Johnny Cash wordt postuum ‘cash cow’

Tupac Shakur, Jeff Buckley; Eva Cassidy; de marktwaarde van een dode popster is groot.

Maar nieuw uitgebracht oud werk is vaak ondermaats. De dode artiest is vogelvrij.

Johnny Cash is dood maar zijn muziekproductie is groter dan ooit. In de drie jaar sinds zijn overlijden verschenen er een cd met duetten van Johnny en vrouw June, een cd-box met 49 onuitgebrachte liedjes (Unearthed) en een live-cd met ook nog wat onbekende tracks. En nu is er zelfs een vijfde deel van de American Recordings-serie, die Cash in 1994 begon in samenwerking met producer Rick Rubin: A Hundred Highways.

A Hundred Highways is in alle opzichten een waardige afsluiting. Net als op deel IV (The Man Comes Around, 2002) klinkt Cash’ stem zo bibberig als een riet in de wind. Het is een stem die de dood probeert af te wenden door te blijven praten. En zo is het ook gegaan. Toen Cash al bijna niets meer kon, bleef hij zingen. De muzikanten kwamen naar zijn huis aan het meer in Henderson, Tennessee, en zoon John Carter Cash verzorgde de techniek. Ze speelden oude liedjes, liedjes van Cash zelf, en een enkele bekende hit, zoals op de cd te horen: If You Could Read My Mind (van Gordon Lightfoot) en Further Up On The Road (Bruce Springsteen). Rick Rubin zat thuis in Los Angeles, en juist toen Cash naar hem toe zou komen voor de afronding, overleed hij.

Dit testament zou een toepasselijk sluitstuk zijn voor Cash’ cd-carrière. Maar de platenindustrie zou nooit zo rijk en machtig zijn als ze daar geen andere opvattingen over had. Er wordt rustig doorgespit naar onuitgebracht werk. Van Johnny Cash schijnt zelfs nog een American Recordings VI in de maak te zijn. Wordt Johnny Cash nu Johnny Cash Cow?

Want de marktwaarde van een dode popster is groot. Van Tupac Shakur, Biggie Smalls, Jeff Buckley of Eva Cassidy (pas beroemd na haar dood) verschijnen regelmatig ‘nieuwe’ opnamen. De meest curieuze bedrijfstak van deze business is de afdeling ‘onverwachte duetten’. Hier worden dode sterren samengebracht met levende: Nat King Cole met dochter Nathalie, Bob Marley met Lauryn Hill, of Frank Sinatra met Bono Vox – daar kun je je nog iets bij voorstellen. Maar er worden ook combinaties gemaakt waarvan je zeker weet dat de betrokken artiest er bij leven nog niet dood gevonden had willen worden.

Zoals het duet Ghetto Gospel (2004), van Tupac Shakur en Elton John. Heeft Tupac-fan Eminem – die het produceerde – zich ooit afgevraagd hoe de New Yorkse gangsterrapper Tupac (doodgeschoten in 1996) het had gevonden om in één adem genoemd te worden met een blanke Britse homoseksuele popzanger, laat staan een liedje met hem te zingen?

Op dit moment wordt er gewerkt aan een film over het leven van Jeff Buckley (overleden in 1997), en een over Joy Division (zanger Ian Curtis pleegde zelfmoord in 1980). Bovendien is Tupac komende september tien jaar dood. Hoeveel ‘nooit eerder uitgebrachte opnamen’ en andere verrassingen zullen er rond de festiviteiten weer opduiken?

Voor fans is het interessant om iemands hele oeuvre te kunnen horen. Maar het gaat hier om opnamen die door de platenmaatschappij zijn uitgebracht zónder goedkeuring van de betreffende artiest. Had Kurt Cobain ingestemd met de single-release van het ondermaatse You Know You’re Right; John Lennon met het samenraapsel Free As A Bird? Zou Johnny Cash zijn allerbreekbaarste momenten met het publiek willen delen?

De dode artiest is vogelvrij. Het is de platenmaatschappij die moet beoordelen of een snipper muziek geschikt is voor release. Daarbij is het de vraag of het een volwaardige opname betreft, of een voorstudie. In het laatste geval is het uitbrengen van zo’n ‘vondst’ te vergelijken met de publicatie van je eigen dagboekkrabbels, door buitenstaanders. Je moet er toch niet aan denken.

Johnny Cash: American Recordings V. A Hundred Highways (Universal)