markt „volledig” bediend worden. Nederland telt nog „witte vlekken”, stelt Kivits. Als je in Zeeland woont, moet je helemaal naar Rotterdam of Breda voor legaal gokvertier. Uitbreiden dus. Want het mag een „bijzonder product” zijn dat het aanbiedt, Holland Casino ziet zichzelf als een normaal bedrijf.

Maar zo gewoon is Holland Casino niet. Het is een staatsbedrijf. De staatssecretaris van Financiën is de ‘enig aandeelhouder’. Winst? Die stroomt jaarlijks naar de staatskas. Expansie? Alleen als de minister van Justitie vindt dat het land toe is aan nog een casino.

Zo probeert de overheid het gokken te beteugelen. Het spelen zit in de mens, maar gokverslaving en criminaliteit ook. Dus moet je gokken niet aan de vrije markt overlaten. Daarom werd in 1974 de Nationale Stichting tot Exploitatie van Casinospelen in Nederland opgericht, die in 1976 haar eerste legale casino opende. Inmiddels zijn er dertien vestigingen, werken er 4.500 mensen, stromen er jaarlijks 250 miljoen vergokte euro’s de schatkist in en staat de monopoliepositie als het aan de overheid ligt, niet ter discussie.

Maar Holland Casino ligt onder vuur. Er zijn verhalen. Over criminelen die er hun zwarte geld witwassen. Over het verslavingsbeleid dat niet zou werken. Er zijn incidenten. Een boekhouder die miljoenen van zijn baas verduisterde en ze vergokte in het casino.

En er zijn rechtszaken. Buitenlandse casino’s die de markt willen betreden en bij de rechter de monopoliepositie van het staatscasino aanvechten. En Brussel die dat steunt.

Holland Casino is het bedrijf van de voortdurende spagaat. „Justitie wil een restrictief beleid. Maar het ministerie van Financiën heeft natuurlijk wel rendementseisen”, zegt advocaat Justin Franssen, gespecialiseerd in de gokindustrie. Rechtsocioloog Nick Huls zei in zijn oratie in 2004: „De overheid kan niet een restrictief gokbeleid uitdragen en tegelijkertijd met een groeiend aanbod van kansspelen de staatskas (...) spekken.” Er is altijd dat gevoel dat gokken eigenlijk niet hoort, verzucht directeur Kivits.

Woensdagavond in het casino in Amsterdam. Eerst paspoort laten zien. Geen entreegeld, vanavond is gratis, „met één drankje.” Verderop staan rijen gokautomaten. Oude vrouwen grabbelen de muntjes uit de plastic bakjes die ze voor zich hebben staan. Met apathische toewijding duwen ze de muntjes in de machines. De Megafireworks, Dreammaker, Magic Wheels en Isle of Fun rinkelen onophoudelijk. Af en toe hoor je een flard achtergrondmuziek. Dan klinkt er weer ergens een bel.

Boven is de speelzaal. Hier draait het casino om. Alleen Holland Casino mag tafelspelen aanbieden. Dat is het onderscheid met gokhallen, die zich ook ‘casino’ noemen. Daar tref je tafelspelen als blackjack, punto banco en roulette met echte croupiers, fiches en speelkaarten niet aan. Hier hoor je alleen gezoem van stemmen en af en toe een kreet van emotie.

Aan de blackjack-tafels is het druk. Zo gezellig als in de reclame is het nog niet. „Je lacht helemaal niet”, verwijt een jongen de vrouwelijke croupier. Hij zit aan de hoek van de tafel. Zijn vriendin staat achter hem. Af en toe snauwt ze wat, als hij verliest. Hij lacht zelf ook niet. „Als ík ga lachen, krijg je een rare sfeer”, antwoordt de croupier.

Wanneer gaat het goed met Holland Casino? Als gokkers veel geld verliezen en de staat er dus veel aan verdient? Als elke klant honderden euro’s uitgeeft, maar wel plezier heeft gehad? De taak die Holland Casino van de overheid gekregen heeft: het tegengaan van gokverslaving en het tegengaan van criminaliteit. Holland Casino noemt dit in haar jaarverslag een „complexe opdracht”. „Enerzijds moet de organisatie winstgevend opereren. Anderzijds dient de markt terughoudend te worden benaderd.” Vorig jaar ontving de staatskas ruim 256,6 miljoen euro van Holland Casino – winst en belastingen. Er kwamen 6.449.000 bezoekers, ofwel 73.000 meer dan in 2004. Alleen gaven ze minder uit per bezoek, gemiddeld 106 euro. Volgens Holland Casino verdiende het minder, omdat het vertrouwen in de economie gering was. Maar tegelijk heeft minister Donner (Justitie) besloten dat het staatscasino minder reclame mag maken. In het jaarverslag 2005 staat ook: „Het intensieve preventietraject heeft opnieuw geresulteerd in een stijging van het aantal bezoekbeperkingen en entreeverboden.”

Holland Casino heeft er niets aan om iemand leeg te spelen, zegt directeur Kivits. „Wij hebben liever dat je tien jaar komt, niet in de problemen raakt en elk jaar een paar honderd euro uitgeeft, dan dat je één keer komt, duizend euro uitgeeft, in de problemen raakt en nooit meer komt.”

In theorie herkent het personeel verslavingssymptomen (zweten, niet eten en drinken tijdens het spel, volledig afgesloten zijn) en grijpt het in. Lijkt iemand een probleemspeler te zijn, dan vult het personeel een formulier in. De receptie zoekt uit wie de probleemspeler is. Ze noteren hem voor een ‘gastheergesprek’ bij volgend bezoek. Gaat het goed? Zijn er problemen? Het personeel wijst op een mogelijke bezoekbeperking of een entreeverbod.

Ook verwijzen ze naar professionele hulpverlening – de ideale situatie, zegt Kees Bakker. Hij verliet Holland Casino in mei 2003 na dertien jaar. Met ruzie, daar is hij duidelijk over. Sindsdien vertelt hij overal dat het verslavingsbeleid van zijn voormalig werkgever niet werkt.

Neem de 38-jarige W., restauranthouder, naar eigen zeggen. In zes jaar kwam hij meer dan 700 keer in het casino. Hij rende van tafel naar tafel. Tijd om te eten of drinken nam hij niet. In totaal gingen er miljoenen doorheen. „Er hing een raar sfeertje om die man”, zegt Bakker. Dus spraken ze hem wel eens aan. Maar dat vond W. niets. En dus kreeg Bakker naar eigen zeggen van „hogerhand” te horen dat ze de man met rust moesten laten. Tot de man in 2004 werd gearresteerd. Hij bleek boekhouder te zijn. Zijn miljoenen kwamen van zijn baas, auto-importeur Subaru. In vier jaar tijd had hij 23 miljoen euro verduisterd en vergokt. Hij werd veroordeeld tot drie jaar cel.

Het verslavingsbeleid deugt niet, zegt Bakker. „We moesten W. met rust laten. Hij bracht geld in het laatje. Je stuurt je beste klant niet te snel naar huis.” Kivits verdedigt het preventiebeleid. „We hebben W. vaak aangesproken. Hij deed altijd voorkomen dat hij het zich kon permitteren.” Hij had „een goed verhaal”.

Holland Casino hoeft niet te weten waar spelers hun geld vandaan hebben. Alleen winst wordt geregistreerd. Ideaal voor criminelen, zegt Bakker. „Af en toe fors verlies vindt een crimineel niet erg. Als hij ook maar wat wint en zo een ‘legaal’ vermogen creëert.” De winst kan door Holland Casino worden overgeboekt naar een bankrekening. Speelwinst, staat er dan bij de overboeking. Je komt met zwart geld binnen en gaat met witte winst naar huis.

Ook de Pakistaan Asif M.. zit nu vast, op verdenking van het witwassen van ruim 1 miljoen euro bij Holland Casino. Hij zou drugshandelaar zijn. Bij huiszoeking wilde justitie het geld in beslag nemen. Ho, ho, dat is speelwinst, zei hij. En hij kon tientallen overboekingen laten zien van Holland Casino. Het openbaar ministerie heeft Kees Bakker gehoord als getuige in deze zaak.

Witwassen, zegt Kivits over Asif M.? „Onzin. Het was gewoon spelwinst.” En, zegt Kivits, de belastingdienst vraagt toch wel waar al dat geld dat je inzet, vandaan komt.

Het Franse bedrijf Compagnie Financière Regionale vroeg vorig jaar een vergunning aan om een casino te openen in Bergen op Zoom, maar kreeg die niet. Ten onrechte, oordeelde de rechter in Breda. Want, zei de rechter, een monopolie mag wel, maar die inbreuk op het wettelijke ‘vrij verkeer van diensten’ mag slechts als het onderdeel is van consistent beleid. En dat is het niet, zei de rechter. Hij wees op de „intensieve reclamecampagne”, zoals de sponsoring van de Eredivisie voetbal. Het bedrijf mag uitbundig reclame maken voor zijn diensten, stelde hij. En dat is vreemd. De overheid is in beroep gegaan bij de Raad van State.