Korte broeken

2 Dan maar de oude vertrouwde bermuda mee. Maar wat lees ik in de modepers? „De bermuda is dit jaar van fijn katoen en keurig glad gestreken.” Moet het reisstrijkijzer dus ook in de bagage. Ach ja, nog maar eens twee of drie tientjes erbij voor zo’n apparaat. De bermuda moet wel in een neutrale tint, niet in een feestkleur, lees ik ook nog. Zit wat in.
2 Dan maar de oude vertrouwde bermuda mee. Maar wat lees ik in de modepers? „De bermuda is dit jaar van fijn katoen en keurig glad gestreken.” Moet het reisstrijkijzer dus ook in de bagage. Ach ja, nog maar eens twee of drie tientjes erbij voor zo’n apparaat. De bermuda moet wel in een neutrale tint, niet in een feestkleur, lees ik ook nog. Zit wat in.

1Die ga ik kopen, dacht ik toen ik in de vroege zomer de eerste driekwartsbroeken zag verschijnen in het straat- en strandbeeld. Alleen de gespierde kuit vrijgeven aan de buitenwereld en verder al het witte beenvlees keurig bedekt houden, dat is een mooie vondst van de designers. Maar helaas: „Als je maar niet met zo’n vreselijke driekwartbroek thuiskomt”, riep mijn vriendin nog voor ik er één had gekocht. „Dan kom je er niet meer in. Zo’n flauwe compromisbroek!” Tja, die gaat dus maar helemaal onderin de koffer.

2Dan maar de oude vertrouwde bermuda mee. Maar wat lees ik in de modepers? „De bermuda is dit jaar van fijn katoen en keurig glad gestreken.” Moet het reisstrijkijzer dus ook in de bagage. Ach ja, nog maar eens twee of drie tientjes erbij voor zo’n apparaat. De bermuda moet wel in een neutrale tint, niet in een feestkleur, lees ik ook nog. Zit wat in.

3De oude vertrouwde sportbroek kan ook mee. Niet altijd even charmant, want de hoeveelheid vlees en haar die getoond wordt, wordt wel groot. Maar het mag van de designgoeroes. De Belg Dries van Noten heeft er zelfs een met bloemenprint gemaakt.

4Maar ja, dan moet toch echt een ontharingsmiddel mee. Helaas zijn mijn benen te weelderig begroeid. Tijdens de WK Voetbal heb ik geen voetballer meer gezien met weelderig begroeide benen, zoals ze er nog waren in de jaren zeventig. Gespierd en glad, dat is duidelijk het schoonheidsbeeld in het tijdperk van de metro- en de überseksueel. Maar hoe onthaar ik? Dat wordt kiezen tussen gewoon scheren met traditioneel mes en spuitbus, de Veet-crème kopen (doen alsof het voor mijn vriendin is). Of nog even naar de schoonheidsspecialiste voor de vakantie.

5Maar wil ik dat ontharen wel? Even een paar beschrijvingen lezen en ik hoef niet meer. De pijn bij deze marteling en grote kans op ingegroeide haren, ontstekingen en rode vlekken. Hmm, daarom ook zeker de linnen broek inpakken, voor elke stap die ik buiten de campinggrenzen zet. De veel stijlbewustere Fransen hoef ik dan niet te choqueren door mijn onderstel in al zijn naaktheid te exposeren. En ach, een wijde linnen broek is toch veel verkoelender dan een korte broek.

Daan van Lent