Gemeentemuseum verkoopt in stilte

Het Haags Gemeentemuseum heeft vorig jaar in stilte een doek van de Russische schilder Ilja Ivanovitsj Masjkov verkocht. Still life with Flowers van Masjkov, een schilder net onder de absolute top, bracht op een veiling in Londen 3,3 miljoen euro op.

Dit meldt het opinieweekblad HP/De Tijd deze week. Volgens het blad heeft het gemeentemuseum zich niet gehouden aan de LAMO, de leidraad voor het afstoten van museale objecten. E. Schrage, hoogleraar privaatrecht aan de Universiteit van Amsterdam, spreekt in HP/De Tijd van „een onbehoorlijke gang van zaken”. T. Eliens, hoofd collecties van het museum, zegt in een reactie: „We hebben ons keurig aan de LAMO-norm gehouden.”

Het Haags Gemeente Museum hield vorig jaar maart een depotveiling, waarbij ook een doek van de onbekende I. Mackoff werd aangeboden voor ongeveer 1.000 euro. Overeenkomstig de LAMO-norm waren alle stukken eerst om niet aangeboden aan collega-musea, die geen interesse toonden. Tijdens de kijkdagen ontdekte Sotheby’s dankzij Russische bezoekers dat het van Masjkov was.

Het werd teruggetrokken en vervolgens in december aangeboden op een veiling, met een richtprijs van 450.000 euro. Had het niet eerst opnieuw aangeboden moeten worden aan collega-musea, nu als een Masjkov? „Nee”, zegt Eliens, „we wisten nu wel dat het niet om een onnozel werk ging, maar we hadden geen idee dat het 3,3 miljoen euro zou opbrengen. Sotheby’s trouwens ook niet.” En achteraf? „Als we dit wel hadden geweten – als, als – dan waren we misschien in gewetensnood geraakt – in de zin dat we dan wellicht een andere afweging hadden gemaakt.”

Dat bij de veiling het Gemeentemuseum niet als verkoper is genoemd, is volgens Eliens een fout van het veilinghuis: „Dat heeft niets te maken met geheimhouding.” Het museum heeft de verkoop ook niet openbaar gemaakt, om volgens Eliens commerciële redenen: „Als marktpartijen weten dat je zo een groot bedrag in je aankoopfonds hebt gekregen, verzwakt dat je positie als koper.”

Het is onduidelijk hoe het komt dat het schilderij, dat in 1935 is geschonken door een particulier, nooit is herkend als een topstuk. Eliens: „Het is altijd een depotstuk geweest, onder alle directeuren. Overigens hebben alle conservatoren van de grote musea het doek gezien en niet herkend als groot.”

In Nederland zijn schilderijen uit de vroege Russische avant-garde schaars. Ilja Ivanovitsj Masjkov (1884-1944) deed in 1910 mee aan de geruchtmakende eerste tentoonstelling van de groep ‘Ruitenboer’, jonge avant-garde kunstenaars in Moskou onder wie Larionov en Gontsjarova en Malevitsj.